|
|
|   |
Column 'Groeten uit Berbroek' - Columns 350 t.e.m. 359
359. De man met een arm (dinsdag 25 maart)
Ik zag de man met één arm op paasmaandag. Hij was netjes gekleed en goed
verzorgd. Zijn lichaam hing een beetje schuin naar de kant waar de arm
ontbrak. Je zou denken dat het net andersom zou zijn, maar neen, hij helde
over naar rechts. Alsof de ontbrekende arm zwaarder woog dan de volle arm
met alles erop en eraan. Het deed me niet geheel gevoelloos denken aan de
zwarte gaten in de ruimte die ook niet waarneembaar zijn, maar ook feller
doorwegen dan zichtbare sterren. Bovendien, zo zegt Brian Greene in zijn
'Ontrafeling van de kosmos' hebben zwarte gaten de meest ondoorgrondelijke
pokerfaces van het heelal. En volgens Greene lijken de zwarte gaten van de
buitenkant gezien heel simpel in elkaar te zitten, maar olala, wie ze
bestudeert stelt al gauw vast dat de zwarte gaten 'geen haar hebben' wat
bij natuurkundigen betekent dat ze gedetailleerde eigenschappen missen die
hun een zekere individualiteit geven. Wel! De man met een arm had ook een
zwart gat bij zich. En hij gedroeg er zich duidelijk naar. Hij hing naar
rechts. Hij lachte zolang ik hem observeerde en die lach kan ik niet
omschrijven omdat hij was zoals een droom. Eigenlijk heb ik niemand ooit
zo blij zien lachen, constant en bij elke handeling die hij deed. Elk
gesprek dat hij begon en eindigde en alles wat ertussen zat, lachte hij.
Het was meer dan een glimlach, minder dan een lach en misschien was zijn
lach de blijdschap die ook Salvator Dali altijd toonde als hij met Amanda
Lear op stap was. Of in haar bijzijn vertoefde. Ik zou ook lachen met een
Amanda aan mijn zij. Vroeger meer dan nu. Ze moet intussen de vijftig
gepasseerd zijn. De man met een arm droeg een chique vest. Satijnbordeaux
en al naargelang de lichtinval zwart of wijnrood. Goede wijn; laat daar
geen twijfel over bestaan. Een Passa Porta van de duurzame
Bohrmann-plantages in arm Portugal. Niet zijn flauwe voor het gepeupel,
maar de echte bloedrode voor mensen die beter zijn dan mensen, of dat
zouden moeten zijn. Onder de mooie satijnen bordeaux-vest droeg de man een
sneeuwwit hemd. Het was dezelfde witheid waarmee de hemel op paasmaandag
24 maart 2008 om de haverklap vlokken uit de hemel toverde. Wit om te
beminnen. De witte kleur van de zeven hoofdzonden. Wit waarin alle
perfecte kleuren van de regenboog verborgen zitten. Het wit van Newton
wanneer hij ongelooflijk hard aan zijn ronde schijf draaide waarop alle
kleuren van Van Gogh geschilderd waren. Zó wit. Ongelooflijk wit. Wit uit
de hemel. Wit, recht uit het hart. Het wit van de tegels van de tempel van
Salomo. Het wit als hevigste contrast van het diepste zwart van Faust.
Faust van Goethe. Pas op! Niets slecht van Faust. Of nog minder van
Goethe. Goethe gaf Europa een stem. Maar als de kosmos wil verder leven,
dan zal het dankzij zwart en wit zijn. Het wit van het hemd van de man met
een arm. Het zwart van Faust. Wit en zwart zorgen voor een fenomenale
spanning die alles in beweging houdt. Zonder beweging geen leven. Leven is
bewegen. Rust roest. Een flauwe metafoor die al jaren meegaat, maar zo
terecht als sneeuw wit is, en een zwart gat zwart. Ik kan wenen van
ellende als ik op dit moment, paasmaandag kwart over zes, weer denk aan die
man met een arm, geplaagd met een zwart gat dat begint vanaf zijn
rechteroksel en nergens stopt. Ik kan wenen van verbijstering omdat die
man met een arm zo ontroerend en eeuwig kon lachen. Ik zou wenen van geluk
als ik de man met een arm opnieuw in actie zou kunnen zien. Wie de lach
van die man met een arm zou gezien hebben, zou lachen nooit meer
associëren met een grap, met een komische film, met het Lachfestival van
Houthalen-Helchteren, maar zou de lach voor altijd associëren met het
leven. Het blijde leven dat moet geleefd worden. Vanaf de geboorte, over
de bewustwording tot de wijze van veertig en vijftig jaar, tot diep in de
jaren van ouderdom waar geen leeftijd op staat. Ik hou van Narinka! Zij
is wit. Zij heeft al haar armen nog. Zij is een vrouw zoals de Amazone. De
oorsprong ligt ergens aan de poreuze grens tussen Brazilië en Venezuela.
In het moerassige gebied waar de gewelddadige Yanomami-indianen nog
zegevieren, maar waar inderdaad de Amazone en de Orinoco hun
gemeenschappelijke bron hebben. In de late jaren tachtig van de vorige
eeuw herontdekt door wereldreiziger vijf sterren Redmond O'Hanlon (voor
O'Hanlon voorgedaan door Alexander von Humboldt tussen 1799 en1804). Te
overwinnen dus, maar tot welke prijs? In het boek 'Hoe te beminnen' van
Machteld Allan maar één aanwijzing op bladzijde 139, middenin. Ik citeer
"Men kan niet aannemen dat er een God is die hart en nieren toestaat en
die kan scheiden wat ons van nature en wat ons uit vrije keuze toekomt."
Moeilijke zin? Moeilijke spiritualiteit? Zeg niet te snel volmondig ja! De
Europese migratie, ontdekkingsreizen en veroveringen van de Griekse
Oudheid tot heden vallen veel lastiger te begrijpen. Ondanks de duizenden
boeken die erover nagedacht zijn. Alberto Manguel zou me wel begrijpen met
mijn witte vrouw met zwart kanten ondergoed. Deze Argentijnse erudiet die
naar mijn weten momenteel in Frankrijk leeft na omzwervingen in Italië,
Engeland en Tahiti, zou me duizend keer begrijpen. Hij weet wat
schrijven en lezen betekent en als er twee, neen, pakweg drie mensen me
geleerd hebben te lezen, te schrijven en er begrijpend over te mijmeren,
dan zijn het wel die knappe Alberto Manguel, maar ook Umberto Eco en
George Steiner. Kan het ook anders? Ik denk het niet. Het zijn bakens in
de zee van pen en papier. Rotsen in de branding van de Mont Blanc inkt,
tinte, encre, tinta, ink! Zij zijn witte schrijvers, zo wit als sneeuw.
Jij denkt nu aan tautologia en pleonasmen. Niet doen! Het leven wordt te
veel gestructureerd. Te veel in schuifjes gestoken. Breek uit. Breek uit
jezelf. Zoals de man met een arm. Leef! Lach. Reis door Calabrië met
gestolen vijgen en beleef de aarde, de lucht, het water en het vuur van
Empedocles. Zeg wit op wit wat je te zeggen hebt. Combineer het met
zwart-zwart. Geen tussentonen meer. Geen licht wit of ivoorwit, maar wit.
Hemelwit! Geen lichtzwart of donkerzwart! Kosmoszwart. Leven met
wit-zwart. Zwart-wit. Leven en. lachen. De man met een arm kan het. Heb ik
spijt dat ik zijn naam niet gevraagd heb. Van waar hij komt. Zijn
referenties zwart op wit. Zijn thuishaven. Ik ben er weliswaar kortbij
geweest. Hij heeft verschillende keren in mijn ogen gekeken en ik in de
zijne. Dat was ons enige contact en het tikte zoals een Zwitserse klok.
Het zorgde voor een lawine van onafhankelijkheid in mijn hoofd. En ik
merkte dat mijn terug-lach hem eveneens enorm plezierde. Op die
gelukzalige momenten had ik de man met een arm kunnen knuffelen. Ik
verlangde er zelfs naar. Hij zou me natuurlijk niet volwaardig kunnen
omhelzen, maar juist die tekortkoming zou kracht geven aan de omhelzing.
Geen wit zonder zwart. Geen dichter zonder nadrukkelijkheid. Geen Goethe
zonder Faust. Geen geslachtelijke liefde zonder metafysica. Geen Hegel
zonder Schopenhauer. Geen ongelooflijke paasmaandag zonder sneeuw. Vier
knopen stonden er aan zijn satijnen bordeaux-vest. Soms boog hij voorover
alsof hij zijn evenwicht zocht. Hij zette dan zijn linkerarm in zijn zij.
En even dacht je dan dat hij ook zijn pijn verbijten moest, maar hij bleef
lachen. Het was enkel pijn van verlangen om verder te leven, om verder te
praten, om verder te lachen. In die haast wellustige pozen kwam hij meer
dan ontzettend charmant over. En de vier knopen accentueerden dan op een
mysterieuze manier zijn geborgenheid. De kleur van de vest was zijn
harnas. Zijn wit hemd symboliseerde de helderheid waarmee hij praatte.
Elke zin smaakte als een zachte perzik. Een zoete mango. Een Chiquita die
zacht naar binnen glijdt en waarvan het genot dubbel is, in gedachte en
dan die smaak. Haydn in La Reine. Hesse in Siddhartha. Goethe in Faust.
Nietzsche voorbij goed en kwaad. De man met een arm had het allemaal. Zie
hem daar staan!
Appendix
STRAFFE TOEBAK
De gletsjers in de wereld smelten sneller dan ooit. Miljoenen, zo niet
miljarden mensen zijn direct afhankelijk van deze natuurlijke
waterreservoirs voor drinkwater, de landbouw, de industrie en de
energiecentrales. De Dienst Wereld Gletsjermonitor, gevestigd in
Zwitserland bestudeert dertig gletsjers in negen gebergten en stelde vast
dat in de periode 2004/05 en 2005/06 de snelheid waarmee de ijsmassa's
smelten, verdubbelde. Het smeltrecord is in drie van de afgelopen zes jaar
gebroken. [Bron: De Volkskrant, zaterdag 22 maart 2008]
HET CIJFER
Op www.hartenziel.nl reikt psycholoog en journalist Ad Bergsma 14 ideeën
aan die ons welbevinden vergroten. De 14 stappen steunen op onderzoek van
de Amerikaanse psycholoog Michael Fordyce, grondlegger van de positieve
psychologie. Uit onderzoek blijkt dat mensen die de ideeën in praktijk
brengen net wat gelukkiger worden. [Bron: De Volkskrant, zaterdag 22 maart
2008]
UITGESPROKEN
"We zijn voor het milieu en tegen kinderarbeid. Maar als daardoor de
producten duurder worden, gaan we elders shoppen." Robert Reich,
hoogleraar (economie) aan de University of California [Bron: Knack,
woensdag 19 maart 2008].
358. Het eeuwige romantisme (dinsdag 18 maart)
De stroom lag er rustig bij. Op een plaatsje waarvan je met enige
verbeelding kan spreken van een strandje, liepen de libel en de nachtegaal
mekaar tegen het lijf.
Ik zoek vuur, zei de libel. Wat wil je dan gaan doen, vroeg de nachtegaal.
Ik ga een hele dikke Hoyo de Monterrey roken. Hoe kom je daarbij, wilde de
nachtegaal weten. Ik heb ze gekregen van een hele dikke vriend uit
Corsica, antwoordde de libel trots. Ben jij bevriend met de moeflon,
verbaasde de nachtegaal zich. Jazeker, stak de libel trots zijn kop
omhoog. En als ik in Corsica kom, krijg ik er nog een. Met ringmaat 50.
Eigenlijk krijg ik er net zoveel ik wil, want de moeflon heeft er een
plantage van de beste tabaksplanten. Dan heb je er voor mij toch ook wel
eentje bij, probeerde de nachtegaal. Oh neen, repliceerde de libel
onmiddellijk. Ik kan er maar eentje dragen als ik naar de rivier kom om ze
op te roken. Ik ben niet zo groot, zie je wel. Maar je mag er eens aan
trekken als je wil. Maar zoals ik reeds zei: eerst moet ik vuur vinden. Ik
heb er gisteren nog gezien, knikte de nachtegaal. Waar? Wilde de libel
weten. Onderaan de stroom zat een oude man te vissen en hij had ook een
sigaar in zijn mond. En daar zat vuur in. Goed vuur, wilde de libel weten.
Goed vuur, bevestigde de nachtegaal. Zelfs heel goed vuur want de man
lachte ook al ving hij geen enkele vis. Dat is het vuur dat ik moet
hebben, stak de libel de sigaar al in zijn mond. Wacht even, merkte de
nachtegaal op. Misschien is dat loze vissertje er al lang niet meer. En de
voorbije dagen heb ik verder geen sikkepit vuur gezien. Kunnen we dan zelf
geen vuur maken, vroeg de libel zich hardop af. Er liggen hier stenen
genoeg. Stenen? Lachte de nachtegaal. Ga je met stenen vuur maken? Huh
huh, mompelde de libel. Man toch, lachte de nachtegaal nog harder terwijl
hij tussen zijn opmerking door een fluitend geluid liet horen. Hij
herhaalde. Man toch, we leven in de eenentwintigste eeuw, we gaan toch
geen stenen meer tegen elkaar kletsen om vuur te maken. Haal dan vuur,
trok de libel zijn schoudertjes op. De nachtegaal keek met gefronste
wenkbrauwen naar de libel en fladderde dan aarzelend de lucht in. Vloog
met een duizelingwekkende snelheid naar het plaatsje aan de stroom waar
het de paffende oude man gezien had, maar vond daar niets terug dan
platgewalst gras en een hoopje as van de sigaar. Hij cirkelde nog even
boven de plek in de hoop op niets, maar je weet maar nooit had hij van
zijn ouders meegekregen, en vloog toen terug naar het strandje. Toen hij
naderbij kwam, zag hij een rookpluim in de lucht opstijgen. Verbaasd gaf
hij extra kracht aan zijn vleugels en op een wip landde hij naast de libel
die gretig aan zijn brandende sigaar aan het lurken was. Lekker!
Glimlachte de libel. Moet je ook eens? Waar haal jij opeens dat vuur
vandaan, protesteerde de nachtegaal een beetje nors. Ik had nog enkele
lucifers in mijn zak zitten. Helemaal vergeten, keek de libel dromerig in
de lucht. Had je dat daarstraks niet even kunnen controleren, reageerde de
nachtegaal geërgerd. Ik vlieg me tien kilometer - enkel! - te pletter
terwijl jij verdorie vuur bij je had. Ach man, maak je toch niet zo druk,
stootte de libel tegen de nachtegaal. Hier. Trek eens. Deze Hoyo is van
uitstekende kwaliteit. Hmm, trok de nachtegaal aan de sigaar. Lekker. Ik
krijg ze nauwelijks in mijn mond, kreeg de libel de slappe lach. Ja,
startte ook de nachtegaal zijn slappe lach. Ik zie het. Het is meer sigaar
dan libel. Kijk, schoot de libel opnieuw in zijn lach. En terwijl hij
kringetjes blies, probeerde hij met sigaar en lijf erdoor te vliegen. De
nachtegaal hinnikte van het lachen en probeerde het kunstje even later
zelf uit te voeren. Maar zijn kringetjes waren te klein om het kunstje na
te doen. Terwijl ze nog nagniffelden, trokken ze de laatste inspiratie uit
de sigaar. Broederlijk hadden ze de sigaar kopje kleiner gemaakt. Rondom
hen lag een hoop assen en de nachtegaal vroeg zich af of ze dat niet
moesten opruimen. Ach neen, antwoordde de libel. Bij een wassende stroom
wordt straks alles meegenomen. Zo kunnen de vissen ook nog een beetje
profiteren van deze heerlijke Cubaanse tabak. Of wat er nog van
overblijft, giechelde de nachtegaal. Wat ga je nu nog doen, vroeg de libel
aan de nachtegaal. Ik ga wat zingen in de oude hulst aan het stationnetje,
klonk de nachtegaal tevreden. En jij? Ik vlieg recht naar de waterval. In
mijn kopje zit te veel vuur om het zomaar te doven. Ik ga dus een potje
schilderen. Doe jij nog altijd magisch-realisme, stegen ze samen op in de
lucht. Dat kan je zo wel zeggen, knipoogde de libel. Ze waren nu toch al
gauw twintig meter boven de grond. Allé, dan vlieg ik maar eens door,
kuste de nachtegaal de libel drie keer. Hou je goed, lieve vriend, stak de
libel zijn kinnebakje omhoog.
Appendix
STRAFFE TOEBAK
In Australië hebben ze er een nieuw knelpuntenberoep bij:
onderzeebemanning! De Australische marine komt ruim een derde aan
bemanningsleden tekort zodat slechts de helft van de Australische
onderzeeërs maar gelijktijdig kan uitvaren. Daardoor kan de marine niet
flexibel op militaire crisissen reageren. Opvarenden kiezen vaker voor het
beter betaalde werk in de mijnen - waarvoor dezelfde kwalificaties vereist
zijn - in het Australische binnenland, meldt het dagblad The Australian.
[Bron: Vacature, zaterdag 15 maart 2008]
HET CIJFER
Van de vijf miljoen automobielen die in België zijn ingeschreven, zijn
590.000 stuks Volkswagens. Het Duitse automerk is zo de numero uno in
België, aldus automobielfederatie Febiac Het tweede merk is Opel met
582.000 auto's. Derde en vierde zijn de Franse automerken Peugeot en
Renault met respectievelijk 423.650 en 417.000 stuks. Ford bekleedt de
vijfde plaats met 412.600 auto's. De rest van de Top 10 wordt aangevuld
met achtereenvolgens Land Rover (20.600), Chrysler (18.500), Lancia
(18.400), Mini (16.800) en Porche (16.300). [Bron: De Morgen, zaterdag 15
maart 2008)
UITGESPROKEN
"Ik hou niet zo van alle kantenmensen. Zeker in een bewindspersoon moet
een steen liggen. Desnoods een ruïne, maar wel onvervreemdbaar." Hugo
Camps [Bron: De Morgen, zaterdag 15 maart 2008]
357. De stem van het hart (dinsdag 11 maart 2008)
Ziel en dood verhouden zich zoals hart en leven. Zielenknijper,
zielenleed, zielenherder, zielenpijn, zielenpoot, zielenrust, zielig,
zielkunde, zielloos, zielsbedroefd, zielsgelukkig, zielsgraag, zielsrust,
zielstevreden, zielsverhuizing en zielzorg. De ziel en de geest zijn twee
handen op een buik. Etymologisch is ziel verwant met 'geest' en komt het
van het Middelnederlands 'siel(e)' of 'ziele'. Hart! Hartaanval,
hartambulance, hartbrekend, hartchirurg, hartendiefje, hartenkreet,
hartenlap, hartelijk, harteloos, hartenbreker, hartenpijn, hartenwens,
hartgrondig, hartig, hartinfarct, hartkloppingen, hartroerend,
hartsgeheim, hartsgrondig, hartspecialist, hartsterkend, hartstikke,
hartstimulator, hartstocht, hartstochtelijk, hartsvriend, hartverheffend,
hartveroverend, hartverscheurend, hartversterkend, hartversterking,
hartverwarmend, hartzeer. Je ziet. De lijst van het hart is veel, véél
langer dan die van de ziel. De herkomst van het woordje hart (spier die de
bloedsomloop regelt) komt van het Middelnederlands 'herte' of 'harte'. Het
valt op dat de samenstellingen met ziel niet zo talrijk zijn als die van
hart. Dat heeft onmiskenbaar te maken met de causaliteit van de woorden
met respectievelijk de dood en het leven. Over de dood is zo weinig
geweten als over de oceanen. Ook al vormen de oceanen drie vierde van het
aardoppervlak. Duurt de dood zoveel langer dan het leven. Toch willen de
mensen almaar over het leven praten en zo weinig mogelijk over de dood.
Dat blijkt nog meer uit het aantal spreekwoorden, spreuken en zegswijzen
die gerelateerd zijn met ziel en hart. Met de ziel als kloppend hart zijn
er maar een vijftiental courante populaire uitdrukkingen. Je kent ze
wel... iemand op zijn ziel trappen, hoe meer zielen, hoe meer vreugd, ter
ziele gaan, een zieltje zonder zorg en zijn hele ziel ergens in leggen. De
ziel zit duidelijk meer in de kreten en slogans over het hart. Kaskrakers
zijn: alles hebben wat zijn hartje begeert, dat doet het hart sneller
kloppen, dat ligt mij na aan het hart, de harten veroveren, een gebroken
hart, een goed hart hebben, het hart op de tong hebben, iemand een hart
onder de riem steken, iemands hart stelen, in hart en nieren... om
uiteindelijk te belanden bij de verzoeningsuitdrukking: met hart en ziel.
Met hart en ziel heeft ook een Engels equivalent 'With heart and soul',
maar in andere talen zegt men in plaats van 'hart' vaak 'lichaam'. Zo
wordt dat in het Duits 'Mit Leib und Seele' en in het Frans 'Corps et
âme'. Het is belangrijk de woordenlijsten van ziel en hart te kennen
alsook de gevleugelde woorden. Deze beknopte woordenschat is onontbeerlijk
en is absolute pasmunt om terdege te kunnen praten over de materie ziel,
dood, hart en leven. Wie over de ziel en het hart, of de dood en het leven
wil converseren, moet deze woorden-schat geabsorbeerd hebben zoals planten
dat doen met licht. Dag na dag. Een plant doet het om te overleven. Wij
moeten het doen om te kunnen blijven praten op niveau.
Alle filosofen hebben tot in den treure over leven en dood nagedacht en
bibliotheken volgeschreven. Er is echter geen enkele filosoof die de dood
voor de mensen aanvaardbaar heeft gemaakt. Misschien Albert Camus, maar
hij was dan ook geen filosoof in de betekenis van 'philos' (die houdt
van...) + 'sophia' (wijsheid). Ook van het leven pur sang hebben filosofen
een zootje gemaakt. Wie kan nog redelijk leven na het lezen van de werken
van bijvoorbeeld Jean-Paul Sartre. Wie even gegrasduind heeft in de
memoires van Simone de Beauvoir en het onthullende 'Tête-à-Tête' (Simone
de Beauvoir and Jean-Paul Sartre) van Hazel Rowley diagonaal heeft
doorgenomen, moet toch onmiddellijk de straat op om het leven verder te
zetten als pornografische wellustige. Loopt met zijn ziel onder zijn arm!
Wie van Nietzsche houdt en hem begrijpt, wil toch niets meer met mensen te
maken hebben en zoekt asap een berg om erop te heersen zoals een
Zarathustra. Draagt het hart hoog! En denk zo maar verder. Michel Onfray
(lees zeker zijn werk 'Atheologie') denkt keigoed en is aangenaam om te
lezen, maar hij laat toe dat zijn filosofische werken nog commerciëler
uitgegeven worden dan maandverband. Hij verkoopt zijn ziel aan de duivel!
En Plato dan? De oer-filosoof. Hij is de verpersoonlijking van het verhaal
van de kip en het ei. Zonder Plato geen Socrates. Zonder Socrates geen
Plato. Of was Plato, Socrates zelf? En indien niet... is Plato dan niet
gewoon een uitmuntende schrijver geweest die de lotgevallen van Socrates
perfect heeft weergegeven in vijf boekdelen? Twee zielen, één gedachte!
Het wordt me echter bang om het hart als ik over de mijmering van Michel
de Montaigne nadenk. Ter verduidelijking. Montaigne is geen filosoof, maar
een pragmatische denker, een beetje zoals gouverneur Steve Stevaert, zeg
maar. Maar Montaigne vroeg zich af of de meeste geleerden (lees: alle
filosofen) het wel leuk hadden gevonden als Socrates, een man voor wie ze
beweerden de allergrootste bewondering te hebben, in zijn smerige mantel
op hen af was gekomen in hun eigen woonplaats, zonder het aanzien van
Plato's dialogen, en gewone mensentaal had gesproken. dat moet mij nog van
het hart over al die filosofen!
Waar is de ziel en de dood? Waar is het hart en het leven? Misschien
verhouden deze vier parameters van de mens of het menselijk bewustzijn
zich wel zoals de aarde, de lucht, het water en het vuur van de wijze
Empedocles. Dat is een studie waard. Empedocles werd in 492 voor Christus
geboren in Akragas, het huidige Agrigento op Sicilië. Opgeleid als arts
dankt hij zijn huidige faam echter vooral aan zijn werk als filosoof. De
inhoud van zijn denken is ons bekend uit een aantal in hexameters
geschreven fragmenten van zijn filosofisch leerdicht. Wie dit leerdicht en
de inhoud ervan wil kennen, kan ik met ganser harte het boek aanbevelen:
'Empedokles (met k), Aarde, lucht, water en vuur' van Rein Ferwerda
(Damon, 2006). Maar nu terug naar onze vier parameters: ziel, dood, hart
en leven. Met welke elementen van Empedocles laten we ze correleren? Mijn
voorstel: ziel met vuur, dood met lucht, hart met aarde en leven met
water. Wie weet beter?
Wordt vervolgd!
Appendix
STRAFFE TOEBAK
Met het oog op 2008 heeft de Intelligence Group in Nederland een onderzoek
naar 'Wat wil u graag anders zien in 2008' gevoerd. Daaruit bleek dat 1 op
3 werknemers niet van verandering houdt (mannen: 26 procent - vrouwen: 33
procent). Op twee staat een andere baan, gevolgd door een andere baas en
een andere werkplek. Mannen willen ook graag nieuwe software (mannen: 16
procent - vrouwen: 6 procent) terwijl vrouwen liever andere collega's
hebben (vrouwen: 13 procent - mannen: 8 procent). Op de twaalfde plaats
staat een nieuw koffiezetapparaat. [Vacature, 8 maart 2008]
HET CIJFER
Aan de Vlaamse balies werkten eind december 2007 in totaal 8.670
advocaten. Ten opzichte van 1998 is dat een toename van 23 procent. Bijna
70 procent is bezig met zaken die met burgerlijk recht te maken hebben,
handelsrecht is goed voor 54 procent en familierecht komt op de derde
plaats met 45 procent. [Bron: Vacature, 8 maart 2008]
UITGESPROKEN
"Mexico is een land dat zijn indiaanse wortels nooit heeft erkend, maar ze
ook nooit heeft kunnen doorsnijden." Mexicaanse auteur Carlos Fuentes (79)
[De Volkskrant, 29 februari 2008]
356. Schoonheid (dinsdag 4 maart)
Schoonheid is marginaal. Het is een absolute leugen om te stellen dat iets
algemeen 'schoon' is. Elke schoonheid heeft haar geheim en elk applaus
voor welke schoonheid dan ook heeft een achterliggende oorzaak. Zelfs de
filosofie van de schoonheid bestaat uit zoveel hoofdstukken als er mensen
zijn. Maar niet iedereen kan de schoonheid vertalen naar een beeld,
geschreven, gecomponeerd of in een zekere kunstvorm uitgebeeld. Schoonheid
varieert ook zoals de schaduw tijdens een zonnige dag. Schoonheid komt
even plots als het gaat. Schoonheid is overal en nergens. Schoonheid valt
niet te vatten. Schoonheid bevindt zich in hogere sferen die niet
menselijk zijn, maar enkel gedroomd kunnen worden. Een vrouw om in te
bijten, kan op het eerste gezicht wel een schoonheid zijn, maar wie er
letterlijk in bijt stelt met eigen zintuigen vast dat onder die virtuele
laag 'schoonheid' zich bloed en taai vlees bevinden. Bovendien, wie enkele
tientallen jaren wacht, zal die zogeheten schoonheid zien verwelken zoals
bloemen zonder water, opgehangen boven een hitte spuwende kachel. Terwijl
schoonheid momentaan optreedt en bij de geringste wijziging van de
omgeving weer kan verdwijnen zoals een steen in een vat waterstofchloride,
kan de herinnering die ze oproept toch een eeuwig karakter hebben. Dat is
op zijn minst gezegd een zeer geheime eigenschap van schoonheid. Het woord
schoonheid wordt echter nogal gemakkelijk uitgesproken maar het is een
regelrechte schande aan wat of aan welk fenomeen het soms geplakt wordt.
Of aan welke mooie dingen niet!
Kan een wolk mooi zijn? Een klein wolkje geverfd in witte en grijze
kleuren en omzoomd met muizengrijze randen? Helemaal alleen op wandel in
de lucht en meeneuriënd met Moeder Wolk die meters verderop de richting
aangeeft. Niet meer omkijkt, maar recht op het doel verder waait. Een
wolkje dat dapper zijn best doet om de ontembare zonnestralen tegen te
houden, maar daar niet in slaagt. Erger nog, door de voortdurende inslagen
van de nooit aflatende zonne-energie stilaan kleiner wordt om uiteindelijk
één te worden met het geheel, de lucht, de onmetelijke lucht. Het wolkje
dat ik omschrijf, had maandagnamiddag alleszins de kracht om mij
minutenlang in de ban te houden van de schoonheid waarmee het
waarschijnlijk al honderden kilometers had afgelegd vooraleer zich aan mij
te tonen en dan, als in een ongelooflijke natuurshow, zich plots
onzichtbaar te maken. Voor mij. Voor mij alleen op een tergende
maandagnamiddag terwijl ik even door het venster keek. Zomaar, in harmonie
met mijn gevoel op een moment dat rust en stilte voor mijn geest aan de
orde waren. Was dit de wet van het geheel die maakte dat ik het
topevenement 'daarboven' kon meemaken en ervaren als pure schoonheid?
Zo'n wolkje is natuurlijk iets anders dan een keramisch kunstwerk van de
hand van José Vermeersch, een perfect samenspel tussen vorm en functie, de
kronkellijn van het gebakken lijf, de perfecte proportie tussen de
kunstenaar en zijn verbeelding. De maten van zo'n wolkje zijn van een heel
andere orde dan de intrigerende afmetingen van borst-heup-poep van Naomi
Campbell, de schitterende kreten van Freddie Mercury, de opwekkende
pianomuziek van Francis Poulenc of de vloeiende meterslange gedichten van
Goethe. Ik vergeet het ideale beeldhouwwerk David van Michelangelo.
Allemaal schoonheid? Subjectieve schoonheid? Vooral subjectief. Ik wens
niet wakker te worden, oog in oog met een beeld van Vermeersch naast mijn
bed! Ik wil Campbell niet langer dan een uur in bed beminnen. Ik wens
Mercury slechts als herinnering te koesteren, Poulenc alleen maar tijdens
het schrijven in de morgenstond te horen, Goethe enkel als charmeur voor
het slapen gaan in te schakelen en nooit David als toonvoorbeeld van een
adonis met verschrompeld piemeltje te zijn. Schoonheid? Als ik mijn
bovenstaande schoonheden met elkaar vergelijk, hebben ze maar één ding
gemeen: stijl. Stijl laat toe dat we iets mooi vinden al naargelang ons
gevoel en temperament dat dan heerst. Maar stijl is een soort
compromisgegeven om iets als 'schoonheid' te duiden. Alle surrealistische
kunstenaars hebben te maken met schoonheid, maar niet op dezelfde manier
en vooral niet met dezelfde intensiteit. Schoonheid kan ook virtueel zijn.
Ik heb de onmetelijke schoonheid van Salvador Dali maar kunnen ervaren
toen ik na een bezoek aan zijn thuismuseum in Figueras (Catalonië) in een
ruk doorreed naar zijn lievelingsstrandje Cap de Creus in Cadaqués - Dali
verbleef er op dat moment binnen zijn wit ommuurde buitenverblijf - en
daar op het strand urenlang heb gedagdroomd over 'De verzoeking van de
Heilige Antonius', een meesterwerk dat Dali in 1946 uit zijn borstels
toverde.
Ach schoonheid, dierbare schoonheid, ik wil het subtiel overwegen op mijn
hoogsteigen momenten van de dag, van de nacht, als vriendschap met de
wereld. Schoonheid moet me beroeren, me doen wenen (of toch bijna), me
doen denken aan het paradijs. Daarom hou ik soms meer van de sprekende
mond van een vrouw dan van de vrouw zelf. De schoonheid waarmee ze praat,
lacht, de lippen open en toe doet, de ogen afstemt met het geluid dat ze
maakt, hoe ze met haar mond zonnestralen tegenhoudt, op de tonen van haar
temperament lucht blaast over mijn gelaat... dat is schoner dan de pure
anatomie van de vrouw. Aan de mond hangt een vrouw en haar schoonheid is
er onlosmakelijk mee verbonden. Ik speel dus vaak de mond, niet de vrouw!
Appendix
STRAFFE TOEBAK
We hoeven niet bij de pakken neer te zitten als we van de buitenkant
totaal niet lijken op de grote denkers uit het verleden. In Montaignes
bijgewerkte portret van de mens die schommelt tussen instinct en rede,
maakt het niet uit dat we geen Grieks spreken, winden laten, na een
maaltijd van gedachten veranderen, sommige boeken saai vinden, geen van de
klassieke filosofen kennen en de Scipio's door elkaar halen. Een
deugdzaam, doodgewoon leven, dat streeft naar wijsheid maar vaak aan
dwaasheid ten prooi valt, is al een prestatie op zich. [Alain de Botton,
De troost van de filosofie - Atlas, 2000)
HET CIJFER
Er zijn tenminste drie verschillende benaderingswijzen bij het bespreken
van schoonheid. Eerst zijn er de pogingen om de geheime eigenschap die
alle mooie dingen hebben, in woorden te vatten. Dit zijn de theorieën over
de kronkellijn, proportie en het perfecte samenspel tussen vorm en
functie. De tweede aanpak richt zich op de reactie van degene die de
schoonheid ervoer. Bij de derde aanpak komt het begrip stijl om de hoek
kijken, met de belofte van een gulden middenweg. Stijl met betrekking tot
de schijnbare overeenkomsten tussen de verschillende dingen die we mooi
vinden. [John Armstrong, De Filosofie van de schoonheid - Bert Bakker,
2006]
UITGESPROKEN
Wind is van golven
De lieflijke vrijer;
Wind mengt woelend
De schuimende baren.
Ziel van de mensen,
Je lijkt zo op water!
Lot van de mensen,Jij lijkt zo op wind!
[Johann Wolfgang von Goethe, De mooiste van Goethe - Lannoo/Atlas, 2003]
355. Hugo (dinsdag 26 februari)
Voor Hugo, op 22 februari negenenveertig geworden!
Vanmorgen werd ik wakker met Bengaals vuur in mijn hart
En niemand, niemand rondom mij zag die gloed van smart
Oh ja, het vuur smeulde in alle kamers van mijn hart
Maar niemand merkte het op, iedereen was verward
Ik ontwaakte deze ochtend op de rand van een droom
Stond gemakkelijk op en ontdeed me van mijn schroom
Ik keek slaperig in de badkamerspiegel en zag mijn vriend
Hij zat op een witte vespa en zo te zien had hij gegriend
En toen de wind als een ontdekkingsreiziger zijn kop opstak
Langs huizen, over bossen, weiden en tegen mensen sprak
De hemel keek ontspannen, wachtte, dacht en vastte een uur
Hoorde ik zijn gebroken stem van aarde, lucht, water en vuur
Van heel hoog uit de lucht dwarrelde een papyrus in mijn hand
Daarop stond met verse aarde geschreven als de zee op strand
Ontelbare woorden als herinnering stroomden als water in mijn hart
Als snelle schaduwen verspreiden ze zich als een vuur van smart
Maar plots en ineens, zag ik de ontbrekende tekens
Het leven een feest, het ontstaan van kometen en wezens
Genk, Hasselt, Brussel, Parijs, Rome en lekkere Calabreze vijgen
De papyrus der vriendschap kon alles en veel aan mekaar rijgen
Vanmorgen werd ik wakker met Bengaals vuur in mijn hart
En niemand, niemand rondom mij zag die gloed van smart
Oh ja, het vuur smeulde in alle kamers van mijn hart
Maar niemand merkte het op, iedereen was verward
Verweesd als een foto bleef ik voor de spiegel staan
En prevelde hardop zijn naam, mijn vriend de Italiaan
Mijn Romein, bevrijdingslegionair, waar is mijn Italiano
Spoorloos opgelost als nevel of naar de bergen van Gimigliano
Stiekem maar tevergeefs gevlucht voor de tand des tijds
Zocht hij naar rust, stilte, de herinnering of iets wijds
Is mijn vriend in twijfel met zijn verjaardag, bijna vijftig
Het is toch allemaal niet zo erg want deze leeftijd is vlijtig
Vanmorgen werd ik wakker met Bengaals vuur in mijn hart
En niemand, niemand rondom mij zag die gloed van smart
Oh ja, het vuur smeulde in alle kamers van mijn hart
Maar niemand merkte het op, iedereen was verward
Ach mijn goeie vriend, mijn lieve vriend van kleins-af-aan
Kom in mijn armen, beroer mijn ziel, en denk voortaan
Elke stroom, van de machtige Tiber tot de wilde Stilaro-rivier
Vloeit van bron tot monding en neemt elke levensgenieter mee op zwier.
Appendix
STRAFFE TOEBAK
Luxe en geluk zijn de nieuwe mantra's bij Club Med, de leverancier van
all-inclusive familievakanties. Maar zo'n gezinnetje moet wel een pak geld
ophoesten als het er wil vertoeven. En dat het precies zovéél geld kost op
plaatsen op aarde waar de bevolking noch welvaart noch welzijn kent. Zo
kost een weekje met een gezin (twee kinderen) in Club Med Hammamet nabij
Tunis ongeveer 2.200 euro, exclusief vlucht. Mét vliegreis en transfer
wordt dat 3.500 euro. Voor een week met twee personen in een eenvoudige
kamer in clubdorp La Plantation d'Albion in Mauritius tel je inclusief
vlucht, 6.000 euro neer. Nog zin... surf dan naar www.clubmed.fr (Bron: De
Volkskrant, zaterdag 23 februari 2008)
HET CIJFER
Volgens recente cijfers van het Chinese Centraal Bureau voor de Statistiek
(CCBS) stegen de lonen in China gemiddeld met 19 procent in 2007. Volgens
het CCBS ligt het gemiddelde jaarsalaris in de welvarende steden rond de
1.600 euro. Nog volgens officiële cijfers uit 2006 van de Chinese overheid
verdienen directeuren van staatsbedrijven met een gemiddeld jaarsalaris
van 30.000 euro 13,5 keer zo veel als hun werknemers. (Bron: De
Volkskrant, zaterdag 23 januari 2008)
UITGESPROKEN
"Er zijn nog altijd stemmen in mijn hoofd die geen kans onbenut laten om
me erop te wijzen hoe middelmatig ik wel ben." Rockzanger Nick Cave (Bron:
De Morgen, zaterdag 23 februari 2008)
354. Wipneus (dinsdag 19 februari)
Eindelijk! Porno-tv. Zonder er InDi, Telenet, Belgacom TV of tv-Vlaanderen
in huis voor te halen. Maar zaterdag 23 februari om 00.10 uur gewoon
afstemmen op Nederland 3. Daar staat dan de pornoklassieker Deep Throat
uit 1972 geprogrammeerd. Het scenario is simpel. De actrice Linda Lovelace
kan maar niet tot een orgasme komen, zelfs niet na een orgie met twaalf
mannen. Dokter Young (de mottige Harry Reems) stelt na een kort onderzoek
de diagnose vast: haar clitoris bevindt zich achter in haar keel. Vanaf
dan is het spuiten en slikken geblazen. Let wel: De VPRO pakt de vertoning
pedagogisch aan en zendt voor de film de documentaire Inside Deep Throat
uit. Een documentaire met regisseur Pieter Kuipers, pornoactrice Kim
Holland en de Duitse filmwetenschapper Ingo Schiweck. De wijze Freud die
het leven in vier fases indeelde: oraal, anaal, fallisch en genitaal, zal
zich deze keer niet omdraaien in zijn graf. De actrice Linda Lovelace wel
(in 2002 overleden na een auto-ongeval). De hete del zal zich afvragen
waarom heel Nederland al weken in de ban is van de vertoning van de film
op tv. Niet zozeer meer om te protesteren tegen de film dan wel om de
gelatenheid waarmee het Nederlandse volk de uitzending gedoogd.
Schrijfster Renate Dorrestein blijft er nuchter bij: "Deep Throat is een
relict uit vervlogen tijdens. Ik heb nooit de behoefte gevoeld hem te gaan
zien, en dat zal ik ook nu niet doen." Ziezo. Dit is Nederland geworden na
Mira, Blue Movie, Wat zien ik, Daniël en Turks Fruit (3,3 miljoen
bioscoopbezoekers). Een gelaten natie die alle seksfilms kent, maar geen
enkele zelf heeft gezien. De geschiedenis herhaalt zich jaar na jaar.
Generatie na generatie. Porno en seks zijn nog altijd 'ontvlambare'
woorden, maar wie JIM tv of MTV kijkt, moet vaststellen dat de popcultuur
volledig 'verseksualiseerd' is. En wie op internet 'seks' of 'kut' zoekt,
krijgt de keuze uit respectievelijk 45.400.000 en 9.770.000 hits (stand
van zaken dinsdagmorgen 19 februari om 05.15 uur). Neen, deze westerse
wereld is de schaamte nog niet voorbij terwijl diezelfde wereld goed
beseft dat seks, geld en macht de meest heilige Drievuldigheid is die er
bestaat. Waarschijnlijk vanaf de mens kan denken!
Iedereen praat op zijn manier over seks, denkt aan seks. Maar wat is seks
eigenlijk? Van Dale blijft eerder vaag met zijn omschrijving: 'beelden,
verhalen of motieven die betrekking hebben op het geslachtsleven'. Ook de
etymologische Van Dale blijft sober met zijn uitleg en legt de oorsprong
van het woord in het Latijnse 'sexus' wat geslacht of sekse betekent. Seks
is volgens wetenschappers een daad waarbij een plezierig, gestaag
accumulerend gevoel optreedt in de voortplantingsorganen totdat het punt
van bevrijding optreedt. Maar wat is het doel van seks? Wat is goede seks?
Hoe te beminnen? Dit zijn uiteraard vragen voor filosofen, maar die hebben
maar bitter weinig over seks geschreven. Mijn geliefden Plato, Montaigne,
Nietzsche of Flam hebben er geen rechtstreeks hoofdstuk aan gewijd. In de
wijsbegeerte bestaat 'filosofie van de seksualiteit' dan ook nog maar
sinds enkele decennia!
In het voorjaar 2007 verscheen van de hand van de Nederlandse historica en
arabiste Machteld Allan het bijzonder interessante boek 'Hoe te beminnen,
Filosofen over seks' (ISBN 9789029079181, 19,90 euro). In het boek
verdiept zij zich in 2500 jaar denken over seks. Haar bloemlezing bevat de
insteek van onder meer de filosofen Arthur Schopenhauer, Roger Scruton,
Maurice Merleau-Ponty, Immanuel Kant, Alan Soble, Soren Kierkegaard, Ayn
Rand, C.S. Lewis, Lucretius en Martha Nussbaum. Met de keuze van deze
filosofen komen verschillende invalshoeken over diverse periodes en
strekkingen aan bod. Vaak haalt de rede het van de emotie bij geciteerde
filosofen, maar boeiend zijn zeker Schopenhauers beschouwingen. Hij stelt
dat seks de soortoverleving en de wil tot leven als doel heeft en hij
behandelt onder meer de overwegingen die mannen sturen bij de keuze en de
liefde. Een oude, niet meer menstruerende vrouw wekt afschuw volgens hem
en een korte wipneus bederft alles. In de tekst van Kierkegaard stellen we
vast dat een vrouw, in diepere zin, pas vrij wordt bij haar man, vandaar
dus het woord 'vrijen'.
Mijn ruime ervaring met vrouwen vertelt me echter dat het
allerbelangrijkste over 'Hoe te beminnen, Filosofen over seks' al op de
eerste bladzijde van het boek geschreven staat, óf de uitgesproken mening
van de Amerikaanse neurobiologe Louann Brizendine: "Praten activeert de
pleziercentra in het meisjesbrein. We hebben het niet over een klein
beetje plezier. Dit is enorm; een enorme dopamine- en oxytocine-rush, wat
de grootste, vetste neurologische beloning is die je kunt krijgen buiten
een orgasme."
Appendix
Straffe Toebak
Brusselaar Toots Thielemans (°29/04/1922) speelde al op zijn derde
accordeon, maar volgens eigen zeggen wou hij eigenlijk helemaal geen
muzikant worden: hij wilde wiskunde studeren. Maar toen hij tijdens de
Tweede Wereldoorlog stiekem naar jazzmuziek luisterde, die via de radio
naar West-Europa overwaaide, was hij verkocht en zei hij de getallen
vaarwel. In 1948 speelde de jonge Toots in New York al met Benny Goodman
samen. In 1952 emigreerde Toots naar Amerika, het land van de onbegrensde
mogelijkheden. (Bron: Jazz NU, Jaargang 31 - Nummer 1, 2008)
Het Cijfer
Meer aandacht voor lezen en schrijven verhoogt de productiviteit op de
werkvloer! In Nederland kost laaggeletterdheid de samenleving jaarlijks
500 miljoen euro. Elke Britse onderneming met meer dan 1.000 werknemers
verliest per jaar 500.000 Britse ponden doordat werknemers over
onvoldoende competenties zoals geletterdheid beschikken. Vlaanderen? 60
procent van de Vlaamse werklozen haalt één van de laagste
geletterdheidniveaus. (Bron: Vacature, 16 februari 2008)
Uitgesproken
"Als je dat gezang van die gereformeerden uit de kerk vergeleek met dat
van de eerste de beste zanglijster, dan wil ik wel eens weten voor wie het
eeuwige leven bestemd is." Schrijver Jan Wolkers (26/10/1925 - 19/10/2007)
[Bron: De Volkskrant, 16 februari 2008)
353. Narrativisme (dinsdag 12 februari)
"De taal is een handschoen die strak om de huid van de inhoud getrokken
is." Godfried Bomans
Jan: Ik heb mijn zaak toch maar aanhankelijk gemaakt bij de vrederechter.
Jos: Ah zo, je hebt je zaak aanhangig gemaakt?
Jan: Yep, tussen twee enkelspellen door, heb ik dat beslist.
Jos: Tussen twee enkelspelen door.
Jan: En daarna heb ik nog naar de voetbal op tv gekeken.
Jos: Naar het voetbal!
Jan: Wat een match, man. Ze slagen je en hakken maar.
Jos: Ze slaan je en hakken maar.
Jan: Maar toch zijn mijn vrouw en ik beginnen meeleven met die voetbalhelden.
Jos: Jullie zijn beginnen mee te leven met die voetbalhelden.
Jan: We luisteren zelfs naar de klankfragmenten op de radio.
Jos: De geluidsfragmenten.
Jan: En dan die Oost-Europeeërs... die kunnen er wat van hoor!
Jos: Die Oost-Europeanen.
Jan: Ja, mijn vrouw noemt ze ook wel eens UFO-fanaten
Jos: Ah zo, ufofanaten.
Jan: Je moet weten, de voetbal schrok ons eerst af.
Jos: Het voetbal schrikte jullie eerst af.
Jan: Maar ja, voetbal brengt geld in het laadje, eh.
Jos: ... in het laatje.
Jan: Ach, nu heeft het geen enkel belang meer.
Jos: Het is niet meer van belang?
Jan: Op het eerste zicht was het eigenlijk ook allemaal niet zo erg.
Jos: Op het eerste gezicht, bedoel je.
Jan: Zeg kerel, ben jij mij voortdurend aan het verbeteren met kostenloos
onderwijs?
Jos: Kosteloos onderwijs, Jan. Het is ko-ste-loos onderwijs!
Jan of Jos? Jan heeft een verhaal en Jos is wel ter tale. Terwijl Jan
blijkbaar een heersende allergie heeft voor theorie, beschouwt Jos de
tekst als een heiligheid. Jos neemt Jan zin na zin bij de neus. Keurt de
identiteit van elke zin. Irritant? Enerzijds heb je de indruk dat Jos een
open deur intrapt. Waarom spreekt/schrijft Jan niet zoals het hoort?
Anderzijds kan de lezer de commentaar van Jos zien als een voortdurende
verklarende opmerking. Uiteraard kan je stellen dat de mogelijkheden en
grenzen van bovenstaande dialoog eerder beperkt zijn. De communicatie
tussen Jan en Jos verliest in deze context alle redenen van bestaan. Voor
Jos is elke zin van Jan een zin met slijk. Voor Jan is het verhaal
belangrijker dan de theorie. Hoe kan de lezer deze dialoog interpreteren?
Moeten we hier en nu, altijd en overal een verschil maken tussen literaire
en niet-literaire teksten? Volgens Karl Popper vereisen literaire teksten
interpretatie, niet-literaire teksten niet. Ik durf zijn propositie
aanvullen met literaire en niet-literaire dialogen. Jan en Jos. Ik durf
dit zeggen als absolute aanhanger van het narrativisme (stroming in de
geschiedwetenschap die de nadrukt legt op een verhalende benadering,
waarbij de bouwstenen controleerbaar zijn, maar het door inlevingsvermogen
creëren van een eigen beeld primair is, Van Dale). Zoals alle vertalingen
kunnen verhalen die in het hoofd hangen of erin rondspoken ook maar
slechts bij benadering vertaald worden. Doe onmiddellijk een proef! Vertel
je jongste droom! Schrijf hem neer op papier! Een onmogelijke opdracht.
Hoeveel gewone maar nog meer fantasten zouden maar al te graag een
dvd-recorder aansluiten op hun hersenen om hun dromen te registreren. Ik
alleszins. Toekomstmuziek. Elke vertaalde droom en zelfs elke opborrelende
gedachte stuit subito op een zekere 'onvertaalbaarheid'. Ik beweer hierbij
dat onvertaalbaarheid niet alleen onvermijdelijk optreedt bij elke
transfer van de ene taal naar de andere, maar ook bij elke transfer van
een droom/gedachte naar een woordenstroom. Meer zelfs: ook bij elke
transfer van interpretatie van een zin in een dialoog naar een volgende
zin in diezelfde dialoog. Levert dat grote problemen op? Is dat irritant?
Is dat intrigerend? Het wordt allemaal zeer verteerbaar wanneer we er een
pragmatische dimensie aan toevoegen. Het tekstuele niveau of het verhaal
wordt dan overstegen. Slechts een voorbeeld van die pragmatische dimensie
in het geval van Jan en Jos: "Ach, het is Jan die spreekt. En als Jan
drinkt en spreekt tegelijk, verjagen zijn gedachten alle regels van de
Nederlandse taal." Zoiets! Wie spreekt, wie schrijft... wie is dan vrij
van zonde? Talenten niet te na gesproken (Amos Oz, Umberto Eco, Willem
Elsschot...), maar zelfs de erudiete auteur Alberto Manguel bekent in zijn
veelomvattende boek 'Een geschiedenis van het lezen' - waaraan hij zeven
jaar werkte - dat hij dankbaar beroep heeft kunnen doen op een legertje
editors, researchers en prominente bibliothecarissen. Een bataljon van
twintig man. Het is geen schande. Helemaal niet. Ik herinner me nog
levendig een reportage op Nederland 3 die met plezier onthulde dat onze
Belgische trots Hugo Claus maar liefst vier eindredacteuren nodig heeft
gehad om zijn boek 'De Geruchten' (1996) te kunnen schrijven. Geruchten?
Uit ervaring als journalist weet ik heel zeker dat de beste interviews
achteraf nog eens schriftelijk worden overgedaan alvorens ze gepubliceerd
worden.
Appendix
STRAFFE TOEBAK
Canadese en Amerikaanse onderzoekers hebben in Science gepubliceerd dat
met een soort knieband bijna gratis energie tijdens het lopen kan gewonnen
worden. Het idee is vergelijkbaar met het terugwinnen van remenergie bij
hybride auto's. Twee generatoren aan de knieën leverden bij proefpersonen
zo'n 5 watt elektriciteit op. Genoeg voor tien mobiele telefoons.
Knelpunt: de generatoren wegen nog onaanvaardbaar zwaar. (Bron: De
Volkskrant, 9 februari 2008)
HET CIJFER
Verreweg de meeste geheimen komen uit, bijna altijd omdat de bewaarder het
doorvertelt. De gemiddelde duur van een geheim is 29 maanden. Iedereen wil
het liefst zijn sores opbiechten. Om feedback te krijgen, of advies of om
iets te leren over jezelf. Wat dat betreft zijn geheimen niet anders dan
gewone belevenissen, je wilt ze delen met anderen. (Bron: De Volkskrant, 9
februari 2008)
UITGESPROKEN
"Een kind is niet van de ouders, het is van zichzelf." Kinder-neurochirurg
Rob de Jong (Bron: De Volkskrant, 9 februari 2008)
352. Zinnebeeld (dinsdag 5 februari 2008)
Eppegemmenaar David De Pooter is een taalvirtuoos en deelt beroepshalve
woorden en zinnen uit voor een Antwerps taalbureau. Als student van de
Erasmushogeschool in Brussel was hij al druk bezig met het alfabet en
kende hij het woord als wapen. Nederlands, Duits en Engels, alfa, bèta,
hij gaf het vorm in zijn westerse beschaving. Over oorsprong
(etymologie) en evolutie van het woord én de menselijke taal kan hij zich
verdiepen zoals een kind in een spel. Hij kan urenlang doorbomen over het
verschil tussen 'heimwee' en 'nostalgie' en is uitermate verlekkerd op
eponiemen. Je zou kunnen stellen dat hij inderdaad nog steeds meewerkt aan
het bouwen van Babel. In zijn opstellen over de onvertaalbaarheid van
teksten neemt hij als kritische utopist nooit genoegen met de
uiteindelijke vertaling. De vertaalpraxis ziet hij als een never ending
spel. Interlinguale en interculturele communicatie zijn dé stoorfactoren
volgens hem. Wie is David De Pooter? Linguïst uit Eppegem? Zegt hij hardop
dat een van de grootste ideeën van de mensheid, het idee van het alfabet
is? Uniek, eenvoudig en gemakkelijk aan te passen. Het eerste alfabet is
ruim vierduizend jaar geleden verschenen en het is zo eenvoudig dat we er
spelletjes, liedjes en speelgoed van kunnen maken. Dankzij taal is onze
traag verlopende evolutie plots door een culturele evolutie ingehaald en
overspoeld. Maar David ziet het woord als wapen ook als de verdediging van
de retoriek of op zijn minst gezegd als een poging tot herwaardering.
Misschien schreef hij daarom zijn manifest van een
taalbevrijdingsbeweging. Toen hij het manifest aan mij overhandigde, moest
ik onwillekeurig denken aan Max Stirner en zijn (voornaamste) werk 'Der
Einzige und sein Eigentum' (1844), maar waarom en over de precieze
causaliteit, had ik geen flauw benul. Buikgevoel? Ik moest ook denken aan
'En elke zondag kip' van Marc Hooghe. Een flinterdun boekje over het
consumentisme en de vernietiging van het leefmilieu. Mijn gedachten vlogen
ook naar 'Julia, Ferdinand en Constantia' van de Nederlander Rhijnvis
Feith. Een boek dat naast Goethes Werther en Rousseau's Julie opdook in
1783 en voor het 'gevoelige hart' in onze letterkunde bestemd was. Ik
dacht ook aan 'Het slijk der zinnen' van Peter Vermeersch, 'Het woord als
wapen' van Flip G. Droste en tot slot aan 'De sprekende aap' van Jean
Aitchison. Al deze boeken liggen trouwens al jaren op een stapeltje, pal
achter me in de boekenrek. Ik grasduin erin of streel ze minstens een keer
per week. Het zijn mijn rijmwoordenboeken van het leven. Bovenop de stapel
ligt de piepkleine snuisterij 'Daar is de ooievaar', een schattig
geboorteboekje van Ziggy Theys-Stroobants. En daarbovenop komt nu het
manifest van David te liggen. Het volgt zodadelijk. Lees, geniet en denk
na over het manifest. Je zal er nog van horen (en zien) want de vele
gedaanten van Tijl Uilenspiegel zijn oneindig en vooral onvoorspelbaar.
ZINNEBEELD:
MANIFEST VAN EEN TAALBEVRIJDINGSBEWEGING
ZinneBeeld wil geschreven taal bevrijden uit de kooi der narrativiteit.
ZinneBeeld wil de muren tussen de kunsten neerhalen en geschreven taal
verheffen tot beeldende kunst.
ZinneBeeld wil aantonen dat een woord meer zegt dan duizend beelden.
Taal is decoratie.
Taal is klank.
Taal is betekenis.
Taal is daarom perfect geschikt om beeldend gebruikt te worden en
toeschouwers te verwarren, te ontroeren, te vermaken.
ZinneBeeld roept iedereen op om beeldende creaties te maken waarin
geschreven taal centraal staat, en om die creaties tentoon te stellen.
Alleen als volgehouden collectief offensief kan ZinneBeeld haar
bevrijdende doel bereiken.
Appendix
STRAFFE TOEBAK
Volgens Malou van Hintum en Jan Tromp, redacteuren van De Volkskrant
vertolkt de PVV in Nederland louter de onderbuik. En ja, Geert Wilders is
respectabel als perfecte papegaai van het onderbuikgevoel. Hij heeft
onmiskenbaar een antenne voor wat zich afspeelt in de buitenwereld. De
vergelijking met de Rapaille-partij in 1921 gaat op. Toen had een aantal
kunstenaars voor de raadsverkiezingen van Amsterdam bedelaar Hadjememaar
lijststrekker gemaakt van de Rapaille-partij. Hadjemaar wist wat er leefde
in de achterban! De bekendste punten uit het partijprogramma waren: vrij
vissen en jagen in het Vondelpark, alles gekookt in jenever en afschaffing
van kunsten en wetenschap. (Bron: De Volkskrant, 2 februari 2008)
HET CIJFER
Als er niet snel een loonlastenverlaging komt voor piloten, zal Brussels
Airlines zijn 450 piloten delokaliseren naar een fiscaal gunstiger land.
In Ierland houdt een piloot bij Ryannair netto 37 procent meer over van
zijn brutoloon dan bij Brussels Airlines. In Nederland 20 procent meer! Er
zijn in ons land naar schatting 1.400 piloten actief. (Bron: De Morgen, 2
februari 2008)
UITGESPROKEN
"Als het op de wereldmarkt niet goed gaat, voel je het hier ook. De
reconversie is nooit gedaan, in die zin dat zelfs de automobielindustrie
geen eeuwige tewerkstelling kan garanderen. We hebben producten en
diensten nodig met een hoge toegevoegde waarde, zoals
technologiebedrijven." Willy Claes (Bron, 40 jaar De Tijd, 2 februari
2008)
351. Stilte (dinsdag 29 januari)
"Luister naar de stilte, ze is universeel en altijd aanwezig." (Leopold
Laarmans)
Iedereen denkt het wel eens. Als alle doden van de aarde hier blijven
ronddolen en plots zichtbaar zouden worden, dan is de voorspelde negen
miljard mensen in 2050 een lachertje. Het lawaai van de geschiedenis zou
niet te overhoren zijn. Maar gelukkig heerst er onder de doden de stilte
van de mentaliteit, de geleefde dood. Het is nochtans goed om regelmatig
bij dit magisch realisme van het leven stil te staan. Luisteren naar de
stilte. Zich bewegen in een woud van tekens die onderbroken worden door
stiltes. Het voorbije leven bekijken zoals een historicus de geschiedenis.
En niet de tekens zijn daarbij het meest belangrijk, maar wel de stiltes
die de tekens aan mekaar rijgen. Het is een andere manier om het leven te
reflecteren en er zich ten gronde over te bezinnen.
Vaak zijn mensen niet in staat zich de voorbije week te herinneren. Zelfs
de voorbije dag in al zijn details is voor sommigen een huzarenstukje. Bij
het herdenken van een dag of een week in ons leven staan we op een weg die
plots door een grote steen geblokkeerd wordt. Onze gedachten staan dan
stil. We moeten dan op onze stappen terugkeren en een aanloop nemen om de
hindernis te kunnen nemen. De steen staat hier symbool voor de stilte van
ons leven. Dagboekschrijvers zullen deze metafoor herkennen en weten dat
slechts getrainde denkers erin slagen een dag of een week van a tot z te
reconstrueren. Memo's, kattebelletjes of regelrechte notities van de
geleefde dag(en) zijn daarbij nodig.
Waarom een geleefde dag herdenken? Een hele week? Om wat te doen? Om wat
te weten? Er is maar één antwoord: stappen in onze eigen ontwikkeling vast
te leggen en te kijken waar en hoe de stabiliteit van ons leven verbeterd
kan worden, hoe we onze levenskwaliteit kunnen verhogen. Een bezinning
heeft ook als toemaatje dat we de spiraal van de tijd doorbreken en we als
het ware de tijd even zelf in handen kunnen nemen. Virtueel natuurlijk,
maar hoeveel van ons leven gebeurt nog in de waarachtige wereld?
Televisie, computer, internet, second life... stilaan neemt de virtuele
wereld het over van het echte leven. De wereld met de oerelementen aarde,
water, lucht en vuur, Empedocles ten voeten uit! Iedereen reflecteert.
Bewust of onbewust. Wie niet reflecteert of bezint is stervende of dood.
Een dichter of een schrijver, een filosoof of een politieker die de bal
niet terugkaatst in de tijd, kan niet meten, tellen of wegen. De stilte
van die mentaliteit is het absolute nihilisme dat leidt naar de
ontwaarding van alle waarden.
Voor de mens is er geen alternatief te leven, te denken en te evolueren
dan met een aaneenschakeling van 'herdenkingen'. Vooruit gaan, kan niet
zonder een paar stappen terug te doen. Steenbokken weten daar alles van.
Ze zullen nooit een berg beklimmen zoals bergbeklimmers. Recht naar boven
is altijd fataal en dat geldt voor alles wat beweegt. Bewegen en leven doe
je best met een dot camembert in de baard en een glas bordeaux in de hand
zodat ook de dromen van Cocagne mee opgenomen kunnen worden in het grote
verhaal. Het grote verhaal van de mens is zijn geschiedenis. Wie aan deze
mentaliteit verzaakt, is een vogel voor de kat en verliest alle pedalen,
ook bij de steile afdaling waar hij op een dag onherroepelijk mee te maken
krijgt. In de turf 'Het uur van onze dood' van Philippe Ariès heeft de
schrijver het over duizend jaar sterven, begraven en rouwen en gedenken.
Zijn magnum opus over de dood is een aaneenschakeling van herdenkingen,
vervlogen gedachten en eigenlijk ontelbare tekens uit de geschiedenis. Het
boek verschilt daarin niets met een ander literair werk, maar ondanks de
677 bladzijden puike reflecties, krioelt het boek van stiltes. Het zijn
dezelfde stiltes als die in de bijbel voorkomen, in de zevende symfonie
van Mahler, in het Verzamelend Werk van Plato, de stem van Socrates. De
stilte! Het is de steen in de stroom waardoor het water stokt. Waarom er
een koersverandering van de stroom optreedt. Of compleet gesimplificeerd
zoals Bram Vermeulen zong over het leven en de steen die hij in de stroom
heeft gelegd als zijn kleine bijdrage in het leven.
Appendix
STRAFFE TOEBAK
In Rusland is de beruchte crimineel Seva Mogilevitsj opgepakt door vijftig
leden van een Moskou's arrestatieteam. De 61-jarige Brainy Don, godfather
met hersens, zoals de bijnaam van Mogilevitsj luidt, werd al vijftien jaar
gezocht door autoriteiten van diverse landen. Gangsterbaas Mogilevitsj
heeft vier nationaliteiten, zeventien aliassen en een netwerk vertakt over
twintig landen. (Bron: De Volkskrant, 26/01/2008)
HET CIJFER
Vandaag is 83 procent van de Vlamingen tussen 25 en 54 aan het werk. Vanaf
55 daalt die werkzaamheidsgraad snel. Gezien de demografische evolutie
wordt verwacht dat tussen 2010 en 2050 het aantal Vlamingen tussen 25 en
54 met 12 procent zal dalen. Willen we het toekomstige tekort aan
werkkrachten opvangen, dan zullen we de 55- tot 64-jarigen moeten
mobiliseren. (Bron: Vacature, 26/01/2008)
UITGESPROKEN
"Er bestaat een hele angstmarkt. Alles wordt verkocht met een
veiligheidslabel. Als u een auto koopt, telt de snelheid of de schoonheid
van de wagen niet meer, maar wel zijn veiligheid. En bij een belegging
moet de bank eerst uw risicoprofiel uittekenen." Frank Furedi, Britse
socioloog - boek: Cultuur van de angst, Meulenhoff, 2006 (Bron: Vacature,
26/01/2008)
350. Oerangst (dinsdag 22 januari)
Leef vrolijk, blij, welgemutst, verheugd, feestelijk, fleurig, met
plezier, van blijdschap in hilariteit, leef... leef, maar dat is moeilijk.
Er is altijd de angst. De angst niet te slagen, de angst voor een ziekte,
de angst om uitgestoten te worden, de angst van de schuld, de angst om te
kort te komen, de angst niet te voldoen, de angst vernederd te worden, de
angst bedonderd te worden, de angst afgewezen te worden, de angst niet
genoeg te hebben, de angst voor de dood. In Van Dale is 'vrees' het
synoniem van angst, maar het woord 'angst' leeft dieper in een mens. De
Vlaamse filosoof Leopold Flam spreekt daarom van oerangst omdat er een
angst bestaat die rechtstreeks gerelateerd is met het extatisch bewustzijn
dat alles omvat en het geheel van het dagelijkse leven vanuit één oogpunt
overziet. Dat oogpunt bevindt zich op een virtueel hoogtepunt, veel hoger
dan elk tastbaar punt op aarde, hoger dan een geijkt punt op de maan,
hoger en verder dan Mars, misschien wel het kosmische punt waarover
Teilhard de Chardin heeft geschreven in zijn talrijke werken rond het
verschijnsel mens. Daarbij trekt de diepte van de aarde - of is het de
mysterieuze aantrekkingskracht - met kolossale krachten aan ons tere lijf
en zorgt het overzien van elke bewustwording op aarde vanuit zo'n
hoogtepunt voor een oneindige duizeling. De oerangst is hét ogenblik
waarop de mens zich afvraagt of hij niet zal mislukken, uitgestoten
worden, vervloekt of verloren is, verdwaald of in een doodlopende straat
is geraakt. Hier kan geen antwoord op gegeven worden en het gevoel van
misselijke beklemming en vrees, die knagende en vreselijke idee, zorgt
voor een permanent onbevredigd gevoel bij angst. Dat zorgt eerst voor een
stilte in ons, een zekere toestand van verzonkenheid die zich daarna
echter traag maar zeker en vooral onweerstaanbaar verheft. Plots breekt ze
los als een orkaan en slaat ze wild om zich heen, in woorden of verbaal.
We zijn immers al zo herhaaldelijk mislukt dat we niet meer bang zijn
hetzelfde te beleven, wat juist onze oerangst is! We stellen onszelf in
twijfel, wikken en wegen onze maatschappelijke of andere relevantie,
evalueren welke progressie we in het leven hebben gemaakt, welke evolutie
we maakten sinds de vorige angst. en dan kijken we verschrikt rond en
moeten alweer bekennen dat we het niet weten. We kunnen er niet op
antwoorden. Dát is onze oerangst of zoals Flam het zegt ons 'misschien'!
De vragen stapelen zich op. Een dodelijke, onbeschrijfelijke angst doemt
op. We sidderen en krimpen ineen van angst, bang dat er onheil zal
gebeuren, klein of groot, maar onheil in ons leven. In angst en beven. In
angst en vreze. In de psychologie zegt H.C. Rümke dat angst het algemeen
gevoel van bedreigdheid of onveiligheid is, met name de levensangst is en
hij maakt ook een nuance tussen angst en vrees. Ik citeer hem "... door
het kenmerk, dat angst niet een bepaalde inhoud heeft, verschilt zij van
de vrees." In zijn spraakmakende boek 'Leve de vrijheid' met ernstig te
nemen ondertitel 'Hoe ontkom ik aan de cultuur van het moeten' schrijft
journalist-publicist Tom Hodgkinson hoe de angst kan verdreven worden.
Zijn aanbeveling is om een zo zorgeloos mogelijk leven te leiden.
Hodgkinson merkt terecht op dat niet alleen de oerangst ons parten speelt,
maar ook de geconditioneerde angst die het Ding, het Gezag, het Systeem,
de Combine, het Apparaat of hoe we de structuren van de macht ook maar
willen noemen, ons angst oplegt. Al die structuren willen per se dat je
angstig blijft. Omdat, zegt Hodgkinson, angst prima is voor de status-quo.
Angstige mensen zijn goede consumenten en goede werknemers. We kennen dat
verhaal eigenlijk al sinds de mens bestaat. Met dát soort angst valt alles
te onderdrukken. Maar laten we terugkeren naar de oerangst! Hoe lang
zullen we in nood en leed leven? Hoe lang zullen we überhaupt leven? Welk
plezier of welk leed staat ons nog te wachten? "Wat zal de toekomst
brengen?" is even populair als "Welk weer het wordt?" Eigenlijk is het
geen holle vraag, maar een angstige vraag van hoop, blijdschap of
verwachting. Op het moment dat we de vraag stellen, hebben we al verzaakt
aan het willen of het niet-willen en wensen we alles opnieuw te beleven,
te her-beleven, te denken en te her-denken om van hieruit verder te surfen
op de raadselachtige tonen van het leven. In die raadselachtigheid verheft
zich de blijdschap van de oerangst. De blijdschap om te genezen. Hoe erg
de ziekte ook is. Kanker! De raadselachtige chemokuur. Pijn en leed, maar
toch altijd de blijdschap van de oerangst die zich verheft. We blijven
denken dat we na een geslaagde chemokuur weer eeuwig blijven leven terwijl
tegelijkertijd de oerangst weer opduikt. Is de dood dan de eigenlijke en
uiteindelijke eeuwige angst, dé oerangst? Neen. De dood kan niet onze
oerangst zijn want eens dood is ons bewustzijn herleid tot nul en stopt
elk denken of zijn. Neen, de dood is niet de eeuwige angst! Wel het falen,
vernederd of beschaamd worden. De angst voor de armoede, de ziekte of in
de steek gelaten worden, vroeg of laat. De oerangst uit de weg gaan,
betekent eveneens om de vernedering te zoeken. Met de oerangst leren
leven, is de enige mogelijke oplossing voor de mens. Weliswaar te beleven
zoals een bewuste mens. Een medicijn zal er voor de (oer)angst nooit
gevonden worden. Misschien is het gewoonweg de roep van de roes. Michel de
Montaigne schreef over de angst: "Ik ben niet wat je noemt een goed
natuurkenner, en hoe angst precies in ons opkomt, zou ik niet durven
zeggen, maar een bizarre emotie is het zeker; en volgens medici is er
niets wat ons meer van ons verstand berooft. Inderdaad heb ik heel wat
mensen gek van angst zien worden; en het is een feit dat zelfs de meest
'kalmen' onder ons vlagen kennen van verstandsverbijstering zolang de
schrik duurt. Ik wil het nu niet hebben over de mensen uit het gewone volk
die in hun vrees nu eens hun grootouders in lijkwaden uit het graf zien
oprijzen, dan weer door weerwolven, kobolden en monsters worden bezocht.
Maar zelfs bij soldaten (die toch minder plaats voor hem zouden moeten
inruimen) heeft de angst menigmaal een kudde schapen doen veranderen in
een horde kurassiers, een bosje riet- en bamboestengels in een eskader
spies- en lansdragers, vrienden in vijanden, een wit kruis in een
roodkruis." Wie over de (oer)angst op een ludieke manier wil lezen, raad
ik tot slot het magnifieke stripverhaal 'Asterix en de Noormannen' aan.
Geraadpleegde werken
. De Essays, Michel de Montaigne - vertaald door Hans van Pinxteren -
Athenaeum-Polak&Van Gennep, 2004
. Het verschijnsel mens, Pierre Teilhard de Chardin - Aula, 1963
. Leve de vrijheid, Tom Hodgkinson - Meulenhoff, 2007
. Misschien. over de waarschijnlijkheid, Leopold Flam - Aurora, 1984
Appendix
STRAFFE TOEBAK
De Franse president Sarkozy voorziet de terugkeer van het religieus besef
in de Franse samenleving. Nochtans hechten de Fransen zeer aan de traditie
van de laïcité, het principe van de absolute scheiding van kerk en staat.
Maar de president van Hongaarse afkomst, blijft het maar herhalen in zijn
toespraken her en der: "De 21ste eeuw zal godsdienstig zijn of zij zal
niet zijn". (Bron: De Volkskrant, 19 januari 2008)
HET CIJFER
Van Mars of Saturnus weet de mens meer dan van het grootste deel van zijn
eigen planeet! De diepzee omvat met een gemiddelde diepte van 3.800 meter
bijna 99 procent van de biosfeer. Toch is hooguit 5 procent in kaart
gebracht en zijn er minder mensen in doorgedrongen dan er ooit op de maan
hebben gestaan. (Bron: De Volkskrant, 19 januari 2008)
UITGESPROKEN
"Ik denk vaak na over hoe mensen mij zien, hoe ik mezelf zou zien als ik
mezelf niet kende." Zangeres Janne Schra van Room Eleven (Bron: Jazz, winter
2007)
Top
|
|