|
|
|   |
Column 'Groeten uit Berbroek' - Columns 560 t.e.m. 569
569. Foton van geluk (dinsdag 27 maart 2012)
04.45 uur
"Zeg eens Leopold, hoe kan ik gelukkig zijn?" vragen ze me meer en meer.
Sommigen overdrijven en voegen er 'écht' bij. Twintigers, dertigers, maar
ook veertigers, vijftigers en zestigers waarmee ik regelmatig een stapje
in de wereld zet. Ik ben natuurlijk Michel de Montaigne niet of een Alain
de Botton, maar een man zoals ieder ander die met zijn hoogsteigen stem
een eigen Gregoriaans lied probeert te zingen. Maar als de vraag over
geluk op het strand van mijn oorschelpen aanspoelt, denk ik graag aan
wijlen troubadour Toon Hermans die met zijn laatst opgenomen cd 'Ik zing
van het leven' het gelukkige leven onwaarschijnlijk onsterfelijk heeft
samengevat. In zijn liedje 'Jam' vertelt hij met een glimlach over onze
rijkdom die aan het decadente grenst. Een rijkdom die alle mogelijke geluk
zou moeten kunnen insluiten en bovendien degelijk zou moeten onderhouden,
maar ondanks 'vijfentwintig soorten jam', vinden we het geluk niet. En
vragen we ons bijna dagelijks af hoe we gelukkig kunnen worden en zijn.
Ooit werd God ingeroepen als de verborgen zin en de waarborg van geluk, en
hier en daar zal er wel een niet-pedofiele priester zijn die zich met zijn
goddelijke queeste gelukkig prijst of een soeur sourire die de benen
toegeklapt houdt als een papaver bij nacht. Maar God is niet meer. Net
zoals deze Vader hebben alle vaders van religies de aarde verlaten en
spinnen ze garen op planeten die geen Hubble kan ontdekken. Stilaan heeft
de verstaanbaarheid en de redelijkheid zich van alle mensen op aarde
meester gemaakt. Ze zoeken nu zelf naar de logos of het evenwicht, de rede
of de ratio van de immanente rechtvaardigheid in het verlangen én de hoop
dat hij erkend zal worden en dus zal verkrijgen wat hem toekomt. Het doet
me denken aan een kort gedicht dat ik in september 2004 schreef en dat ik
hier graag toevoeg om mijn momentane gedachte te voorzien van een
kattenbelletje:
Zoveel eenvoudige mensen
Zouden doodgewoon gelukkig zijn
Zo ze simpelweg
Het respect zouden krijgen
Hetgeen ze werkelijk verdienen
En met deze poëtische woorden spring ik als een kangoeroe naar de lieve
dichteres Annie Reniers die me ooit toevertrouwde dat geen leven zin heeft
zonder project. Of anders gesteld: dat een leven maar zin heeft als je een
project hebt. Wie haar gedichten leest zal deze gedachte als een waterbron
herontdekken en ook het geluk dat ze op haar hoogsteigen manier naar de
lezer brengt. Wie inspiratie zoekt kan heilzame kracht vinden in onder
meer haar bundels, 'Stemmen', 'Zoals het aanreiken van een zon',
'Luchtgeest' of 'Buitensporig licht'. Leven, project, zin... de zin van
het leven ligt in de innerlijke zekerheid dat alles, wat waarachtig is,
eens zal doorbreken omdat het bijdraagt tot het algemene leven. De
betekenis verkrijgt een individu door zijn aanzien, door zijn positie en
door de bijval van zijn persoon en zijn werkzaamheid bij anderen – en dat
is iedereen in zijn omgeving. De zin ligt enkele kosmische mijlen verder
dan de betekenis. Die beweegt en richt zich naar de postume toekomst en
het verre verleden. Want wie zich in de toekomst projecteert, creëert een
verleden. Vroeg of laat. In die 'zin en betekenis' zit een sprankeltje
geluk. Geluk dat zich kan ontwikkelen of er plots is. Geluk is als een
foton. En wat een foton precies is, beschrijft Sandro Veronesi magistraal
in zijn boek 'Kalme chaos'. Om meteen mee te zijn: wanneer een atoom van
de ene toestand in een andere overgaat, zendt het een lichtdeeltje uit,
foton geheten. En voor de overige gelukzalige lectuur verwijs ik naar
Veronesi zelf. Deze schrijver uit Firenze brengt me meteen naar het geluk
van het lezen. Vaak antwoord ik op de vraag "Zeg eens Leopold, hoe kan ik
gelukkig zijn?" met, "Lees boeken!"
Wie boeken leest en zich (op termijn) een weg baant in het rijk der boeken
zal enerzijds een duurzaam project opstarten, maar tegelijk in de wondere
wereld van het geluk binnentreden. En het gaat hier niet om een paar leuke
boeken aan te schaffen en van alfa tot omega achter de kiezen te slaan,
maar voor de verdieping van het leven en al lezend voor de kennis op alle
gebieden. Boeken lezen moet gebeuren zoals bijen leven. Zoemend van boek
naar boek en overal nectar opsnuiven, soms een vleugje, plots een shot die
hallucineert, al eens een overvloed zodat je zo vol als een ei weer verder
vliegt. Geloof me. Er zijn geen honderd beste boeken of auteurs. Ook geen
duizend. Boeken zijn zoals vrienden. Je moet ze zelf zoeken en vinden. En
dan is het met lezen zoals met ieder ander genot: het zal steeds groter en
duurzamer zijn, inniger en liefdevoller. Je aura zal stralen van geluk en
innerlijke rust en welbehagen volgen als een schaduw. Wie zich op termijn
een heilzame bibliotheek weet te verzamelen zal een tastbaar geluk in huis
halen. Hetzelfde kan misschien worden gezegd van muziek. Ik heb vrienden
die van Mahler genieten zoals ik van José Saramago. Van Radiohead zoals ik
van Hermann Hesse. Ach, geluk. Het is zo complex en eigenlijk zoals een
foton. Geluk is ook zo persoonlijk en ongrijpbaar. Maar geluk is niet
willekeurig en toevallig. Ik ben ervan overtuigd dat je het kunt maken,
kunt voorbereiden. Ik wil het alleszins niet omschrijven zoals Michel de
Montaigne in zijn 'Essays' waarin hij beweert, "Men kan pas na onze dood
over ons geluk oordelen". Ik wil mijn geluk nu proeven zoals elke dag
nippen van een fles pinot gris. Dus: elke dag een duik in een boek.
Ik besluit deze gelukzalige ochtendcolumn met Hermann Hesse:
"Boeken zijn er niet om mensen die niet in staat zijn om te leven, een
goedkoop en bedrieglijk surrogaatleven te verschaffen. Integendeel, boeken
hebben pas waarde, als ze naar het leven voeren en het leven dienen en er
nuttig voor zijn, en ieder leesuur is verspild, waaruit niet een vonk van
kracht, een besef van verjonging, een zweem van nieuwe frisheid voor de
lezer ontstaat."
06.16 uur
Filosofische inspiratiebron:
. De kosteloze vrijheid, Leopold Flam
TIP:
Bezoek nog (gratis) tot 22 april 2012 Flamboyant, een documentaire
tentoonstelling over leven en werk van de filosoof Leopold Flam
(1912-1995) in het Archief en Museum voor het Vlaamse leven te Brussel
(Arduinkaai 28, 1000 Brussel – 02 209 06 01, www.amvb.be)
568. Leve Foefie (dinsdag 20 maart 2012)
05.13 uur
Toen ik lief en vrolijk Leentje vroeg naar een pikant detail van haar
onvergetelijke cruise die ze afgelopen week beleefd had, vertelde ze met
een uitbundige lach en een zekere verontwaardiging dat ze een oude 'foef'
had gezien. Ze keek de verfronselde kut recht in de ogen toen ze op het
dek een uiltje aan het knappen was. Een oude tante in minirok scheerde
voorbij en zeebries en frivoolheid deden de rest. Een belevenis? De oude
vrouw was zeker niet in verval! Geen fossiel overblijfsel van een
geschiedenis. Geen zogenaamde prehistorie met een mythologisch tintje.
Geen wilde uit een vergeten cultuur waarvan de geschiedenis beëindigd is
door een zekere innerlijke ontwikkeling. De oude vrouw was misschien wel
intens gelukkig ondanks haar ouderdom en schijnbare gelatenheid. Mogelijk
zelfs authentiek gelukkig, zo te zien!
Het authentieke geluk karakteriseert zich immers door de mogelijkheid van
een realiteit om hervormd te kunnen worden, wat haar groeiproces is. Het
geluk van een individu ligt in zijn groei. A tempo het kind, jongeling,
meisje, man-vrouw in de erotische betekenis. De ouderdom is veelal en voor
meer dan 99 procent van de mensen een stilstand van het groeiproces, zodat
de enkeling in een situatie geraakt van fossielen en zogenaamde
prehistorische verschijningen met uiteraard een zweem van kalmte en
wijsheid, berusting en gelatenheid. Gelukkig kunnen deze letterlijk en
figuurlijk oude mensen niet zijn, ook al denken ze dat. Zich gelukkig
voelen en zelfs bevinden, is nog niet 'gelukkig zijn'. We kennen de oudjes
die gelukkig zijn. Uiterlijk stelt het zich in ideale omstandigheden voor
als een objectief en sociaal welslagen. Oudjes met een huisje, tuintje,
auto en goud aan de vingers. Innerlijk als een lichamelijke gezondheid en
geestelijke ontwikkeling. Maar ze leven met een hoorbare stilstand en ze
zijn getransformeerd naar een zekere neutrale toestand zoals de wijsheid
van de berusting! Hun wijsheid is daarom vaak bitter, hoe glimlachend ze
ook mag zijn!
Niet de oude tante op deze Middellandse Zee cruise, die weliswaar een
beetje gek op het dek in minirok zonder lingerie flaneert. Haar beide paar
lippen geëpileerd en haar gedrag zo flamboyant als Mozart op een piano.
Zij, de oude taart heeft zich losgerukt uit de massa grijze en zwarte
schapen die blaten bij elke wolk die aan de hemel verschijnt, die mekkeren
wanneer de wind een toontje lager zingt en die ronduit protesteren als de
zon voor schaduw zorgt. Niet Foefie, de oude foef. Zij heeft zich opnieuw
opgehesen zoals de zeilen van een avontuurlijke schoener. Zij heeft haar
diepzinnige wijsheid, berusting en gelatenheid aan de kant geduwd en als
een pakketje in de handen van de beste stuurlui aan wal gegeven. Op volle
zee is de oude vrouw weer tot leven gekomen en zij groeit er met elke
zeemijl die het cruiseschip aflegt, zij gilt bij elke knoop dat de
kapitein sneller vaart en zij geniet bij elke bries die haar kale kutje
streelt.
Puur authentiek geluk, a teneris en ad infintum. Ik zou durven beweren dat
Foefie zoals een Fenix opnieuw uit haar as herrezen is. Dat ze ook de
liefde zoals in een goede oude ridderroman opnieuw wil beleven als hét
geluk van de werkelijke mogelijkheid tot groei en vernieuwing. Geluk dat
leidt tot hervorming en omwenteling. Misschien maar tijdelijk. Ik ken
Foefie niet. Maar ik waardeer haar gedrag en ik aanbid de liefde in al
zijn vormen en gedaanten. De liefde die door talrijke pantheïstische
dichters beleefd wordt als de schenkende en liefhebbende kosmische
stuwing. Zij is het wederzijds geluk van man en vrouw. Ach Foefie, zij
keert de rug toe aan de vaste en eeuwige sociale orde. Zij roeit tegen de
stroom in van het onveranderlijke en schijnbaar onhervormbare, het
ontnuchterde, het oude en het klamme. Daarom driewerf: leve Foefie!
06.13 uur
Bronnen:
. Filosofie van de eros, Leopold Flam
. De Betekenis, Leopold Flam
Aanrader:
Bezoek nog tot 22 april 2012 Flamboyant, een documentaire tentoonstelling
over leven en werk van de filosoof Leopold Flam (1912-1995) in het Archief
en Museum voor het Vlaamse leven te Brussel (Arduinkaai 28, 1000 Brussel –
02 209 06 01, www.amvb.be)
567. Leopold Flam, 100 jaar! (dinsdag 13 maart)
Jubileumcolumn filosoof Leopold Flam
Donderdag 16 maart 2012 zou Leopold Flam 100 jaar geworden zijn. Maar hij
stierf een filosofische dood op vrijdag 29 september 1995. Het is dan even
stil rond de Vlaamse filosoof die zijn volledige academische carrière aan
de VU Brussel heeft doorgebracht. Van 1998 tot en met 2008 creëert
ondergetekende als autodidact 40 trimestriële tijdschriften Forum+ waarin
de Flam de hoofdrol speelt. Forum+ is een idee dat ab ovo het levenslicht
zag dankzij Jos Liebens, dierbare vriend van ondergetekende. Forum+ wordt
nolens volens dé waakvlam voor de professor en de Forums vinden gretig hun
weg naar een Flambestand dat in tien jaar tijd evolueert van 25 naar 225
fans. Achter de schermen van de onsterfelijke Flam ontwikkelt zich vanaf
2008 een hecht redactieteam met Ivan Cloet, Hubert Dethier, Willem Elias,
Jan Van den Brande en Ann Van Sevenant. Deze opgewekte Flamredactie stelt
op vrijdag 12 maart 2010 in het RITScafé in Brussel het huldeboek voor van
Leopold Flam: een filosoof van gisteren voor een wereld van morgen. En
straks is het ‘morgen’. En dan is er Flamboyant, een documentaire
tentoonstelling over leven en werk van de filosoof Leopold Flam. Op
donderdag 15 april om 18.00 uur wordt Flamboyant tijdens een vernissage
boven de doopvont gehouden. En van vrijdag 16 maart tot en met zondag 22
april existeert expressis verbis de tentoonstelling in het Archief en
Museum voor het Vlaams leven te Brussel.
Je mag stellen dat op een toevallige maar bijzondere wijze de Vlaamse
filosoof Leopold Flam ook postuum zijn stem is blijven houden en zo de
goden oren hebben: ze blijft in dialoog met de welwillende lezer, met
mensen die naar mijn mening nog een eigen stem hebben in deze maatschappij
die bestaat uit slaapwandelaars, verkleurde individuen en onnozelen die
erop los leven in een dolce vita. Maar wie is Flam, Leopold Flam? Ik
scheer heel even over mijn 40 Forum+-uitgaven en grabbel er willekeurig
tien kattenbelletjes uit met vooraanstaande Flam-vrienden. Wie meer wil
weten kan uiteraard de opmerkelijke tentoonstelling gaan genieten.
Grasduinen op mijn website www.leopoldlaarmans.be kan altijd in de rubriek
‘Forum’ waar al de 40 edities digitaal raadpleegbaar zijn.
Let wel: deze jubileumcolumn van Leopold Flam bevat zes bladzijden en
wordt vergezeld van de flyer Flamboyant (in bijlage)!
1.
(Forum+, nummer 23 - 2004)
Leopold Flam werd in Antwerpen geboren op 16 maart 1912. Bij het uitbreken
van de Eerste Wereldoorlog trok het gezin naar Polen. Flam in zijn
dagboek: “Mijn ouders vluchtten naar Engeland, blijven daar niet en gaan
naar Noorwegen, naar Zweden, Rusland en komen zoo in Polen terecht, waar
ik jaren van de ellendigste ellende (in Polen zag Flam twee broers en één
zus sterven) kende, waar ik de bolsjeviki zag en later de Poolsche
strijders.” De moeder van Flam werkte in Warschau als dienstmeid, terwijl
Leopold bij familie, vermoedelijk een zus van moeder Flam, werd
ondergebracht. Hij had tot eind jaren dertig van de vorige eeuw een
Russisch paspoort op naam van Leopold Juda Flamm. De oudst bewaarde
dagboeken in het AMVC-Letterenhuis in Antwerpen verwijzen naar die
spelling van de familienaam en één enkele maal zinspeelt Flam op zijn
tweede voornaam. Er werd Jiddisch gesproken. Toen het gezin Flam terug
naar Antwerpen kwam, vond het een onderkomen in de Leeuwerikstraat in de
oude joodse wijk achter de zoölogie, dichtbij de voormalige fabriek van De
Beukelaer.
2.
(Forum+, nummer19 - 2003)
Leopold Laarmans: Hoe diep graaf je in het werk van professor Flam sinds
je hem kent? Heb je ooit zijn werken verzameld, zijn voordrachten gevolgd
of gebruikt in je lessen. Stond je ooit in rechtstreekse dialoog met de
filosoof?
Hoogleraar en decaan Willem Elias: Allemaal op zijn best. Al in de eerste
kandidatuur was ik de lievelingsstudent. Slechts twee van de tweehonderd
studenten stelden elke les een vraag: een Hollander met pijp en ik. Op het
examen kreeg ik 19 op 20. Daardoor werd ik in de tweede kandidatuur een
nieuwe uitvinding van hem: een assistent-student die discussiegroepen
begeleidde. Al de jaren op de universiteit heb ik Flam gevolgd. Dat zijn
twee jaar klassieke filologie, drie jaar filosofie en twee jaar
moraalwetenschappen. Dat maakt dat ik zeven jaar intensief cursussen van
Flam heb gevolgd. Ik ging hem ook geregeld opzoeken in de
Albertina-bibliotheek. We dronken er samen een koffie. ‘Dialoog’ is
natuurlijk veel gezegd, om er bij Flam een woord tussen te krijgen, moest
je snel zijn. Hij overspoelde me met ideeën voor zijn verhandelingen. Zo’n
gesprek was een shot zuiver enthousiasme. En vermits ik een verwoed
verzamelaar ben, heb ik dus alle denkbare en ondenkbare uitgaven van Flam
in mijn bezit. Zelfs manuscripten en cursussen alsook mijn uniefnota’s van
zijn lessen. Ik ben in het verzamelen van Flam-documenten altijd zeer
extreem geweest en ik ging naar alle voordrachten van hem die ik maar kon
volgen.”
3.
(Forum+, nummer 8 - 2000)
Leopold Laarmans: Durfde je ook ‘opstaan’ tegen hem?
Hoogleraar Annie Reniers: Dat was niet nodig. Ik durfde wel veel vragen
stellen in de cursus. Soms naïeve vragen zoals studenten die vaak stellen.
Hij was altijd dankbaar voor een vraag. Bijvoorbeeld vroeg ik, “Wat is het
verschil tussen eenzaamheid en verlatenheid?”. En natuurlijk wist ik dat
ook. Maar het hem nog eens horen zeggen… En hij was altijd blij dat hij
het nog eens ‘kon’ zeggen. Hij was nooit ongeduldig. Maar tegen hem
opstaan was niet nodig. Hij gaf zoveel mogelijkheden. Zijn cursus was
nooit gericht naar een bepaalde filosoof. Je moest geen marxist worden, je
moest geen Kierkegardiaan worden. Wij vroegen ons altijd af in zijn
cursus, “Staat hij nu meer achter Hegel of achter Kierkegaard of achter
Nietzsche? Waar moeten wij Flam nu zoeken? Want dán kun je tegen hem in
opstand komen. Maar hij was niet voor een of andere filosoof. Zelfs niet
voor een richting. Hij gaf mogelijkheden. Het was de tijd, eind jaren
vijftig, begin jaren zestig, toen studenten in twee kampen verdeeld waren.
Er waren de existentialisten en er waren de marxisten. De ene was
Kierkegaard, Kafka… en de andere was Marx. De studenten hadden het nodig
om te behoren tot een bepaalde strekking, want dan kun je beginnen
discussiëren. Maar Flam stond daarboven. Hij was als vrijdenker wel heel
scherp in het vrije denken. Maar hij hield veel van confrontaties met zijn
katholieke wereld. Zo stond hij open voor de Pater van Breda uit Leuven
bijvoorbeeld. En hij hield discussies in de ULB voor de Cercle du Libre
Examen, waar hij graag een tegenstrever ontmoette.”
4.
(Forum+, nummer 28 - 2005)
Leopold Laarmans: In de jaren ‘70 en ‘80 is hier en daar wel eens
gesproken van Flam als de Vlaamse Sartre. Heeft die uitspraak enige
waarde?
Filosoof Eddy Ringoir: Ik heb dat ook gehoord en vind de vergelijking
interessant. Maar waar zou ze op slaan? Op enige fysieke gelijkenis? De
gestalte? Het stemgeluid? Sartre had een heel lelijke, onaangename stem.
Dat had te maken met het feit dat hij verschrikkelijk veel rookte en
verslaafd was aan whisky. Zijn stem had iets van een kraai (X23) Flam had
meer een fragiel piepstemmetje. Als hij lang praatte, kreeg ook zijn stem
iets onaangenaams. De gestalte dan? Flam was gefascineerd door historische
figuren met een kleine gestalte: Stalin, Napoleon, Einstein, … Tijdens
mijn onderhoud met Sartre in 1976 ging een van mijn tien vragen over het
volgende: of er in zijn filosofisch en literair werk een verband was
tussen het ‘kijken’ en het ‘bekeken worden’. Sartre antwoordde toen
uiterlijk. Daar bleef het echter bij want hij voegde eraan toe: “Mais
vous, les spécialistes de la littérature, c’est votre boulot d’analyser
cela. Vous êtes payés pour. » Het is natuurlijk zo dat, ook al kun je de
schalen niet vergelijken – Frankrijk en Vlaanderen – Flam op een bepaald
moment in zijn leven, in zijn loopbaan als filosoof en als hoogleraar in
Vlaanderen als een soort podiumbestormer gold.
dat hij ongetwijfeld op de een of andere manier, bewust of onbewust,
beïnvloed was door zijn.
5.
(Forum+, nummer 31 - 2006)
Leopold Flam: We staan nog heel ver van de moraal van de vrije mens. Zelfs
Nietzsche heeft haar niet gekend, want zijn immoralisme is de oprechte
taal van de feitelijke moraliteit van de meeste mensen, met of zonder God.
De vrije mens is wezenlijk goed en de goedheid is een essentiële
eigenschap van zijn vrijheid. Waarin bestaat deze goedheid? In de eerste
plaats in het feit dat hij anderen tracht te begrijpen, hun drijfveren te
verstaan. In de tweede plaats (het kan ook in de eerste zijn), zal hij er
nooit op uit zijn iets of iemand te vernietigen, intentioneel niet en ook
niet door zijn daden. De uiterste consequentie van zulke stelling is de
roerloosheid, daar het leven wel, in mindere of meerdere mate,
vernietiging opeist. Het leven is immoreel. De vrijheid en het goede zijn
limieten die de mens nooit volledig bereiken zal, want de absolute
goedheid en vrijheid staan gelijk aan de absolute dood (zo God volstrekt
vrij en goed is, is hij de dood van al wat leeft). Het is daarom slecht de
volstrekte goedheid aan te bevelen (of zelfs te bevelen). De goede mens
streeft er naar (in de derde plaats) cultuurwaarden voort te brengen en te
bevorderen. De cultuur is goed en eist niet het leven van de mens op, want
ze is de ontplooiing van zijn leven. Heel het menselijk bestaan valt samen
met en heeft zijn zin in de cultuur, die een gemeenschappelijk goed is.
Voor zover de mens zich bewust en onbaatzuchtig wijdt aan de cultuur,
heeft hij rekening te houden met zijn evennaasten, heeft hij de deugd van
de mensenliefde en van de solidariteit te beoefenen. Eens, toen hij
verslaafd en angstig was, zei men hem: heb uw evennaaste lief zoals uw
Vader in de hemelen u liefheeft. De vrije mens heeft het voorbeeld (en nog
minder het bevel) niet nodig om zijn evennaaste te beminnen. Hij doet het
omdat hij zich als mens bewust is en omdat hij zich autonoom een taak
gesteld heeft. Hij heeft geen beloften nodig, zelfs geen voorspiegeling
van geluk, om goed te zijn. Zijn houding vloeit voort uit zijn diep
bewustzijn van zijn rol, die hij zelf gekozen heeft op aarde. (Dagboek, 31
augustus 1951)
6.
(Forum+, nummer 14 – 2002)
Leopold Laarmans: Sommige Flam-adepten hebben mij gewaarschuwd dat ‘bezig’
zijn met Flam persoonlijke gevolgen voor mezelf kan hebben. Er was zelfs
iemand die fulmineerde dat mijn carrière wel eens een bepaalde wending zou
kunnen krijgen… en dat was er geen met promotie!
Filosoof Herman Schurmans: Tja, dat woordje Flam, zoals u dat zei, dat
stoorde soms. Het intellectuele comfort stoorde en heeft hem vele vijanden
gemaakt. Het feit dat hij altijd kon tegenspreken en ook geen blad voor de
mond nam, zelfs niet als het ging om machtige figuren die het leven van
andere mensen konden beïnvloeden. Maar met Flam bezig zijn, heeft nooit
nadelige gevolgen. Wees gerust. Integendeel zelfs. Met Flam in contact
komen via zijn boeken heeft alleen maar positieve gevolgen omdat ze je
terugbrengen naar de grond van de zaak. Ze stellen je in staat om afstand
te nemen van de massamaatschappij waarin we leven… afstand nemen van de
globale ideologieën die op de meeste mensen zoveel vat hebben. Flam brengt
je terug tot het nadenken over jezelf en doet je nadenken over de zin die
je zelf aan het leven kan geven. Het is jezelf ook kunnen terugbrengen tot
een maçonniek element. Het prometheïsche als het ware, namelijk het zelf
maken van je wereld en zelf de verantwoordelijkheid opnemen voor je
toekomst, maar dat moet dan ook de toekomst van de mensen zelf zijn, want
de mensen zijn verantwoordelijk.
7.
(Forum+, nummer 20 - 2003)
Leopold Laarmans: Uiteraard had Flam een simpel antwoord klaar als je hem
vroeg wat vrienden zijn… “Dat zijn mensen die niet kwaad over je spreken
als je er niet bent.” Wat vind jij daarvan? Kan een mens nog vrienden
hebben of de vriendschap beleven in deze maatschappij die de socioloog
Mark Elchardus omschrijft als een dramademocratie waar het wantrouwen in
alle geledingen en op alle niveaus roet in het eten gooit?
Filosoof Jan Van den Brande: Indien alle mensen zouden weten wat ze over
elkaar allemaal zeggen, zo schreef reeds Pascal, dan zouden er in de hele
wereld nauwelijks vier vrienden te vinden zijn. Men zou met Cioran ook
kunnen zeggen dat vriendschap bestaat in het sluiten van een pact, waarbij
men de overeenkomst aangaat niet uit te bazuinen wat men echt over elkaar
denkt en hieruit kunnen besluiten dat elke vriendschap gebaseerd is op
schijn en bedrog. Wat Flam betreft, hij maakt in zijn werk dikwijls de
diagnose dat vriendschap in onze maatschappij dreigt verloren te gaan en
te worden vervangen door instrumentele relaties, waardoor vriendschap
wordt verward met kameraadschap en collegialiteit. Flam ziet in dit
verdwijnen van de vriendschap ook het symptoom van een kapitalistische
burgermaatschappij, waarin de intersubjectieve relaties in grote mate
bepaald worden door het geld en de concurrentiestrijd, en waarvan hij de
morele aspecten onderzoekt, zoals de naijver, de haat, de nijd enzoverder.
Hij spreekt in dit verband van een kameradenrepubliek, die niet bestaat
uit vrienden, maar uit medeplichtigen, collega’s en kameraden die allemaal
formeel gelijk zijn en in concurrentie met elkaar leven, wat hun afgunst,
laster en kwaadspreken verklaart tegenover iedereen, die zich in een
dergelijke kameradenrepubliek wil worden als een protest tegen al die
homogeniserende tendensen in onze samenleving, waarin de subjectiviteit
dreigt genegeerd of uitgevaagd te worden en iedereen op dezelfde
onverschillige wijze wordt behandeld. In dit opzicht heeft Flam veel
gemeen met de late Foucault, die in zijn laatste geschriften en interviews
vaak de nadruk legde op de subversieve kracht van de vriendschap, die zich
verzet tegen de door de instituten opgelegde, ingeperkte en verarmde
relatievormen.
8.
(Forum+, nummer 10 – 2001)
Doctor in de wijsbegeerte Ann Van Sevenant: Bij Flam zie ik de nood aan
een soort provocatieconflict. Iets dat ontstaat in het ogenblik dat het
via woorden tot stand komt. Conflict met jezelf, conflict met je
innerlijke, conflict met een ander mens… dat zijn allemaal categorieën.
Puur subjectief. Het is iets dat ik in mijn eigen schrijven niet op die
manier heb. Wel iets soortgelijks. Ik verklaar het even met een anekdote.
Toen ik thuis vertrok, kwam mijn elfjarige dochter Barbro mijn werkkamer
binnen en zei: “Ha, dat is professor Flam”, en ze neemt een boek vast dat
ik klaar had liggen om mee te nemen naar deze bijeenkomst. Ze opent het
boek en leest er even in om dan te zeggen: “Hij schrijft goed. Wel veel
woorden, hé mama. En gij vindt dat nog niet genoeg”; keek ze me aan en
besloot dan: “Gij schrijft te veel over!” En weg was ze. Een en ander is
eigenlijk wat Flam zelf beleefde met zijn teksten. In ieder geval heb ik
in mijn publicaties niet zo’n expositie van woorden zoals mijn dochter
vertelde. Of het feitelijk ‘blootstellen’ van mezelf via mijn teksten. En
toch was het tijdens mijn studentenjaren een permanente vraag van Flam om
alles wat je maar dacht neer te pennen. En dat was destijds bijna niet te
geloven van een universiteitsprofessor. Toen ik op zeker moment een zeer
provocatoire tekst schreef naar Flam, was de communicatieweg tussen ons
pas echt geëffend. Ik ondervond bij Flam totaal geen hiërarchie van het
schrijven en dat is toch wel iets zéér voornaams en veel studenten hebben
precies dát bij Flam geleerd. Zo denk ik ook nog graag terug aan de
momenten dat we sprookjes voorlazen bij Flam, want sprookjes stonden bij
hem op gelijke voet met dromen neerschrijven. Alles kon bij Flam een
betekenis hebben. Vandaar dat hij zo enorm gevoelig was voor details en
dat hij over de kleinste dingen een opmerking kon geven. En dat is
eigenlijk waar ik het meest van hield: zijn buitengewoon
opmerkingsvermogen. Soms zelfs tot in de achtervolgingswaanzin toe!
9.
(Forum+, nummer 24 – 2004)
Doctor in de wijsbegeerte Eddy Borms: De lessen bij Flam waren hoe dan ook
stimulerend. Men kan moeilijk beweren dat Flam geen gepassioneerd denker
was. Hij leefde voor de filosofie, wellicht is het nog juister om te
zeggen, dat hij leefde dankzij de filosofie. Zijn actief bezig zijn met
een aantal filosofen is een dialoog, die maakte dat hij zich niet verlaten
voelde, niet zonder reden van bestaan. Er was in zijn lessen zeker ruimte
voor discussie, voor vragen. Hij vroeg aan zijn studenten om een
filosofisch dagboek bij te houden en velen hebben dat gedaan. Voor mij was
het een belangrijk instrument. In het begin vraag je je af wat je zou
kunnen opschrijven, maar dat verandert vrij snel. Ik ben er nog altijd van
overtuigd dat schrijven de enige manier is om te denken. Eens we beginnen
te schrijven, staan we versteld van hoeveel ideeën er eigenlijk
tevoorschijn komen. Ik meen nog altijd dat dit een algemene ervaring is.
Al schrijvend beginnen we mee te denken met wat we lezen. In plaats van
passief passages te memoriseren, problematiseren we wat we lezen. Het is
de manier om te ervaren hoe ideeën verweven zijn met problemen die we zelf
hebben. Filosoferen wordt zo de zaak van een existentie.
10.
(Forum+, nummer 17 – 2003)
Leopold: Flam was ook een vrijmetselaar. Speelt bij jou die
broedergedachte mee in uw onbaatzuchtige werk met betrekking tot wijlen
Leopold Flam?
Professor-doctor in de filosofie Hubert Dethier: Moest Flam geen
vrijmetselaar geweest zijn dan zou ik hetzelfde doen. We zijn dus als echt
kibbelende vaders, zonen en broeders met en onder elkaar geweest. We
hebben ons ook zo gedragen en daarin speelt die Jezus-en-Socrates-gedachte
een belangrijke rol. Ik wil hier toch beklemtonen - ik heb dat daarnet
niet genoeg gedaan - dat Jezus zeer belangrijk was voor Flam. Precies
omdat Flam ook een man van de boodschap, maar ook, veel meer dan Jezus,
wel als Socrates, was. Flam hield net als Socrates van de redelijke
intersubjectiviteit, van de dialogica,... terwijl Jezus meer een onthutst,
verbouwereerd mens was die houvast zoekt en die eigenlijk een vader nodig
had in de hemel. Je hebt het ook gelezen in Naar de Dageraad dat Flam zich
rechtstreeks wendt tot die Jezus. Het is dus niet altijd de god van
Spinoza. Het is dus niet altijd de pantheïstische god waarbij wij zelf een
molecule zijn van dat grote goddelijke lichaam, zodanig dat als wij onze
zintuigen verliezen door te sterven, ook god verlies lijdt, omdat zijn
eigen lichaam op dat ogenblik geamputeerd wordt en verschraalt. Dus, er is
in de achtergrond die Jezus van de canonieke evangelies, niet alleen die
van de apocriefe en gnostische evangelies, het Thomasevangelie of iets
dergelijks. Tijdens zijn verblijf in het concentratiekamp van Buchenwald
heeft Flam op momenten van uitputting, van zeer grote troosteloosheid en
vertwijfeling zich tot Jezus gewend. Hij heeft zich dikwijls - en ik
verwijs naar dat prachtige hoofdstuk in Ethisch socialisme (29), daarover
uitgelaten om onder meer te zeggen hoezeer hij daarmee begaan was en te
tonen overigens hoe hij die hele literatuur onder de knie had. Hij was ook
geïnteresseerd in de persoon van Jezus. Flam heeft daar honderden boeken
over gelezen, maar zelfs dat was niet genoeg. Zo schrijft Flam in Ethisch
socialisme op bladzijde 122: "Jezus staat alleen ondanks of misschien dank
zij zijn talrijke aanhangers." Flam maakte vaak de vergelijking met zijn
eigen leven en hield rekening met verraad. Tijdens zijn leven dacht hij
ook altijd dat er een Judas in het spel zat. Hij gedroeg zich soms als
Vanini die ook met twaalf apostelen door Italië trok. Tijdens de
zomermaanden zijn we niet zelden, vertrekkend van de Koninklijke
Bibliotheek, met een twaalftal leerlingen naar de Marollen getrokken. We
lachten erom, maar gingen met zijn twaalven naar de Kapellekerk op advies
van Herman Teirlinck. Die had Flam toevertrouwd dat het Onze Lieve
Vrouwebeeld daar zeer bijzonder was en hem uitermate boeide, zelfs
erotische fantasieën ontlokte. Maar achteraf gingen we met zijn allen een
kriek drinken en kochten we Franse broden die Flam in een Spaanse herberg
in de Hoogstraat als een echte Jezusfiguur onder ons verdeelde. Meer
zelfs. Flam zei dan altijd: "Ik hoop dat het geen laatste avondmaal is en
dat hier geen verrader bij is." Zo ging het er soms aan toe. Die ironische
maar heel geestelijke allusie op Jezus.
… om te besluiten met filosoof Dirk Claus, “Nooit verzaken, zelfs indien
de nacht volledig is, doorstappen, al is het ook tastend, steeds
doorstappen…” (Forum+, nummer 15 – 2002)
566. Innerlijke stilte (dinsdag 6 maart 2012)
04.55 uur
Elektriciteit. De muziek op Klara. Even na vijf de krant in de brievenbus.
Een lijnbus die voorbij dendert. Hoog in de lucht een vliegtuig met lange
witte staart. Op televisie al een programmamaker. In de stille verte een
zwetende bakker. De brave man die het industriële brood naar de bakkerijen
rijdt. Een slachter in zijn eigen zaak. Een apotheker van wacht. Een
dokter op weg naar zijn kankerpatiënt. Een politievrouw van dienst. Een
gedreven pastoor op de drempel met zijn god. Een hoer in actie. Noem maar
op. Het is elke morgen een evidentie. De kosteloze evidentie. Niemand
staat er bij stil. Hij duwt en hij krijgt. Hij kijkt en hij ziet. Hij belt
en hij hoort. Hij hoeft zelfs nog maar aan gelijk welk zintuig te denken
of het wordt in zekere mate bevredigd. Bijna altijd door er weliswaar
rechtstreeks of onrechtstreeks voor te betalen, maar dat is dan de
kostelijke democratie. En 'kostelijk' voor mijn part in de twee
betekenissen van het woord.
In de roem van ieders leven heft deze evidente existentie zich op, uit het
dagelijkse leven zoals het is. Het brengt vertrouwen in ieders leven en
geeft achting aan ieders werk. Jan en Alleman herleeft als het ware door
al de werkzaamheden die zich vanuit de toekomst stellen. Ode aan de
arbeid? Dagelijks worden we geconfronteerd met talloze artikelen,
producten en diensten waarvan we geen idee hebben van waar ze komen en
vooral wat er komt kijken bij de totstandkoming daarvan. In de complexe
wereld van de globalisering is er zodoende meer en meer en eigenlijk
oneindig veel dat ons ontgaat. Het leven wordt stilaan een boek dat we
lezen met de ogen, zonder aandacht en niet met de geest. In zekere zin
treedt zo de 'betekenisloosheid' op van het leven. Misschien is een en
ander wel het gevolg van een zeker materialisme. We willen maar hebben,
nog méér hebben, vaak gevolgd door de overtreffende trap van het meeste
hebben of de pure hebzucht die enkel nog kan overtroffen kan worden door
de macabere decadentie.
Hoe mooi was het leven toen we als kinderen met een gekregen cent van oma
een snoepje konden gaan kopen in de buurtwinkel. Hoe blij waren we om met
de eerste spaarcenten een eerste muziekdrager aan te schaffen. En welk
hallucinerende gevoel stroomde er niet door onze aderen toen we een eerste
auto kochten. Hoe hebben we moeten sparen om een eigen huis te bouwen en
in te richten. Een eigen onderneming uit de grond te stampen. Maar het zat
allemaal in de levenslijn van 'per aspera ad astra', of langs ruwe paden
naar de sterren, ondanks grote hindernissen naar de overwinning. De
toekomst zat alzo ingebakken in de geschiedenis. Een geschiedenis met
betekenis. Kijk terug naar al je dierbaren die naar het eeuwige oosten
zijn vertrokken. Zij zijn de inspiratiebron! Kijk naar het onomkeerbare
pad dat achter je ligt.
Uiteraard ontvouwt de menselijke werkelijkheid zich ook door de
uitzondering, het onverwachte en het zogenaamde toeval. Het kan niet
anders want indien iedereen wereldberoemd zou zijn, kan niemand meer
beroemd worden. Hier kijkt Hegel om de hoek met zijn categorische
imperatief. Concreet: het verlangen naar roem impliceert dat zoveel
mogelijk mensen zonder enige betekenis zouden zijn, opdat enkelen het
zouden worden. Zoiets! Ik pleit voor meer authenticiteit, meer authentiek
werk bij iedereen. Dat breekt de weg niet af, maar opent nieuwe wegen,
uitwegen. Dat kan een slotenmaker zijn die op zijn hoogst eigen manier de
business een nieuw elan geeft. Dat kan een Vespaverkoper zijn die door
zijn creatieve service duizenden mensen mobiel en blij maakt. Dat kan een
bakkersjongen zijn die met een lach dagelijks zoals god aan zijn
apostelen, brood aan de mensen bezorgt. De industriële apotheker die weer
letterlijke glans geeft aan de duiven van de duivenmelker. Een bediende
die door zijn doorgedreven creativiteit het vakmanschap een nieuwe kleur
geeft. Het authentieke werk van het dagelijkse leven staat hierbij
centraal. En moet in die zin creatief en naar eigen kracht, schoonheid en
wijsheid worden ingevuld. Het werk zelf zal dan in de eerste plaats erkend
worden door de schepper zelf. Dat zal zeker zorgen voor respect van het
werk.
Op momenten zoals nu, wanneer ik de 'ode van het werk' predik, floep ik
met respect nog een extra lampje aan, drink ik met een gerust gevoel mijn
citroenthee, luister ik opgewekt naar Klara, kijk ik vol ontzag naar de
stapels boeken, tokkel ik voorzichtiger op mijn toetsenbord, zal ik met
verlangen naar de krant uitkijken. En op die wijze bevind ik me in een
innerlijke stilte waaruit ik een sprankje wijsheid put. Straks om half
acht zal ik met opgeheven hoofd naar het werk vertrekken om er dan het
respect te krijgen dat ik verdien. Ik ben daarvoor authentiek genoeg!
06.00 uur
565. Parijs ontsluierd (dinsdag 28 februari 2012)
04.51 uur
Parijs, vrijdag 24 februari 2012, 10.13 uur.- Aan de voet van het 12de
arrondissement nabij de Bastille, zo’n 75 meter aan de linkerkant in de
schuchtere Rue du Faubourg Saint-Antoine, op het schamele stoepenterrasje
van de zoveelste Parijse Stardustcafé, zit ik euforisch met mijn geest te
genieten terwijl ik diep gelukkig en met een brahmanenrust een machtige
Special R van Davidoff snuif en rook zoals alleen een Boeddha dat kan. Ook
ik voel me er een in kleermakerszit spiritueel leider met lachende
courtisanes aan mijn voeten. Ze strooien geurende lavendel, tijm,
basilicum en rozemarijn om me heen. Deze hovelingen van het plezier
blijven maar komen en ik bedenk terplekke dat ze losgelaten zijn uit het
keizerlijke Places des Vosges uit het symmetrische huis van de gemene
Cardinal-Duc de Richelieu die er wellicht meer minnaressen opgesloten
heeft dan de Bijbel gevleugelde woorden telt. Die van Salomo, zoon van
David en koning van Israël uitgezonderd! Ook ontelbare wellustige Chinese
vrouwtjes stromen toe zoals water uit de Niagara watervallen. Deze tengere
mademoiselles met uitstekende Lidokwaliteiten lijken wel klonen van
zichzelf en moesten ze allemaal rood zijn, dan kwamen ze beslist van Mars.
En tateren dat ze doen. En zakjes van Galeries Lafayette dat ze met zich
meedragen. En het zijn geen geschenken voor Boeddha. Ik maak het
zijdezachte dekblad van mijn Dominicaans plezier nog eens goed nat en
snuif dan de bruisende Seine mee naar binnen. Kan dat? Ik zeg van wel en
vermits ik mijn eigen meester ben, is het ook zo! Ach Parijs, de
herinneringen zijn talrijk en behalve één nachtmerrie, zijn ze stuk voor
stuk blijde herinneringen. Ik proef de matige kwaliteit van de
Stardustexpresso en gooi mijn hoofd lichtjes achterover. Ik probeer
opnieuw te leren van mijn herinneringen. Met de gouden Siddhartharegel
'wachten, vasten en denken' sla ik een brug naar Atlantis, je weet wel:
het verzonken continent. Met Plato en zijn mysterieuze werken de Timaeus
en de Critias. De Mahatma brieven en natuurlijk Helena P. Blavatsky, de
Russische generaalsweduwe die met haar 'Iris ontsluierd' en de 'Geheime
leer' eigenlijk de oermoeder van de esoterische filosofie mag genoemd
worden. Voor mijn part! Maar Atlantis beleven in Parijs? Ik klem de
duimdikke sigaar vaster tussen mijn lippen en roep denkbeelden op van
zoveel jaren geleden, een eerste keer in de hete zomer van 1976 toen ik
als bijna 18-jarige, uitgesproken knappe kerel, een week in de lichtstad
ronddoolde en enkel leefde van hotdogs en verwondering. Daarheen en weer
terug niet met de Thalys, maar met pure autostop. Op het Stardustterrasje
lach ik en de denkbeelden van toen lokken associaties op en daarmee nog
meer herinneringen. Stilaan worden al die massa’s Parijse herinneringen
een bron waaruit ik kennis kan putten. Hernieuwde maar ook verse wijsheid.
Een belevenis die ik blijf voeden met sterke trekken aan mijn Special R.
Deze herinneringsbelevenis waaruit men leert, is Atlanteaans volgens
erudiet en semioloog Rudolf Steiner. De Atlanteaan dacht in beelden! Niet
zoals de hedendaagse mens in begrippen en concepten. Oh neen. Maar kijk,
nu komen de Maya’s aangelopen, waarschijnlijk het volk dat de tabaksplant
in cultuur bracht. En van hun hoogstpersoonlijke god Quetzalcoatl kregen
ze ook de chocolade aangeboden, net zoals heel wat kennis die noodzakelijk
is voor een hogere bestaansvorm. Zo schonk de blanke Mayagod ze de
kalender, hij leerde hun de loop der sterren te volgen, hij liet hun
pluizige vezels plukken van een wilde plant en er draden van spinnen en
die tot katoenen stof weven... En daar doemt Columbus op en hij zeilt de
lekkernijen en nieuwe geleerdheid uit Amerika naar Spanje en dus het
Europese vasteland. Van Spanje naar Parijs is maar een zucht. Columbus, de
oude zeerukker. Ik blaas hem met een wolkje rook gemakkelijk weer over de
Pyreneeën en met Chinese oogjes zie ik plots een clochard aan mijn
tafeltje om geld bedelen. Ik wijs naar mijn onaangeroerde donut met een
glanzende laag zwarte chocolade. Die mag hij hebben. Hij wil de
Stardustschnabbel niet en hij wijst met zijn verroeste vingers naar zijn
mond vol rotte tanden. Dan kan hij ook niet in mijn geld bijten om te zien
dat het echt is. Hij spoelt verder met het water dat de Parijse straten
dagelijks zuivert. Vroeger stroomde dat water dag en nacht en de Seine
werd er schijnbaar mee gevoed. Maar dat is verleden tijd. Bezuinigingen,
efficiënt watergebruik, optimaliseren van grondwater, wie bedenkt het?
Water is leven. Leven is ontstaan. Wie, wat, waar? Wanneer zijn clochards
eigenlijk ontstaan? Mensen die denken? De nazaten van de Atlanteanen?
Egyptenaren? Atlantis ab ovo? De Atlantische oceaan? Beschavingen vóór
Atlantis? De Lemurische? En daarvoor? De goden zelf? Waren de goden
kosmonauten, zoals Erich von Däniken ons wil laten geloven? Moeder, hoe
kan ik me dit alles herinneren... als uit een roes schiet ik recht. Het
ronde tafeltje waggelt zoals een eend, maar blijft rechtop. Een nieuwe
tros Chinezen waait voorbij. Giechelend. En kijk. Aan de overkant van de
Saint-Antoine komt mijn 18-jarige dochter Sofie als een smiley uit de
Carhartt-winkel gestapt. Nu is het tijd om weer verder te struinen in
lovely Paris. We slenteren zoals Zeus en Héra over de Place de la Bastille
en duiken anoniem de Rue de Rivoli in. Samen op weg naar een volgende
onvergetelijke herinnering voor onze toekomst.
06.02 uur
564. Melodrama (dinsdag 21 februari 2012)
05.00 uur
Ik word wakker. Sta op. Ik kijk door het raam naar buiten. Duw de radio
aan. De wereld staat in brand. Opnieuw. Kleine brandjes, grote brandjes.
Voortdurend. Iedereen slaapt verder. De kat kijkt me onschuldig aan. Lacht
ze?
De kennis van de Franse taal bij Vlaamse scholieren blijft dalen. De
toekomstige tijd j’enverrai wordt fout als j’envoyerai vervoegd. De
beleefdheidsvorm 'wilt u' wordt in het Frans stomweg letterlijk vertaald
terwijl de conditionnel van pouvoir moet gebruikt worden: pourriez-vous.
Maar wat wil je? Het dagelijkse leven zit vol Engels. Nonsens vertelt de
lankmoedige Rik Torfs niet. De gewoon hoogleraar kerkelijk recht aan de KU
Leuven en CD&V-senator verwijt zijn partij zowel een gebrek aan profiel,
een misplaatste gêne over de christelijke roots als het prostitutiebeleid
inzake kartellijsten bij de komende gemeenteraadsverkiezingen.
Doorbraakfiguur Rik Torfs alias wijlen Jef Ulburghs van Doorbraak?
Ik ben wakker. Tokkel mee op de groove-tracks van een Jazzadelic uit 2008.
De wereld staat in brand. Kleine brandjes, grote brandjes. Iedereen slaapt
verder. Ook de kat. Ze spint.
Israël blijft dreigen om Iran aan te vallen. Iran draait de oliekraan voor
Franse en Britse petroleummaatschappijen dicht. Op National Geographic
wordt de 'Rise of Hitler' ingekleurd. Straks wordt de protestantse dominee
en voormalig rechtenactivist in de DDR, Joachim Gauck, de nieuwe president
van Duitsland. Het huidige machtige Europese land dat een spelletje met
Griekenland speelt. Griekse tragedie, Ierse catharsis, bloklettert De
Standaard met de contrasten tussen Dublin en Athene in een notendop. Rooie
Ieren die ondanks hun waardeloze en corrupte politiek klasse, nog altijd
nationalistisch genoeg zijn om in tegenstelling tot de Grieken in hun
staat en hun politiek systeem te geloven. Ieren lossen de crisis op door
te emigreren. Hebben ze ooit anders gedaan?
Klaarwakker zie ik wolken schuiven in de lucht. Hier en daar een heldere
opening. Het lijkt wel of de goden aan het dammen zijn. Kijk, weer een
wolk verloren. Schuift de helderheid op naar de legale kant?
De Frans-Belgische groep Dexia verloor vorig jaar 12 miljard euro. Et
puis? Que! BNPP Fortis zal de fiscus graag gaan omzeilen met 5.000 tot
10.000 bedrijfswagens. Je moet goed gek zijn om in het wit te werken.
Iedereen doet het, schrijft professor Michel Maus in zijn boek over
zwartwerk in België. "Men schildert ons af als profiteurs, maar ons zwarte
inkomen is de smeerolie van de economie. Ik versluis mijn geld niet naar
het buitenland, maar besteed dat in winkels en restaurants hier. Dertig
miljard euro zwart geld gaat niet op in rook...," getuigt een overtuigd
zwartwerker. Loonindexering? Wordt het zwartwerk ook geïndexeerd? De vink
volgt zichzelf alvast op als meest getelde tuinvogel van het jaar. De
huismus bijt opnieuw in het stof. Zoals de doorsnee werknemer in dit land.
Hij zal alles moeten betalen!
Iemand wakker schudden. Iets wakker maken bij iemand. Niet wakker liggen
van iets. Je moet geen slapende honden wakker maken. Daar kan je me ’s
nachts voor wakker maken.
Belgische jongeren tussen 15 en 25 jaar zien 2012 het somberst in. In
vergelijking met buurlanden Nederland, Frankrijk en Duitsland komt de
Belgische jeugd het minst optimistisch uit de hoek. Wie denken de Duitsers
wel dat ze zijn? Zij hebben in de 20ste eeuw Europa maar liefst twee keer
in brand gezet! Maar gezien de economische crisis willen de Romeinen in
2020 de Olympische Spelen niet in Rome organiseren. Londen is
gewaarschuwd! Nu de modeweek van New York erop zit, vertellen de eerste
trends voor 2013 dat wijnrood en zwart, kokerjurken, militaire accenten in
romantische taferelen en de mantel als topstuk, zullen zegevieren. En wat
met de blauwe bloem van Novalis? Kleur van de opstand? Kleur van de
utopie?
Het is nu volle ochtend en meer. Wisselvallig weer. Actieve lui ontwaken.
De postbode. De chauffeur van De Lijn. De nerveuze politieker. De zoekende
manager. De gestresseerde werknemer. De kat maakt een brug.
Ik besluit mijn ochtendlijke lusthof graag met twee paragrafen uit het
boek 'Religie voor atheïsten' van filosoof van het dagelijks leven Alain
de Botton: "Gezien de hoeveelheid tijd die we in ons leven doorbrengen met
het aandikken van onze eigen belangrijkheid en de omvang van de trauma’s
en de tegenspoed die we daardoor te verduren krijgen, is er voor de nieuwe
tempelarchitectuur nauwelijks een grotere prioriteit denkbaar dan de
bevrediging van onze behoefte aan perspectief. We lijken de verleiding
maar niet te kunnen weerstaan om elk aspect van onszelf te overdrijven:
hoelang we op deze planeet rondlopen, hoeveel het ertoe doet wat we
bereiken, hoe uitzonderlijk en oneerlijk het is dat we zo mislukt zijn in
ons werk, hoezeer onze relatie gebukt gaat onder misverstanden, hoe
ernstig we lijden. Voor elk van ons is melodrama altijd aan de orde van de
dag."
06.00 uur
563. ValenLaarmansTijntjes (dinsdag 14 februari 2012)
Valentijntjes-Bloemlezing uit eigen werk/ Leopold Laarmans 2003 – 2008
. Vlinderen
. Faustisch
. L'Amour
. Eeuwig en altijd
. Puur natuur
. Chou Chou
. Vrouw
. Lekker vrijen
. De hete dood
. Kolossaal
. Oblivio
. Laisse-moi
. Zo blij
Mag ik verzoeken om het mooiste gedicht uit de reeks via Facebook, Twitter
of simpelweg e-mail naar al je 'Liefsten' te transporteren. Hartelijke
dank daarvoor.
VLINDEREN
En op deze dag
Laat ik mijn vlinder
Vrij;
Hij vliegt naar jou
En landt vederlicht
Op je korte haar;
Je ziet hem niet
Oh neen
Dat mag niet;
Maar je voelt
Maar je weet
Maar je tintelt;
En je ademt
Zoals de vleugels open en dicht klappen
Héél stil;
Mooi, lief, hartstochtelijk
Ik blijf nog even zitten en
Graaf met mijn voelsprieten in je haarkleed;
Ik zie je nu dromen
Flitsend van cel naar cel.
Liefde kent geen grenzen
FAUSTISCH
Honderd mooie vrouwen
Kruisen mijn pad
Honderd mooie vrouwen
Kom ik tegen
Ik zie ze graag
Al weet ik niet of ze lekker smaken
Ik wil ze hebben
Maar ben bijna zeker dat het niet kan
Honderd mooie vrouwen
Op één rij
Een hoop vlees
De ene borst al wat dikker dan de andere
L’AMOUR
Et si tu veux toujours m’embrasser
Mais comme tu ne me l’as jamais dit
Que tu m’aimes
Que tu m’adores
Comment vais-je le savoir?
Le soleil, la lune, les étoiles ne me disent rien
Ils brillent seulement
Le soleil, toujours brille
Les autres, aussi quand tu rêves
Et nous deux, qui les regardons souvent
Ne voyons rien
Seulement les étoiles
Qui tombent
De temps en temps
EEUWIG EN ALTIJD
Jij spookt in mijn hoofd
Eerst als geest
Nu,
Dag en nacht
Overal en nergens duik jij op
Toevallig,
Misschien
Niet onverwachts
Jij zegt nooit boe of bah
Maar geeuwt
Alsof
Je wacht,
Hoe kan ik je liefde winnen
Maagdelijk wit
Voor
Eeuwig en altijd
PUUR NATUUR
Die naakte rug
Die stak mijn ogen uit
Zo scherp was hij
Afgelijnd, afgetraind
En dat kontje
Flexibel verpakt in stof
Ik ken geen enkel geschenk
Zó present!
Wat een vrouw
Ben jij
Gebeiteld uit één stuk
Granieten blok natuur
CHOU CHOU
Un, deux, trois, la reine
Mon coeur est sans haine
Tu peux me contrôler
Quand tu bois à ma santé
Et si tu es trop coquette
Nous ferons la fête
Parce que je vis comme la nature
Avec le même souffle de la Côte d’Azur
Et puis, quand tu m’aimes comme un fou
Tu deviendras mon grand Chou Chou
VROUW
Mooie mooie mooie mooie,
Mooie mooie mooie,
Mooie mooie,
Vrouw
Ik maak een nieuwe tong voor jou
Simpel en blauw-blauw
Prikkelend en te goeder trouw
Fris en helder als de ochtendkou
Lieve lieve lieve lieve,
Lieve lieve lieve,
Lieve lieve,
Vrouw
Kom, laat ons logisch zijn
Het leven genieten zonder pijn
Het heelal niet ondersteboven
Maar wij samen in de vage-oven
LEKKER VRIJEN
Dans je de hele nacht met mij
Daarna rol ik je op elke zij
Boor zacht mijn tong in je mond
En pak je stevig vast bij je kont
Ik eet je op met huid en haar
Ik strik je, ik naai en ik paar
In alle standen van de maan
Je wordt mijn dichtste kompaan
Misschien komt er wel een kindje van
En eten we roerei uit één koekenpan
Dansen we opnieuw samen in de nacht
En vrijen tot een van ons versmacht
We vormen zeker een sterrenbeeld
Eentje dat volop flikkert en deelt
We likken aan elkanders ziel
En zeilen de hemel in zonder kiel
DE HETE DOOD
Het geroddel was er nog maar net
Dat zij zo heet stond als een raket
En dat geen man haar benen kon kruisen
Zonder zijn schuim op haar te bruisen
In de omgeving van haar werk
Kende ze nagenoeg elke klerk
En in een opgewold boekje van katoen
Schreef ze de maten van ieders klaroen
Geen man kon haar ontwijken
Zonder dat ze begon te wijzen
Naar de zwakke plekken van zijn lijf
Ze was werkelijk bezeten, het geile wijf
Maar op een dag ergens in een bed
Blies ze op de verkeerde trompet
De kleppen van haar hart sloegen door
En ze stierf als Picasso een hete dood
KOLOSSAAL
Geil als een beer
Dool ik door het woud
Schuur tegen elke boom
Dromend van Eros
In een waterpoel
Maak ik een plons
De stijve goesting verschrompelt
Tot een worstje
Ik schud het water uit mijn pels
En zie een glurende berin lachen
Ze moest eens weten
Hoe kolossaal hij kan zijn
OBLIVIO
Ik ben vergeten te vragen
Lief te mogen zijn
Niet in je erostempel
Maar strelend in je haar
Ik ben vergeten je op te snuiven
Met huid en haar
Zodat de geur
Voor altijd in me zit
Ik ben vergeten te genieten
Van ons samenzijn
Omdat ik elk moment
Intens wou registreren
Ik ben vergeten je te omhelzen
Met mijn handen in de lucht
Van blijdschap
Een geestelijke vrijheid
Ik ben vergeten te vertellen
Van alfa tot omega
Hoezeer ik van je hou
Van vriendin tot vrouw
Ik ben vergeten als een kind
Onbezonnen en vrij
Omdat ik voortdurend dacht
Was jij het maar die op mij wacht
LAISSE-MOI
Laisse-moi
Laisse-moi être seul
Avec Paris et la Belleville Insolite
Laisse-moi
Laisse-moi entendre la Seine
Avec le conteur Emile Zola
Laisse-moi
Laisse-moi rêver de Paris
Avec la vérité de la vie
Laisse-moi
Laisse-moi écrire toutes les petites histoires
Avec moi même, mes pensées
Laisse-moi,
Laisse-moi
Être un faubourien de Paris
ZO BLIJ
Ik ben zo blij
Zo blij
En ik weet niet waarom
Ik zou je willen kussen
Zo kussen
En ik weet niet waar
Ik zou je willen meenemen
Naar het diepste van mijn hart
Maar ik weet niet hoe
Daarom schrijf ik dit gedicht
Zodat de woorden kunnen zoeken
Zoals waterdruppels hun weg naar zee
Dat duurt soms jaren, soms eeuwen
En toch
Sommige druppels liggen plots
In zee
562. Wat de lekkere liefde doet (dinsdag 7 februari 2012)
Lucas 6, 44. Want iedere boom wordt aan zijn vrucht gekend, want van
distels pluk je geen vijgen en van doornstruiken oogst je geen druiven.
04.50 uur
Het is zaterdag. Zaterdag 4 februari 2012 om 18.50 uur. Het vriest. Het
vriest de speen uit je kont. De tenen zwart voor eeuwig. Het oorsmeer zo
hard als hars. Knieschijven zo vast als geklinkerde nagels. Vingers stijf
als een giraffenhals. Tanden blinkend glad als ijs. Kortom: de helse koude
is de aarde ontstegen en iedereen die zijn stem verheft in deze Siberische
buitenlucht, wordt door zoveel benedengraden Celsius bij de keel gegrepen
dat zelfs geen Hercules het wurgende onheil nog kan keren. Hier is de
werkelijke oermacht aan de orde, vreemd aan alle wetten van de mens en
duidelijk een teken van de goden achter de verste horizon die door mensen
kan gedacht worden. De koude komt onmiskenbaar van de Overkant zoals ooit
Hades kwam van over de Styx. De koude kijkt je zoals Sartre
ondefinieerbaar in de ogen totdat de leidsman in jezelf is gedoofd,
gestikt, gewurgd en je van de weeromstuit vurig freudiaans verlangt naar
de diepe warmte van de moederschoot.
Ik word er die zaterdagavond zo knapperig van dat ik zachtjes kraak als ik
over sneeuw en ijs loop op weg naar restaurant That’s Oriënt nabij het
treinstation van Balen. Juist ja. De gemeente Balen van uit de film
'Groenten uit Balen' naar het duizend keer duizend mooie boek van
schrijver Walter van den Broeck. Vriend van échte socialist Jef Sleeckx en
vriend van compromisloze kunstenaar Jef Geys. En Jef Sleeckx en Jef Geys
op hun beurt kameraad van wijlen mijn vader Leopold René Luyckx. En zo is
de cirkel rond wanneer ik in Balen aankom om de magische gerechten van het
aangeprezen restaurant te proeven. Naar verluidt ook een eetgelegenheid
waar de smaken gesmeed worden op een aambeeld van eerlijk, gul en louter
vers. Waar kruiden niet uit het Oosten komen, maar recht uit de gezonde
grond van Balen. Bovendien wordt in de keuken een en ander met zodanig
vernuft geroerd en gekookt dat het ter plekke een springlevende legende
wordt. De mosselen met Provençaalse saus alleszins, het kakelverse
koninginnenhapje ook en de scampi’s in zuiderse charme verdienen een cum
laude. De architect van dat alles is de 75-jarige kokkin José die samen
met haar man Jef de zaak runt. Als emotioneel schild van de keuken
bedienen uitsluitend lieve mensen de gasten. En ze doen dat met de
drievoudige levensspiraal van gezonde energie, opbeurende emotionaliteit
en fysieke onvermoeibaarheid.
Nog voor ik plaatsneem aan mijn tafeltje-dek-je, smelt de koude van de
Overkant als sneeuw voor de midzomerzon en de beklijvende hartstocht
waarmee ik zal eten, is liefde die zal blijven. De liefde als exquise saus
bij elk gerecht. De liefde voor het voedsel als vervulling van een
ongeschreven wet. De liefde voor potten en pannen als een zaak van het
geweten. De passionele plicht om de gasten die je te eten geeft, lief te
hebben. De culinaire plicht om in de liefde voor eten en drinken bij
elkaar – gast en keukenstaf - in de schuld te staan. Meestal is er bij
heel veel horeca onder de oppervlakte van culinaire sereniteit en
zelfverzekerdheid een nauwelijks beheersbare golfstroom van business as
usual. Niet zo op zaterdag in That’s Oriënt in Balen. Het levensgeluk
wordt er samen met de schotel opgediend met de onzegbare slogan 'Liefde
bouwt op'. In het restaurant heb je het gevoel dat je weer bij moeder aan
tafel zit en zij simpelweg heeft gekookt uit pure liefde die alles gelooft
en dus nooit wordt bedrogen. Liefde die hoopt en nooit beschaamd wordt en
het is er niet anders dan dat, met de ingrediënten die even vers en
eerlijk zijn dan een moederziel met de hemel verbonden door engelenhaar.
Recepten die ontstaan uit haar bekommernis om alleen het allerbeste voor
haar kinderen te maken. Ook waarachtige bezorgdheid om haar nakomelingen
een extatische prikkeling van de zintuigen te schenken. Het culinaire
concept als moederideaal, als filosofische reflectie van alleen het beste,
het eerlijkste, het meest verse, het gezondste, het lekkerste... zo worden
de frietjes er nog met hand en keukenmesje gesneden in lankmoedige
balkjes. Het restaurant is dan ook enkel tijdens het weekend open, de
overige dagen van de week dienen als duurzame voorbereiding van drie dagen
alert culinair festijn.
En na het eten komt de chef-kok José aan tafel een babbeltje slaan en je
kunt nagenieten hoe zij probeert aan te geven en te beschrijven hoe de
liefde voor haar recepten, de toestand van dát liefhebben, wordt ervaren
door iemand in wie zij aanwezig is... hoe het is om simpelweg lief te
hebben. Volgens Kierkegaard wordt liefde in het algemeen een gevoel
genoemd, een stemming, leven, hartstocht. Maar als ik het restaurant
verlaat, krijg ik meteen een ongewoon gevoel van gemis en ik beloof de
hemel dat ik spoedig zal weerkeren naar moeder José, een chef-kok die niet
dobbelt.
06.10 uur
561. Beschimmelde alledaagsheid (dinsdag 31 januari 2012)
05.00 uur
(The Cinematic Orchestra)
Sneeuw. Eindelijk witte sneeuw als contrast tegen deze donkere tijden.
Tijden van de geschiedenis waarbij de macht beheerst wordt door de media,
de opruiende media, de gemanipuleerde media, de media met boter op het
hoofd, de media van jandoedels en pathologische intriganten. Media geleid
door ingehuurde kwants van het kapitaal en/of drager ervan! Wie ’s morgens
op Radio 1 afstemt, zal bijna dag na dag horen hoe politici ongekend onder
vuur worden genomen en wie tussen de regels door luistert, hoort ze kraken
en knarsen zoals ijs op drift. Ook de staking van afgelopen maandag was
een tergend opbod van de media om complete vertwijfeling te creëren
waarbij de vakbond werd uitgespeeld als een voetbal tijdens een match
tussen luisteraars en politici. Daarbij werden ook de spionkoppen zoals
Voka en Unizo ingeschakeld. Iedereen kwam zijn spierballen tonen en het
was een grappig zicht hoe klein die 'balletjes' van sommigen écht waren.
Maar het toont aan wie werkelijk de macht heeft om te zalven en te slaan
of om kortom macht uit te stralen. Tjonge, het leven is een dagelijks
theater waarbij de ene waterdrager van de macht de andere waterdrager van
de macht voortdurend uitdaagt. Wie in zijn kennissenkring een woordvoerder
van een bedrijf kent, zal bovendien uit zijn verhalen kunnen afleiden dat
het de pers niet langer te doen is om de informatie an sich, maar eerder
om de sensatie ervan. Wie bovendien de film van Facebook heeft gezien en
de kwant Mark Zuckerberg heeft 'bewonderd', weet voortaan aan welk soort
architecten hij zijn hoogstpersoonlijke leven in handen legt. Want deze
Big Brother is watching you wordt graag door bedrijven en zelfs
justitie-apparaten gebruikt om te zien welk vlees er in de pot te sudderen
ligt. Met alle nare gevolgen vandien! De macht van deze randmedia zoals
Facebook en stilaan ook Twitter en generaal gesproken het hele
internetgebeuren evolueert dag na dag. Is het allemaal de tand des tijds?
Zitten we op een kantelmoment van een tijdperk? Zijn al deze
machtspelletjes maar een tijdelijke oprisping of kondigen ze werkelijk een
nieuwe machtsperiode aan die onze kostelijke vrijheid onder druk zet?
Akkoord, macht is een vage term en volgens filosoof Leopold Flam duidt hij
heel veel aan dat geen verband met elkaar heeft zoals geweld, kunnen,
heerschappij, dwingelandij, wil, orde en discipline, leven en verovering.
De term macht is een teken dat naar het geheel van de geschiedenis
verwijst. Bovendien kan de benadering van het fenomeen macht niet
rechtstreeks, maar zijdelings gebeuren... Zolang wij mensen zijn, draait
alles om macht. Lokaal en globaal want het weer is niet anders in China
dan in België. Er is maar één aarde. En er is maar één soort mens, de ene
al wat zwarter of geler dan de andere. Zijn de media echt zo slecht, hoor
ik je nu stil denken? Vaak wel, zeg ik, omdat ze marginaal zijn en ze de
narren van grote koningen en kleine keizers zijn, soms grappig, maar
altijd handelend onder een welbepaald vaandel, nooit vrij, nooit
bevrijdend. Jij hebt goed praten, hoor ik je opnieuw denken. Wie denk je
wel te zijn, is je volgende vraag? Ik wens alleszins geen onnuttig lid van
de menselijke samenleving te zijn en bovenal wil ik op het einde van mijn
leven een goed geweten hebben. Ik weet ook dat de huidige sneeuwlaag mijn
onrust en onvrede niet zal toedekken, maar iedereen moet de romantische
betekenis van sneeuw durven overdenken. Om daarna met een eigen stem te
protesteren en desnoods te provoceren tegen de beschimmelde alledaagsheid
van het bestaan, die alles van de enkeling tracht gelijk te maken en uit
te vagen.
06.05 uur
560. Alles is zoals het is (dinsdag 24 januari 2012)
05.03 uur
Stilte! Ik hoor niets. Ik zie omgeving. Ik zwijg. Ik absorbeer niets en
het lijkt alsof ik wakker verder slaap. Pianogetokkel op Klara vult de
ruimte, maar beweegt me tot niets. Mijn inspiratie zit in het middelpunt
van de aarde en geen vulkaan brengt ze tot leven. Nu en dan zweeft er
weliswaar een boek voorbij, maar ik krijg hem met geen breekijzer open. De
letters zullen uit de hemel moeten vallen, want anders wordt deze column
een woestijn. Ik kijk links en rechts zoals onze zwart-witte kater
dagelijks de taferelen in het huisgezin gadeslaat. Zonder iets te miauwen,
hardop te denken en met de poten onder zijn lijf. Welke transformatie
brengt soelaas op deze sterrenmorgen, want dat is ie wel. Klare hemel met
fonkelend nieuws. Eentje waarvan je zou denken dat je er klaar kunt in
denken en waaruit je kan plukken zoals apen van elkaar. Misschien moet ik
verder schrijven in dichtvorm. Poëzie is immers de puurste vorm om je
gedachten uit te drukken. Al de rest is afgeleid.
Gedicht is een appel
Die puur natuur is
Al de rest
In gesproken woord,
of op gemanipuleerd papier
Is geperst sap
Van de hersenen
Dat bedenk ik hier ter plaatste en ik denk dat het werkelijk zo is. Want
er zijn twee soorten gedichten. Eentje die uit het hart vloeien en twee...
die een verslag zijn van een virtuele of fysieke waarneming. And thats all
folks. Al de rest is 'plat' populisme. Wanneer mijn zoon me al eens vraagt
wat een gedicht is, vertel ik hem graag over het gedicht 'Wat is poëzie'
van Rutger Kopland in zijn bundel 'Toen ik dit zag':
(...)
Ik begin te denken tot ik
Aan een schilderij denk van Magritte;
Een wolk in de vorm van een rotsblok
Een rotsblok in de vorm van een wolk;
Ze zweven samen boven een landschap
Is dit een antwoord vraag ik
(...)
Wel, van zo’n gedicht word ik klaarwakker. Dan begint mijn bloed te jagen.
Dan hoor ik de kleppen van hart werken. Dan word ik stoomboot op een
rivier. Dan word ik tien jaar jonger en soms zelfs twintig, dertig. Er
staat geen leeftijd meer in mijn ziel gekerfd. Ik ben dan zo jong of oud
als ik schrijf. Soms zo piep dat ik amper woorden in volgorde kan
plaatsen.
Ik ben zo blij
Loop poedelnaakt in een wei
Volg een bij
Snuif nectarbrij
Leg me op mijn zij
Rustig als een kei
En zie, het is nu 5.34 uur en ik hoor, zie en schrijf weer. Hallo, ik,
Leopold Laarmans ontwaak en daarvan ben jij, lezer, getuige. Alsof je
naast me ontwaakt op deze dag, dinsdag 24 januari 2012, hahaha. En dus:
Goeiemorgen lezer
Goeiedag
Wat een bewogen moment
Dat je niet kan vastgrijpen
Alleen genieten
Pluk vandaag alle ogenblikken
Zoals in het verhaal van
Carpe Diem
En ik lach. Vraag me niet waarom. Lachen mag. Wie lacht, zit vol verlangen
en hoop. Heeft weliswaar meer rimpels, maar eentje meer of minder, vroeg
of laat kan je ze toch niet meer tellen. Elk leven is erosie. Zelfs dat
van de aarde zelf.
Kan het leven anders zijn
Dan het is
Mooier dan ik wil
Buiten de krijtlijnen
Van mijn ziel
Mag ik dat verlangen koesteren
Of is deze gedachte
Nu precies de hoop
Van een broeder
Om ooit een god te zien?
Ach, ik heb mijn dag als een lonkende roos ingezet! Als een petit farceur
en zodoende ga ik besluiten:
Allo Allo,
Hier Berbroek
In mijn tas zitten sterren
Warme honingchoco schijnt uit de hemel
Ik blijf rustig
Want alles is zoals het is.
Over...
05.48 uur
Top
|
|