|
|
|   |
Column 'Groeten uit Berbroek' - Columns 30 t.e.m. 39
30. PRIMEUR (dinsdag 4 december)
Omdat ik vóór vriend Sinterklaas nog snel wilde weten hoe het de goede mensen in Berbroek verging, begon ik zaterdagnamiddag een stevige wandeling in de straten van het kleine plattelandsgehucht. Het was een spannend initiatief want ik riskeerde natuurlijk Nicolaas van Myra (circa 280-342), de vermaarde volksheilige over wie betrouwbare historische gegevens ontbreken, tegen het lijf te lopen. De zon scheen en je kon gerust zonder jas noch pet stoeien rond het huis. Maar neen! Er was geen kat te zien in Berbroek. Ik versnelde mijn pas en na zeven straten wist ik het wel. Berbroek leeft nog alleen ‘binnenshuis’. Ook overdag. Dus niet alleen ’s nachts sloten ze zich op achter slot en grendel om van de tv naar de computerkamer naar de keuken in de zetel op de pot in de suikerpot diep in de fles op zijn geliefde... te lanterfanten. Zou het elders ook zo zijn? Dan had ik een nieuwsprimeur voor gelijk welke kwaliteitskrant. Ik stapte meteen mijn auto in en reed naar Mal bij Tongeren. Ik parkeerde mijn auto aan de Kruisvindingskerk en deed mijn onderzoek. Na vijf straatjes en geen mens te hebben gezien, was ik klaar.
Twee primeurs, dus. Maar een goeie journalist checkt alles driedubbel. Ik reed meteen door naar Geistingen in Kinrooi en stationeerde nabij het Mariapark. Maar al snel had ik ‘drie’ primeurs! Stilletjesaan begon de logica van Renée Descartes door te dringen: Uitzonderingen bevestigen de regel, en niet omgekeerd! En wat ik beleefde, was dus dat omgekeerde! Dus, ik moest een Limburgs dorpje vinden waar wél leven mogelijk was op een zonnige zaterdagnamiddag. Ik reed naar Hamont, De Blauwe Kei in Lommel, kernkoppendorp Grote Brogel, schuw Gerhees in Ham en zo via Meldert in Lummen weer naar Berbroek. Conclusie; mooi Limburg, maar nergens mensen of spelende kinderen op straat. Iedereen verschool zich in zijn betonnen dozen. Zelfs op zaterdag. Zelfs wanneer de zon scheen. Dachten zij allemaal een Bin Laden te zijn die het leven geruild had voor het leven in een grot? Ach, geen primeur vandaag. Wel een factuur van meer dan 100 euro aan (werk)kilometers. Hopelijk is Sinterklaas op het werk goedgezind!
31. PROVOCEREN (dinsdag 11 december)
Wat zijn we toch luxebeesten die kromgebogen mekkeren en zeuren alsof we dagelijks als een Atlas de wereld moeten torsen. Die doen alsof we als slaven naar hun werk worden gevoerd om er grosso modo tussen 8 en 17 uur het zweet te laten van een koolputter achthonderd meter onder de grond. Zelfs de werklozen klagen omdat ze niet genoeg geld verdienen om hun tweedehands BMW te onderhouden. Er zijn ook al heel wat gehandicapten die hun sjieke luxewagens exclusief in het hartje van elke stad mogen parkeren. Gestresseerde mensen krijgen maanden vrijaf en koesteren in die periode hun hobby alsof het een zevende wereldwonder is. Anderen krijgen de superbe kans om tijdens een jaar zonder wedde eindelijk te gaan doen wat ze hun hele leven lang al wilden doen. Op die manier belasten ze echter hun collega’s die schuimbekkend verzuipen in het meer-werk... PROVOCEREN! Wie durft nog provoceren? Want wie bovenstaande praat verkondigt, riskeert gelijkgeschakeld te worden met een Vlaams Blokker. Wie durft zeggen dat de vakbond in heel wat gevallen corrupt is, wordt gemakkelijk een poujadist genoemd en wie dan nog verder vertelt dat ze de provinciale diensten maar moeten afschaffen, is een anarchist! Is de maatschappij om zeep? Optimisten zullen zeggen dat de hoop het enige is wat de mensen overhouden. Pessimisten zullen zeggen dat alleen de hoop nog is achtergebleven in de doos van Pandora. Wie vandaag echter in de Bijbel leest, krijgt een raar gevoel bij het lezen van Genesis 4.22 of over het schuldbesef, straf en belofte. In diezelfde Bijbel mobiliseert God even later (Genesis 6) zijn vriend Noach en zijn familie. Duizenden jaren geleden zag God dus al dat de ‘boosheid des menschen menigvuldig was op aarde... en het berouwde de Heere dat hij den mensch op aarde gemaakt had, en het smartte hem aan zijn hart...’ Toen al! ‘En de Heere zeide: Ik zal den mensch, dien ik geschapen heb, verdelgen van den aardbodem...!’ Er is echter één groot verschil met de tijd van Noach. De mens van de 21ste eeuw zal wellicht zichzelf vernietigen. Hij denkt trouwens toch dat hij zelf God geworden is. Jaja, ook die van Berbroek!
32. PARK BERBROEK (dinsdag 18 december)
Wat een belachelijk initiatief! Een Nationaal Park Hoge Kempen in Vlaanderen dat zich uitstrekt over een grondgebied van 5.700 hectare. Dat is ruim 10 keer zo groot dan Berbroek (548 ha) en slechts zo omvangrijk dat een luipaard er amper kan versnellen zonder zich daarbij te pletter te lopen tegen een auto op een van de duizend secundaire wegen die het zogeheten park doorkruisen. Want zeg nu zelf: zo’n nationaal park roept toch beelden op van Afrika, de Russische toendra of de Canadeze grizzly-wouden... Een echt nationaal park is wel wat anders. The Great Bear Rain Forest, een gebied van 1,5 miljoen hectare (de helft van België) langs de kust van British Columbia: dàt is een voorbeeld van een echt nationaal park. En het park dient er net zoals alle andere nationale parken op de wereld om een diersoort te beschermen. In dit geval de Amerikaanse zwarte beer waarvan er maar zo’n 400 meer leven op aarde! Maar hier in Limburg moet bijna niemand beschermd worden. Niet de Ford-arbeiders in Genk, niet de mandenvlechters in Dilsen-Stokkem, niet de milieuambtenaren in As noch de parkopzichters van Bokrijk. Misschien wel de asielzoekers in Hengelhoef, maar daar zorgt minister Vande Lanotte goed voor. Waarom dus drie miljard frank of 0,07 miljard euro spenderen aan een park waarin meer huizen, openbare wegen en één gehekeld klooster staan gebouwd? Dat ze dan meteen Berbroek beschermen. Dat is nog handelbaar én betaalbaar. In plaats van drie miljard frank zal één miljard dan ook ruim voldoende zijn om van het landelijk gehucht-bij-uitstek een landjuweeltje te maken om U tegen te zeggen. Berbroek is trouwens al een en al natuur met zijn schitterende uiterwaarden van de Demer en de Herk, de sappige akkers, de malse weiden en de authentieke fauna van koeien, paarden, schapen, konijnen, kippen, mollen en hier en daar een ezel. Tenzij minister Vera Dua in het Nationaal Park Hoge Kempen een aantal Amerikaanse zwarte beren wil laten overleven. Dat kan natuurlijk niet in Berbroek.
33. KERSTMIS (dinsdag 25 december)
“Kerstmis is de dag dat ze niet schieten”. Ik denk dat Wannes Van de Velde die ene beklemmende zin heeft neergeschreven als was het een zin uit een werk van een Nobelprijswinnaar van de Vrede. Het doet er niet toe, maar die zin is voor mij Kerstmis ten voeten uit. Ook al staan op Kerstmis 2001 de Palestijnen in de rij voor zelfmoordaanslagen, ook al kondigt de Filipijnse president Arroyo een kerstbestand af met de rebellen, ook al beramen Tamil Tijgers een aanval in Sri Lanka, ook al zijn er permanente brandhaarden als Molukken, Baskenland, Atjeh of Kalimantan... en ook al rijden ze in Berbroek nog 120 km/u op secundaire wegen. Moordenaars! Maar Kerstmis is de enige dag van het jaar waar ik hoopvol naar uitkijk. Als een kind naar Sinterklaas. Als de paus naar God. Als Soedanezen naar een glas water. Lekker Kerstmis, omdat het voor mijn hele familie simpelweg één grote familiedag is waarop ik door mijn ouders zo exquis verwend wordt als was ik opnieuw het zoontje van pakweg 40 jaar geleden. Hmmmm, heerlijk is dat. Freud kan de pot op want de hele dag kort bij vader en moeder, die dan vertellen en koken alsof ze twintig zijn, moet hetzelfde zijn als in de hemel wandelen. Goddelijk, kortbij mijn drie zussen alsof we nog samen de warme kamers van het ouderlijke huis delen. En na het kerstmaal urenlang geschenken uitdelen en uitpakken en lachen en snikken om zoveel liefde die in zo één simpel gezin kan leven. En op televisie draaien ze ouwe kaskrakers waarbij nog geen bloed tegen het scherm spat of Big Brother meekijkt welke overheerlijke soep moeder heeft gekookt. Kerstmis smaakt thuis zo zoet als veenbessen gedrenkt in honing met daarover nog een sausje warme chocolade. Iedereen baadt in hetzelfde zalige gevoel en wellicht zijn zulke brandhaarden van spontaan geluk nog schering en inslag elders in Limburg. En dat is dan de hoop op Kerstmis. De hoop dat het een dag later weer beter gaat in het land en de hele wereld. CNN zou daar beter een uitzending van maken in plaats van de kerstboodschap van de paus in drieënveertig talen over de mensen uit te gieten als dunne soep met rijst.
34. WENSEN 2002 (dinsdag 1 januari 2002)
Ik wens iedereen in 2002 een eigen filosoof toe. Zoek hem in de boeken, op straat, aan de toog, in de kathedraal of in Berbroek! De filosoof mag klassiek, belegen of jong zijn, maar hij moet wel als geestelijke kracht kunnen worden ingezet tegen de oprukkende verloedering van de huidige mens en de gepolutioneerde maatschappij. Wie kiest voor Baruch de Spinoza (1632-1677) zal merken dat de mensen na 500 jaar wroeten en zweten nog niet erg veranderd zijn. Oké, we weten sinds de nieuwe BBC-reeks ‘In het spoor van de dino’s’ (VRT, elke zondagavond) dat er miljoenen jaren nodig zijn om de aard van een beestje drastisch te veranderen. Een mens is weliswaar geen beest, maar wie voor de filosoof D.A.F. de Sade kiest, zal zich de beest-mensvraag toch wel eens stellen. Een efficiënte keuze is echter Plato, de meest invloedrijke denker uit de hele geschiedenis. Plato leefde 400 jaar voor Jezus Christus, maar wist bijna zoveel te bedenken als geschreven staat in de bijbel. Maar dan anders. Toch moet het Oude Testament met dezelfde ambitie als Plato’s meesterwerk ‘De Staat’ worden doorgenomen! Voor avonturiers die in België op zoek gaan naar straffe filosofen zijn er de kleppers Leo Apostel en Leopold Flam (1912-1995). Lees zeker Leopold Flam want op een verrassende manier ontmoet je dan al de filosofen, van Thales van Milete tot Claude Lévi-Strauss! Bovendien word je door zijn schrijfstijl zo bij de keel gegrepen dat je bijna letterlijk voelt wat de filosoof bedoelt. Zeer interessant bij het uitklaren van hedendaagse problemen zoals stress, ruzie met vrienden, contact met de verzuurde maatschappij, protesterende antiglobalisten, hypocrieten op het werk... kortom: Leopold Flam biedt naast een luisterend oor ook een hartversterkend antwoord voor de huidige mens die te veel denkbeeldige ziektes heeft en te veel panikeert over irrelevante zaken. Of er in Berbroek ook een filosoof leeft die je kan kiezen? Er wonen een paar pragmatisten (belangrijkste doelstelling is het denken te verhelderen, nvdr) die wellicht ooit de brug zullen vormen tussen de 20ste en 21ste eeuw, maar ze moeten hun geleerde boeken nog schrijven! Even geduld, dus!
35. OVERZICHT (dinsdag 8 januari)
Omdat iedereen denkt dat er op het einde van elk jaar of het begin van een nieuw jaar traditioneel overzichten van diverse pluimage moeten gegeven worden, doe ik het ook. Niet om het elfendertigste overzicht zwart op wit neer te schrijven, maar wel om de totale zinloosheid ervan aan te tonen. Zelfs om die zinloosheid van overzichten te linken aan het ingeboren nihilisme bij elke mens. Mijn overzicht gaat daarom over het aantal keren dat Berbroek in het regionale nieuws van Limburg is verschenen tijdens het afgelopen jaar of zeg maar 2001. Zoals jullie weten is Berbroek een deelgemeente van Herk-de-Stad die al even onbekend is in de kleine wereld als het Eravikulam National Park in India. Voor alle duidelijkheid is de bron voor dit overzicht de krant Het Belang van Limburg, de grootste regionale krant in België en de onklopbare nieuwsbrenger in de provincie met meer dan 100.000 verkochte exemplaren per dag. Genoeg reclame: hét zinloze overzicht! In 2001 verschenen 77 kleine en nog kleinere berichten van Berbroek in de pers. Er waren 20 nieuwsberichten waarvan het belangrijkste nieuws ‘Berbroek op zijn kop’ was omdat in het weekend van 20 mei een grote feesttent in het centrum werd neergezet. In de sport waren er 20 berichten waarvan de hoofdvogel de familie Poels uit Berbroek was die al de vierde bloementuil kreeg voor de duivensport of ‘Johan Poels won Vierzon met een oude duif’! Er waren 6 toeristische berichten en 2 berichten met een gekleurd crimistaartje. Berbroek werd 28 keer vermeld als ‘provinciale plaats’ voor iets of iemand. En er was slechts 1 human interestbericht met ‘Dokter Forier, de gezondheidsinspecteur die ons waarschuwt bij ziektes’. En dat, beste lezer. Dat was Berbroek in 2001. Er is nergens vermeld dat er mensen zijn gestorven noch geboren zijn. Niet geschreven dat er nog ruim 600 woongelegenheden liggen. Er is geen harde criminaliteit en ongelukken met ernstige gevolgen zijn uitgebleven. Niemand krijgt zijn geld bij het OCMW en er is niemand die pedofiel of verkrachter is... want: het staat nergens geschreven! Kortom: in Berbroek is het uitstekend wonen. Zeg het absoluut niet verder!
36. KEN JE DAT? (dinsdag 15 januari)
De hele week had ik me verheugd om een voordracht te gaan bijwonen in Brussel. Ik verlangde vurig naar die ene dag dat ik de avant-première van Jan De Breucker zijn film ‘Slumberland’ zou zien. Zo, hunkeren naar iets. Ken je dat? Ik zou niet alleen gaan. Neen, mijn vriend Kalebka uit Houthalen ging mee. We hadden afgesproken aan de carpoolparking in Lummen. Een paar dagen voor onze grote dag belden we nog even naar elkaar. Kwestie van elkaar niet te missen. Want niet alleen de film, maar ook dat samen zijn was belangrijk! Ken je dat? Ik ploeterde de week door op het werk waar geen taak te heet noch te zwaar was. In mijn achterhoofd was het trouwens al feest. Mijn week kon niet kapot. En plots was het zover. De dag waarnaar ik zo getracht had, was aangebroken. Alsof ik er nooit op gewacht had. Klokslag 18.00 uur stationeerde ik op de carpoolparking om mijn goeie vriend op te pikken. Maar hij was er nog niet. Elke auto die het parkeerterrein indraaide, keek ik naar binnen, maar tevergeefs. Ken je dat? Ik lachte in mezelf en dacht hardop aan mijn makker die wellicht een academisch kwartiertje te laat zou komen. Ik zette de muziek wat luider en zong hier en daar een noot mee. Ken je dat? Het werd 18.20 uur, 18.25 uur en tenslotte 18.30 uur. Kalebka kwam niet, zo begreep ik uit ons gsm-gesprek. Ik moest maar doorrijden. Ja, hij vond ook dat hij me had moeten verwittigen, maar ik wist wel hoe dat ging, hé. Ken je dat? Ach, ik zat niet in Pakistan of op de Gazastrook. Dus, waarom getreurd. Dan ging ik toch alleen, zeker. Met goeie moed toog ik richting Brussel. Het was oerend druk op de autosnelweg, maar ik zong harder dan de meesten reden. Maar gaandeweg dacht ik aan thuis. Berbroek, mijn gezin dat ik de voorbije week bijna niet had gezien, mijn vrouw, mijn dochtertje van zeven, bijna acht. Kleine Sander die zo geweend had toen ik vertrok naar Brussel. Ik vroeg me af waarom ik perse in Brussel moest zijn. Waarom ik er deze keer zo graag wilde bijzijn. Er waren beslist leden genoeg om de film te bespreken. Waarom ik dan ook nog? Waarom ik? Ken je dat? In Holsbeek nabij Leuven reed ik aplomb de autosnelweg af en keerde terug naar huis. Op de terugweg zocht ik duizendenéén excuses waarom ik niet in Brussel zou zijn. Maar ik vond er maar negenhonderdnegenennegentig. Ken je dat?
37. CUI BONO (dinsdag 22 januari)
Er was eens een mediabedrijf. Het noemde zich M&M. Mensen en Media. Er werkten tien mensen en daarboven zweefde een beheerraad. M&M was beursgenoteerd en elk jaar wou de beheerraad betere cijfers. Dat was geen probleem. Jaar na jaar, acht jaar lang, werkten de tien mensen als loyale werkpaarden. Het zakencijfer steeg en ook de winst. Maar het achtste jaar was er een economische crisis. Toen de beursgang het eerste kwartaal niet meer vooruit wou gaan, ging de beheerraad besparen. Eén mens werd ontslagen. En toen was het goed. Het bedrijf kraakte, maar alle negen mensen spanden zich flexibel in. Maar de economie bleef treuzelen. De beheerraad zag na het volgende kwartaal de beurs weer niet stijgen. Erger zelfs. Ze daalde. Drastische maatregelen drongen zich op. De beheerraad ontsloeg deze keer drie mensen. Toen waren ze nog met zes. Die zes mensen plooiden zich dubbel, want M&M was hun leven. Ze werkten en werkten en staken dagelijks nog een tandje bij. Want ze waren echte mensen en koesterden de hoop van Post Nubila Phoebus, na de wolken komt de zon. Maar de crisis was hardnekkig. Ja, zelfs boosaardig. En ook het volgende jaar daalde de beurs. De beheerraad van M&M vroeg een laatste inspanning en voerde een besparing door zodat nog vier mensen overbleven. En toen ze even later nog een mens wilde ontslaan was dát de druppel die de emmer deed overlopen. De vier gingen naar de beheerraad en vroegen: “Welke zin heeft beparen als het bedrijf er dan niet meer zal zijn”? Maar de koppige beheerraad zwaaide met cijfertjes en had berekend dat het met drie nog net kon. Dan! Dan kwamen ze er bovenop. De drie mensen zetten zich aan het werk en stierven in het tiende jaar van M&M door chronisch gebrek aan levenskwaliteit, mensen en media. De laatste woorden van de laatste mens die stierf waren: “Cui bono?”
38. INTERVIEW (dinsdag 29 januari)
Eigenlijk was er eerst niets. Geen sterren, geen zon. Ook de aarde niet. Zelfs geen Janneke Maan. Na een onvoorzichtige ontploffing in de kolossale ruimte ontstond er veel stof. Dat was met geen stofzuiger op te zuigen. Zoveel! Het stof legde zich netjes op elkaar en vormde zo miljoenen jaren later de aarde. Doordat het stof rond de zon draaide, werd het rond en bol. Maar toen een dikke steen met de aarde botste, scheurde er een stukje aarde af. Dat kon niet meer geplakt worden en draaide dan maar rond de aarde. Zo ontstond de maan. Hoe het water op aarde kwam, weet geen mens. Zelfs de grootste geleerden niet. Misschien weet God het wel? Want water is belangrijk. In dat water zat leven. Allemaal wormen die zo nu en dan eens op het land gingen uitrusten. Daar kregen ze poten en begonnen ze te stappen. Sommigen vlogen. Anderen bleven lekker in het water. Denk maar aan de walvissen. De wormen van het land groeiden snel uit tot dinosaurussen, maar toen plots nog eens een ferme steen op aarde neerplofte, verdwenen de reuzendieren. Na een duisternis van twee lange jaren kwam er opnieuw licht en de apen ontwikkelden zich tot slimme apen en daarna gewoon tot mensen. Die joegen de apen terug in de bossen en bleven zelf op de akker achter. Daar teelden ze gewassen, pluimvee en zochten slaven. Eerst waren dat zwarte mensen, daarna gewone dommeriken. Tweeduizend jaar lang voerden de mensen oorlog en deden ze beroep op slimmeriken zoals Leonardo da Vinci, Newton en Einstein. Socrates praatte lange tijd alles aan elkaar. Nu zijn de mensen dankzij computers bijna volledig ontwikkeld en vechten ze alleen nog om de wereldeconomie op peil te houden. Dat vinden antiglobalisten niet zo fijn. De aarde wordt stilaan onleefbaar door vuilnis en vuiligheid in de lucht. Straks zullen de mensen langzaam sterven en wordt de aarde opnieuw een gewone planeet zoals Mars of Jupiter. Zo is dan de cirkel weer rond. (Interview over de aarde met Rupert, 9 jaar)
39. EVIDENT (dinsdag 5 februari)
Als ik thuis kom van mijn werk en mijn vrouw of kinderen vragen:”Papa, wat heb je vandaag gedaan?”, dan kan ik altijd overduidelijk zeggen WAT. Meer zelfs: ik kan zeggen:”Duw de televisie aan en zap naar Telekrant. Alles wat je ziet verschijnen is door mijn handen gegaan.” Zo onmiskenbaar is dat. Ik maak met mijn beste collega’s dagelijks een kabelkrant voor de hele provincie Limburg en met ons uitgesproken super-kleine team doen we dat met zo’n bezetenheid, dat we alle vier denken dat er nooit een kabelkrant zonder ons kan bestaan. Dat is voor ons zo helder als een glas. Ben ik nu een gelukkig mens? Ik heb aardig wat geluk, ja. Dat is zonneklaar. Temeer daar ik de jongste tijd geen PCB-kippen heb gegeten noch bij de 5.000 griepdoden ben. Ik heb een gezin met twee kinderen en ik mag straks ook dankzij de nieuwe verkeersborden van minister Isabelle Durant op een aparte rijstrook gas geven op de autosnelwegen. En om bij madame Durant te blijven: als ik vanaf oktober 2002 een reflecterende nummerplaat heb, zal ik ongewild mijn geprononceerde tegenligger manifest verblinden zodat hij ook plaats ruimt op de heilige weg. De toekomst kent dus geen grenzen. Dat is klip en klaar. Ik behoor niet tot de één op vier gezinnen die kampen met lawaaihinder, ik heb geen buitenverblijf in de vulkaanstad Goma en ik geloof volop in de regel ‘Er is leven voor de dood’. Voor mij ‘zo klaar als een klontje!’ Veel van mijn vrienden scoren in hun leven, ik houd niet van kansspelen zoals voetbal en ik benijd oscarwreter Robert Redford helemaal niets, want hij is al 64. Mijn geluk ligt er dus duimendik bovenop... Toch is mijn geluk niet evident, want evident is niet vanzelfsprekend noch klaarblijkelijk. In de evidentie straalt de werkelijkheid van het zijn en het waar-zijn op. Zij toont en manifesteert zonder door bewijzen openbaar te maken wat er is en dat het zo is en niet anders. Het wat-zijn heeft bewijzen, argumenten en redeneringen nodig. Het zo-zijn is het dat-zijn, de existentie. Hier kunnen argumenten en bewijzen niet veel bewijzen en helemaal niet overtuigend, namelijk evident zijn. Ik heb het dus niet gemakkelijk, maar ik ben wel heel gelukkig.
Top
|
|