Groeten uit Berbroek

<- terug
    Inhoud
    verder ->
 

Column 'Groeten uit Berbroek' - Columns 320 t.e.m. 329

329. Een rondje wrevel (dinsdag 28 augustus)

De glorie van het koninkrijk België lijkt definitief voorbij. Wilfried Martens schreef het twee jaar geleden al, hetzij een beetje genuanceerder. Ik citeer: "Of België in 2030 nog zal bestaan, kan ik niet met zekerheid zeggen, maar ik ben ervan overtuigd dat ons land steviger in elkaar zit dan wel eens wordt gedacht." Martens, nooit op zijn gemak in menselijk gezelschap, spoot daarop nog wat extra lijm op de vastgelegde grens van 1963 met aan de ene kant de stad Vlaanderen en aan de andere kant de stad Wallonië. Ik geloof dat het de Japanners waren die de lijm geleverd hebben. Mogelijk het gerenommeerde lijm- en isolatietapefabriek Nitto Europe, een dochteronderneming van het Japanse Nitto Denko Corporation, opgericht in 1974. De Japanners waren toen immers de aanstormende copycats die in de jaren tachtig furore maakten. De Japanners van toen zijn de Chinezen van vandaag. Ze konden alles. Vooral lijmen! Hun voorbeeld was uiteraard het boek 'Lijmen en het been', een kunstwerk van Willem Elsschot (1882-1960). Toch bleek alles tevergeefs, het macabere Pacte d'Egmont ten spijt. De ingenieuze lijm hield niets samen. En stilaan begonnen de twee landsgedeelten, geglobaliseerd gezien niet meer dan twee grote steden, uit elkaar te drijven. De grens brak eerst met zwaarwichtige gewetensvragen, maar scheurde almaar geruisloos verder uit elkaar. Net zoals in 'Het stenen vlot' van Nobelprijswinnaar José Saramago het schiereiland Spanje-Portugal traag maar zeker - eerst vol ongeloof - begint te splijten om dan met een razende kracht zich van de rest van Europa te verwijderen. Het zou me geen sikkepit verbazen als die alerte Saramago de mosterd voor deze bestseller haalde in België, meer bepaald tijdens een toevallig etentje met Hugo Schiltz (1927-2006) van de toenmalige Volksunie. Ergens in Brussel. In een knus restaurantje in de Marollen. Het was ten tijde van koning Boudewijn die toen nog in rechtstreeks contact stond met de Franse priester Louis-Marie Grignion de Montfort (1673-1716) en nog heel wat in de pap te brokken had. Achter de schermen hield Boudewijn I (1930-1993) net zo goed intellectuele gesprekken met voormalig Navobaas Willy Claes en Leo Tindemans als met De Montfort. Om er maar enkele te noemen. Met André Cools niet, denk ik. Cools rolde zijn sigaretten zelf en wie wat van 'rollen' afweet, weet dat het voor smurrie op het tapijt zorgt. Dat zou koningin Fabiola nooit gewild hebben. Maar vast staat dat Boudewijn I een geslepen koning was. Sommigen zeggen van diamant, anderen van bewogenheid en geloof. Met Albert II is het anders. Hij loopt gebukt onder zijn kinderen. Vooral kroonprins Filip en prins Laurent baren hem zorgen. Lieve prinsen, maar volgens koningketter Rudy Bogaert geen slimmeriken. Zijn getuigenissenboek doet zelfs vermoeden dat beide prinsen geen jota zouden verstaan van wat de splitsing van de steden Vlaanderen en Wallonië zou teweeg brengen. Terwijl heel Europa meekijkt naar de strapatsen van Yves Leterme is het heel goed mogelijk dat de prinsen zich elke avond hardop afvragen: "Wat gebeurt er, papa?" En onder meer daarom regeert Albert II met een inschikkelijke onverstoorbaarheid verder over zijn land. Onze koning is daarom geforceerd populair en zijn tussenkomsten zijn vaak niet meer dan een papieren stellingname. Maar alleszins geldt voor de prinsen Filip en Laurent de mythe van de jonge Werther, waarbij ze weliswaar de naam van Goethe's creatie 'Lotte' moeten vervangen door de creatie 'België'. Ach België, het is zo'n fantastisch land. We hebben alles! Van zee tot bergjes. Elke Belg die de moed heeft om zichzelf te doorzien, moet bekennen dat we met België op een van de beste én mooiste plekken ter wereld wonen. Met jongensachtig schrijfplezier noteer ik hier zwart op wit dat ik van het land België hou. Ik hou van de mensen van Oostende. En net zoals ik jaloers ben op alle inwoners die aan de boord van de zee wonen, ben ik een beetje afgunstig op alle mensen die aan de boord van de Ardense stromen wonen. Met die van de Maas op kop. Wie klaagt over ons land? De mensen? Ik niet! Bovendien is uit een enquête gebleken dat 79 procent van de Walen en 82 procent van de Vlamingen de andere gemeenschap beter wil leren kennen. Des te meer is het daarom om te huilen dat enkele mensen in hun absolute naijver, machtswellust en pathologisch drang naar nog meer geld, de essentie van onze Belgische samenleving niet onder ogen willen zien. Terwijl de mensheid algemeen hunkert naar volledige harmonie in de kosmos, kunnen vooral politici nog geen hunkering naar enkele vierkante meters opbrengen. Tegenstanders in alle maten en soorten verdringen zich om dagelijks een nummertje op radio en televisie te brengen. Bart Somers is een absolute kaskraker. Goed voor Tien om te zien! Maar een en ander zorgt voor een leed dat niemand goed doet. Het is meer dan terecht en van een grote waarachtigheid dat La Libre Belgique Hertoginnedal een rendez-vous politique-mediatique noemde. Politici hebben een verpletterende verantwoordelijkheid in deze verbrokkelingspolitiek die ze voeren in het paradijs België. En misschien moeten ze dringend de verhalen van de winddoorwaaide paradijzen herlezen. Anders herhaalt de geschiedenis zich van ruim tweeduizend jaar geleden: De bello Gallico. Alwaar het schering en inslag was dat naburige stammen mekaar het licht niet in de ogen gunden en regelmatig met elkaar op de vuist gingen. Na elke veldslag werden er slaven gemaakt en namen de overwinnaars de zonen van de verslagen leiders mee als gijzelaars. Dat gebeurde ondermeer tussen de Haeduers en de Sequanen. Wie in het boek 'Oorlog in Gallië' van Gaius Julius Caesar verder leest, beseft dat niet zoveel veranderd is ten opzichte van 2.000 jaar geleden. Ik citeer als slot de volgende paragraaf: "Overal in Gallië zijn er maar twee groepen mensen die echt meetellen en functies vervullen. (Het volk geldt er namelijk bijna als slaven: het durft niets uit zichzelf te doen en wordt bij geen enkele besluitvorming betrokken. De meeste mensen gaan gebukt onder schulden, zware belastingen of onrecht van de machtigen, en melden zich daarom bij de edelen als knechten aan. Die oefenen over hen dan dezelfde rechten uit als meesters over slaven.) Die twee groepen zijn de druïden en de ridders."


328. Taalminnaar (dinsdag 21 augustus)

Inspiratiebron: Van Dale, Groot woordenboek van de Nederlandse taal a - z
Begeleidende muziek: Franz Schubert met Octet in F major D803, Op. Posth. 166
Duurtijd van de Van Dalemijmering: 62'40"

Een selectie! [de (v); -tje - Fr. sélection]

aquilae senectas: Lat. (de ouderdom van een arend, een arend in zijn ouderdom) - een krachtige ouderdom
baantjesgast: schepeling die werk verricht dat niet tot het eigenlijke scheepswerk behoort, bv. als timmerman, schrijver, verpleger
cache-sexe: driehoekig lapje om de geslachtsdelen te bedekken
daiquiri: Eng., genoemd naar de plaats Daiquiri bij Santiago de Cuba, waar de rum vandaan kwam - cocktail van citroen, vruchtensuiker, rum en geklopt ijs
estrapade: sprong van een paard om zijn ruiter af te werpen
facta non verba: geen woorden, maar daden. Ook: Res non verba
galago: halfaapje met een lange staart en een grote kop met grote ogen, dat in bomen leeft en vooral 's nachts actief is - synoniem: bushbaby
halfblanksjuffrouw: iem. die zich wil voordoen als een dame van stand en beschaving, zonder het te zijn
iatrochemie: scheikunde in dienst van de geneeskunde
jalousie de métier: na-ijver tussen personen van hetzelfde vak
kundalini: in het hindoeïsme: scheppende energie die door yogatechnieken kan worden opgewekt, voorgesteld als een opgerolde slang aan de basis van de ruggengraat
lapalissade: waarheid als een koe
mors stupebit et natura: de dood en de natuur zullen verstomd staan (uit de hymne Dies irae)
nachleben: het voortleven in de herinnering
oremus: het is daar oremus: het is daar jammerlijk of naar gesteld - het is daar altijd oremus, daar is altijd ruzie, twist - hij is oremus: dronken
polydipsie: verhoogd dorstgevoel (als ziekteverschijnsel)
quadrupleren: verviervoudigen
roman à these: roman die dient om een bepaalde theorie of een maatschappelijk standpunt van de schrijver te verdedigen
sabelbenen: (bij paarden) gebogen benen (een afwijking) - (bij mensen) buitenwaarts gebogen benen
taalminnaar: iem. die met liefde en zorg zijn taal gebruikt - synoniem: taalliefhebber
ulaan: lansier, licht gewapend ruiter, vroeger in het Duitse, Oostenrijks-Hongaarse en Russische leger vooral voor strategische verkenning ingezet
verzensmid: rijmelaar
womanizer: rokkenjager
xoanon: uit hout, soms uit steen, goud of ivoor vervaardigde Oud-Griekse figuur, een mens of god voorstellend
yoni: (in het hindoeïsme) het vrouwelijk geslachtsorgaan als voorwerp van verering
zambo: kind van een neger en een indiaanse vrouw


327. Anseremme (dinsdag 14 augustus 2007)

50°14' NB en 4°54' OL

...en wanneer de morgen valt op Ardense hoogten, tussen Dinant en Givet, stroomt de Lesse bekaf in de Maas. Op de virtuele kromme waar beide levensaders mekaar ontmoeten, vertrekt een verschrikkelijke rilling over het gladde wateroppervlak. Geen vis waagt zich naar boven en pas als de rimpeling verschrompelt tot een verwaarloosbaar punt, ontwaakt onversaagd het dorpje Anseremme aan de waterkant.
ANSEREMME
In tweestromenland Lesse-Maas
Hangen apen bergbeklimmers uit
En wandelen zes familieleden
een dodenmars naar Waulsort

Wasberenpijpen en vossenhollen
Onderbreken het pad op de heuvelrug
En stalen monsters op smalle boswegen
Vormen een contrast van frugaliteit

In deze roes van totale adaptatie
Snij ik een boompje af boven zijn enkels
En transformeer hem naar een wandelstok
Niet als steun, maar als herinneringshout.

...wij mensen die almaar hogere eisen stellen aan het frêle leven, wij met een onvervulbaar verlangen, wij mensen die tollen met één dimensie teveel, zouden nooit langer dan een dag kunnen leven als er buiten het dagelijkse leven geen blauwe vitriool zou bestaan om op te slurpen; als er buiten het noodzakelijke werk geen eeuwige tijd zou bestaan, waarin we ons genoegzaam kunnen wentelen.
EEUWIG
Aan de stroom nabij Bouvignes-sur-Meuse
In de schaduw van rumoerig Dinant
Dinanderie en Avenue des Combattants
Spreid ik mijn boek open aan de Maas

De Steppewolf komt hier prachtig aan zijn trekken
Ad absurdum schrijft Hermann Hesse hem neer
Terwijl ik de golfjes zacht hoor voorbijglijden
Op nog geen vijftig centimeter van voelafstand

In de ban van zelfbewuste sobriëteit
Kabbel ik verder en dieper in het boek
Vind tussen bladzijde 150 en 157 dé essentie
En ben zo blij dat ik meedrijf met de ganzen

...het is lange tijd geleden dat ik in mijn dromen de ene na de andere stijlvrouw zie passeren. Was het katarakt of tijdelijke blindheid dat mij parten speelde of waren ze er gewoonweg niet! De meeste begluur ik zoals een paard met oogkleppen op, maar alleszins op hol. Sommigen kijk ik recht in de ogen en als ze niet willen wijken, naar de borsten. Wat heb ik te verliezen of te winnen? Na enkele flitsen is het feest voorbij. Ook diep in mijn hoofd, ook in mijn paraat geheugen. Wat die vrouwen echter denken, kan ik nooit vermoeden. Noem het gerust een toeristisch avontuur of beter: een belevenis van een medior, kritisch en ervaren tijdens droomuitstappen en altijd verlangend naar een omstreden verrassing.
PERCEPTIE
Deze krijtlijnen zijn door mensen getrokken
De Chaussée d'Yvoir en een treinspoor
Met daartussen de vliedende Maas
Het eeuwige bezit van de natuur

Wij zitten er als vissen op het droge
Niet happend naar waterige zuurstof
Maar wel zo verwarrend als een religie
Gebeiteld in rotsen uit de tuinen van Eden

We absorberen en notuleren met Elsacewijn
Alles wat wij zien, slaan we op in terabytes
Om later op de zalige heuvelrug van Freyr
in tien parabels onomwonden te vertellen.

...het is niet anders. Ik had gehoopt dat het nog maar zondag 28 december 1958 om 18.30 uur zou zijn, maar dat is het niet. Met de kennis van vandaag zouden dan dingen en feitelijkheden kunnen worden teruggedraaid. Zo is het leven echter niet. Er zijn nog geen tijdpoorten waarlangs we kunnen komen en gaan zoals bij vrienden. Het is altijd hier en nu te doen. Dat is het ware lot van de mensheid. Niet God, of het lot, of reizen naar de maan, maar de belevenis op aarde, onomkeerbaar, en volgens spelregels die geen mens bedacht kan hebben.
AAN DE MAAS
Wij zaten
En lazen
Ik Hesse
Dany over God
Jeanlouis wandelde
Zoals Socrates
Maar hij mocht niets zeggen
De stroom was aan het woord!

.epiloog Anseremme:
VOORBIJ
Maandag, maandag
Altijd maar maandag
Na elke zondag
Al vroeg, héél vroeg
Hijst hij zich boven de horizon
Maakt hij aanspraak op een nieuwe dag

Maandag o maandag
Het is een dag teveel
Na een toverachtig weekend.


326. Bloemenland (dinsdag 7 augustus)

Maandagavond 6 augustus 2007, 18.57 uur. - Pianomuziek begeleidt de zachte avondregen in het vergeten Berbroekenland. Zwaarlijvige druppels van verre streken vallen neer op de spiegel van het bescheiden paradijs. In alle kalmte en rust verfrissen de bubbels mijn tuin. Ook op de smalle en dikke bomen, hoog en laag, en op de bladeren, o zo groen, spatten ze open. Je hoort al dat groen net niet slurpen van de dorst want de voorbije drie dagen is het voor deze contreien weer te heet geweest. De lamme streek rond Berbroek is Babylon niet. Daar kon het paradijs alles aan omdat de ideeën van de flora ver verheven stonden boven die van de huidige aardse dingen. Hier is het niet zo erg wanneer men zijn verstand verliest en gras gaat eten zoals in het boek van Daniël staat beschreven. Neen, de zeemzoete regen kan mijn oude rozenstruik niet meer redden. Nederig is hij uitgebloeid en beminnelijk hangen zijn takken als wilde haren in de avondbries. Als een verre nimf wiegt hij onophoudelijk tussen vele andere bloemen en bloemdragende struiken. Maar stilaan sterft het bloemenland en moet de herfst en de winter zorgen voor een welverdiende rust. Daarna start de cyclus weer. Rolt de natuurlijke cirkel van groeien en bloeien weer verder. Daarna zingt mijn rozenstruik opnieuw een prachtig lied en straalt hij met een zodanige pracht, waarmee zelfs prinses Mathilde nooit gekleed is. Mijn oude rozenstruik. In mijn Hof van Eden vormt hij de natuurlijke toegangszuil en ruikt hij zo goed en zo vruchtbaar dat er naar kijken alleen al zwanger maakt. Een heerlijke vrouw is hij.

Welke Vlaamse dichter heeft meer over het paradijs, flora en het bloemenland geschreven dan Guido Gezelle (1830-1899)? Ken je dit: "De wind die uit het kooren waait,/ waarin de scherpe zonne laait,/ als tarweblomme in de aren groeit,/ en't heilige sacramentsmeel bloeit./" Of is het Paul Van Ostaijen (1896-1928) geweest? "Door de tijden van onze primula-veris,/ Als d'eerste bloesems bloeiden,/ Is onze vriendschap ons bijgebleven/ En tot 'n sterke boom vlug opgegroeid:/ Een boom die niet meer buigen zal of beven./" Of misschien Hugo Claus (1929)? "De natuur: ombiesd/ Het land: omgrensd/ In de kleur van zalm en metaal./" Neen! Claus nooit. Hij schrijft altijd alles neer. Geen stengel houdt het een dag vol met hem in de buurt. Hij wordt afgeknakt of in de opening van een vrouw gestoken. Absoluut, Paul Van Ostaijen schreef het beste paradijselijke gedicht ooit met 'Marc groet 's morgens de dingen'. Zo eenvoudig en onschuldig als Adam en Eva voor het eerst in het Hof van Eden aantraden, voor de zondeval en God dus braaf en goedgemutst lachte met hun eerste stapjes. Niemand weet wanneer en waarom het een en ander is fout gegaan. Misschien brengen schilderijen van renaissancemeesters en aquarellen van Japanse kunstenaars nog het meeste aan het licht van de misstap in Gods tuin. De diepe kleur van het paradijs krijgt dankzij Vincent Van Gogh (1853-1890) zelfs een gelaat in 'Rode wijngaarden te Arles' (1888). Wie ernaar kijkt, loopt met zijn ogen verloren in het nirwana van de meester. De druivenplukkers zijn in de wijngaard aan het werk vlak voor zonsondergang. De wijnrode gloed moet een postume allegorie zijn van de liefde tussen Adam en Eva. Inderdaad! De heilige plaats, ver weg van de dagelijkse drukte, is al te weinig bezongen en uitgebeeld, maar wie goed kijkt naar Van Gogh, voelt het bloed uit zijn oren stromen. Alsof ze pijnloos van je hoofd zijn weggenomen.

Wie zei het? Herbert? "Gelijk het lichaam moet een tuin verzorgd en aangekleed worden." Hij heeft gelijk. Kunst versus natuur. Maar het hoeft niet per se een sierlijk paviljoentje te zijn of een goedhartig rondbuikig of breedheupig kunstwerk van Odile Kinart (1945). Het kunnen ook doodgewoon mensen zijn die in de tuin ronddolen, al lezend, glurend, onderzoekend. Het kan ook een vijver in de tuin zijn of een bank in het hart van al dat groen. Mooi is een sluipende kat of een gesnoeide haag. Schitterend is een vallende ster die laag over het versgemaaide gras scheert en zichtbaar zweet zoals een naakte bloem tijdens de morgendauw. De 'Iris' (1891) van Van Gogh kan dat. De legendarische 'Vergeet-mij-nietjes en boterbloemen' (1842) van Jane Laudon ook. Tijdloos pronken zij voor toeschouwers die als passie de natuur hebben en meer specifiek de bloemen, alle bloemen, ook bloemen in potten! "Langzaam kleedt zij zich uit in het lover,/ Rilt verrukt en verlangt een rover,/ Denkt aan nimfen en faunen./ Nimfen die genotvol over-/ Gaven aan faunen, naakt onder lover,/ Begrijnsd door oude alraunen./", aldus J. Slauerhoff (1898-1936) die een absolute meester is van Alle Gedichten. Hij stond zo kort bij de natuur en de mensen dat zijn gedichten een waakdroom zijn van 'In memoriam, iedereen'.

De taal van bloemen is niet moeilijk. Viooltjes zijn klein liefblauw, maar maken best een glanzend geluid. Ook frisse lenterozen kunnen aardig kraaien en een lelie is zoals een vrouw die tegen haar minnaar fluistert: "Vraag me niet meer." Een bosje witte margrieten zingt zoals koorknapen of giechelende zustertjes in een kapel. Tulpen gaan als stepdansende schoenen te keer en Bordeaux-rozen maken een geluid zoals blozende wangen. Maar om de klanken van 's werelds paradijselijke bloemenpracht nog beter te kunnen horen, moet je ze vangen in een terracottavaas. Leg er nog een witte magnolia bovenop en het geluid krijgt een Latijns-Amerikaans tintje dat in een onrustige zomer zoals deze niet te versmaden is. Je moet bijna een ziener of dromer zijn om hieraan te weerstaan. En wanhoop niet! "Wie van een Tuin houdt, houdt/ ook van een broeikas./ Onbewust van een minder genadig/ klimaat/ Bloeit daar exotische schoonheid/ warm en beschut./", beweert William Cowper (1731-1800). Maar lief, mooi en niet geheel onschuldig wil ik mijn ode aan bloemenland besluiten met het passionele bloemenvers van Jacqueline E. Van der Waals (1868-1922). Poëzie voor te dragen aan je liefste voor het slapengaan én. als het zacht regent:
"Leg je handje in mijn hand,
Ik breng je naar het bloemenland,
Het land waar het hoge pijpkruid groeit
En waar de witte meidoorn bloeit."


325. Ga niet weg (dinsdag 31 juli 2007)

Een nieuwe literaire rage zou zijn om boeken zodanig op een hoopje te leggen dat de titels een gedicht vormen. Te lezen van boven naar onder of omgekeerd. Dat weet ik niet zeker, maar logischerwijze denk ik van hoog naar laag. Leuk? Ik heb alvast negen hoopjes boekengedichten gestapeld! Allemaal boeken die je gelezen moet hebben. Nu de stapelgedichten nog.

Boeken voor 1800
1.
De non
Camilla
Justine
Sara Burgerhart
Evelina
Julie, of de nieuwe Héloïse
Arabella, een vrouwelijke Quichot
Een overmaat aan liefde
De droom in de rode kamer

(Van boven naar onder: Denis Diderot, 1796 - Fanny Burney, 1796 - Marquis de Sade, 1791 - Betje Wolff en Aagje Deken, 1782 - Fanny Burney, 1778 - Jean-Jacques Rousseau, 1760 - Charlotte Lennox, 1752 - Eliza Haywood, 1719 en Cao Xuequin, 1791)

2.
Een gevoelig mens
Een sentimentele reis
Overpeinzingen van een eenzame wandelaar
Het lijden van de jonge Werther

(Henry Mackenzie, 1771 - Laurence Sterne, 1768 - Henry Mackenzie, 1771 - Jean-Jacques Rousseau, 1782 en Johann Wolfgang von Goethe, 1774)

Boeken 1800-1900
3.
De neef van Rameau
Gevoel en verstand
Trots en vooroordeel
Het rood en het zwart
De leeuw van Vlaanderen
Zielsverwanten

(Denis Diderot, 1805 - Jane Austen, 1811 - Jane Austen, 1813 - Stendhal, 1831 - Hendrik Conscience, 1938 en Johann Wolfgang von Goethe, 1809)

4.
Vaders en zonen
Grote verwachtingen
Alice in Wonderland
Naar het middelpunt der aarde
Quo vadis

(Ivan Toergenjev, 1862 - Charles Dickens, 1861 - Lewis Carroll, 1865 - Jules Verne, 1866 en Henryk Sienkiewicz, 1896)

5.
Dagboek van een onbenul
Een nagelaten bekentenis
Het beest in de mens
Aan open zee
Nieuws uit Nergensoord

(George & Weedon Grossmith, 1892 - Marcellus Emants, 1894 - Emile Zola, 1890 - August Strindberg, 1890 en William Morris, 1891)

Boeken 1900-2000
6.
Op hoop van zegen
Hart der duisternis
Eenzaamheid
Ik weet waarom gekooide vogels zingen
Honderd jaar eenzaamheid
Stilte
Ieder het zijne

(Herman Heijermans, 1901 - Joseph Conrad, 1902 - Victor Català, 1905 - Maya Angelou, 1970 - Gabriel Garcia Márquez, 1967 - Shusaku Endo, 1966 en Leonardo Sciascia, 1966)

7.
In de ban van de ring
Kat en muis
Onzichtbare man
Barabbas
Het einde van het spel
1984
2001: Een ruimte-odyssee
De oorlog van het einde van de wereld

(J.R.R. Tolkien, 1954-1956 - Günter Grass, 1961 - Ralph Ellison, 1952 - Pär Lagerkvist, 1950 - Graham Greene, 1951 - George Orwell, 1949 - Arthur C. Clarke, 1968 en Mario Vargas Llosa, 1981)

8.
De belofte van de dageraad
Het gouden boek
Een tijd van stilte
De god van kleine dingen
Elementaire deeltjes
Weg der geesten
Grap zonder einde

(Romain Gary, 1960 - Doris Lessing, 1962 - Luis Martín-Santos, 1962 - Arundhati Roy, 1997 - Michel Houellebecq, 1998 - Pat Barker, 1996 en David Foster Wallace, 1996)

Boeken na 2000
9.
Blonde
Ik omhels je met duizend armen
Witte tanden
Het rode hart
Boetekleed
Dame nummer dertien
Ga niet weg

(Joyce Carol Oates, 2000 - Ronald Giphart, 2000 - Zadie Smith, 2000 - Zakes Mda, 2000 - Ian McEwan, 2001 - José Carlos Somoza, 2003 en Margaret Mazzantini, 2001)


324. Tom (dinsdag 24 juli)

Aangewezen: begeleidende pianomuziek van Francis Poulenc (1899-1963)

Dit wordt geen gemakkelijke dag. Deze dag dat een verre vriend gecremeerd wordt en voor eeuwig in de afscheidshemel sublimeert. Hij, geboren in 1965, was een creatieveling van de puurste soort en het klinkt als cliché, maar de besten gaan eerst. Dat is mijn gedacht. En ik mag dat denken want we leven in het vrij land België - Belgique. Het is hier zo vrij dat zelfs Yves Leterme de Marseillaise, het Franse volkslied, mag zingen op onze Nationale Feestdag. Zo'n vrij land dat Het Laatste Nieuws Leterme maandag 23 juli mag citeren of zeg maar dat de formateur belooft dat hij diegenen die hem nu uitlachen ten gepaste tijden zal 'pakken'. Straks. Later als hij premier is, denk ik. Dan grist hij zijn 'uitlachers' bij hun nekvel? Of geeft ze een shot onder hun kont. Moet kunnen! Want dit land is vrij. Laat daar geen twijfels over bestaan. Zo vrij als het woord van God. Hij, de Heilige Hij die een bus Polen in de afgrond laat storten op hun terugweg van het heilige Notre-Dame-de-la-Salette nabij Grenoble in Frankrijk. Zesentwintig doden. Allemaal kinderen van God. Hadden ze verkeerde of laakbare handelingen in Grenoble verricht? Niet genoeg gebeden of wou God ze subito bij Hem hebben. Een kersverse lichting gelovigen in de hemel? Niks lanterfanten zoals na de federale verkiezingen van 10 juni in België - Belgique. Kakofonie met informateur Didier Reynders (MR en ex-PRL). Vaak voor de slaap met de raadselachtige laborant Jean-Luc Dehaene (CD&V). Kukeleku! God heeft geen wachtkamer. Het is de hemel of niets. Vagevuur? Je bedoelt de goddelijke komedie op de louteringsberg van Dante Alighieri? Dan maar de hel. De hel? Het verborgen rijk bestaat niet. Hoe kunnen kinderen van God goddelozen zijn, zelfs al geloven ze niet. Pff, God wil nooit wachten. Geloof is geen politiek. Geen omwegen voor God. Het is trouwens niet de eerste keer dat Hij draconische maatregelen treft voor bedevaartgangers van en naar Grenoble. Ook in 1973 gebeurde op dezelfde plaats een ongeluk met een Belgische bus waarbij zomaar eventjes 43 passagiers om het leven kwamen. De meesten waren toen afkomstig uit Bergen (Mons) en ik verwed er mijn klak op dat er bij de begrafenissen de Brabançonne is gespeeld. Neen, Leterme was er 34 jaar geleden nog niet bij. Hij wist toen als peuter zeker en vast nog niet dat hij het tot premier van België - Belgique zou schoppen.

Brr, het zijn zware dagen voor de Polen, voor de Kerk, voor God. Ook voor Leterme. Maar zeker en vast voor mij. Ik voel me niet zo lekker nu een vriend met wie ik vijf jaar intens heb opgetrokken, plots en onaangekondigd het tijdelijke voor het eeuwige inruilt. Waarom, blijf ik denken? Waarom is de dood zo onomkeerbaar? Omdat wij maar simpele mensen zijn? In een eenvoudige wereld? Waar alles eindeloos evolueert. Waar alles functioneert zoals het maken van een ei? Eens alles in de schaal zit, kan je het alleen maar breken. Er is geen weg terug. Het ei zal zijn of niet. Alles is aan de tijd gebonden. Duizend keer de Nobelprijs voor diegene die een wereld ontdekt waar de tijd niet geldt. Waar de tijd geen dimensie is. Waar tijd geen parameter is van gelijk welke formule. Hier op aarde kan je niet ontwaken of er is een dag voorbij. En op de koop toe word je er later op afgerekend. Zoveel keren slapen, zijn zoveel rimpels meer. Zoveel keer minder geheugen. Minder krachtige spieren. Minder soepel. Minder gegeerd. Oud is slecht. Oud moet weg. Er komt een tijd dat de oudjes gewoonweg met het vuilnis worden buitengezet. In onze decadente wegwerpmaatschappij is dat geen sciencefictionverhaal. In de film The Holy Grail (1975) wordt het voorgedaan. Monty Python is gewoonweg een kliek visionairs. Maar de dood van mijn vriend hebben ze niet kunnen voorzien. Blijkbaar niemand. Plots stond hij daar. Met een foto en wat tekst in de regionale krant Het Belang van Limburg. Enkele dagen voordat God kloek en boos een bus Poolse pelgrims liet verongelukken. Enkele dagen voordat Yves Leterme zich ferm verslikte in de Brabançonne. Allemaal krantennieuws natuurlijk. Op de kop. Op de één. Met foto. En straks moeten die politieke journalisten weer gaan paaien bij hun politieke influisteraars. Gas terugnemen. Er een draaitje aan geven. Ach, er wordt maar weinig onderscheid gemaakt tussen nieuws en nieuws. Dat zie je wanneer je vier verschillende kranten naast elkaar legt. Plooi ze open! Vier keer een andere interpretatie over Michael Rasmussen (Rabobank), de vliegende Deen in de Tour de France. En wat is er nu van Floyd Landis, de winnaar van de vorige editie van de Tour. Wie heeft de Tour de France 2006, de 93ste editie, eigenlijk gewonnen? Oscar Pereiro, de tweede van het klassement dopingzondaars? Misschien moeten ze de eerste plaats in de Tour afschaffen. Op die manier is er nooit een winnaar en hoeven ze niet per se zo te rennen en zich vol te spuiten met mens-overtreffende-middelen om nagenoeg 3.500 kilometer als de beesten op een fiets te kunnen rijden. Spurtbom Tom Boonen (Quick-Step) heeft het vorig jaar al in de Tour gezegd. Je kan geen 3.500 km geilen op een fiets op water en brood. Het is daarom niet voor niets dat Boonen maandag in Het Laatste Nieuws het opnam voor Rasmussen. Boonen weet wat hij zegt. En ik ook. Ik schreef jaren geleden al een column over de Tour: Miraculum Athleta. Column 123 van dinsdag 16 september 2002. Lees hem maar eens op mijn website. Ik neem er geen letter van terug en ik hoop dat de verwezenlijking van de gedachte in deze column ooit het levenslicht zal zien. Dan zullen de Duitse televisiezenders ARD en ZDF absoluut zeker weer aantreden voor televisieuitzendingen van de Tour. Vandaag hebben ze het reizende wielercircus van Frankrijk verlaten omdat ze zogezegd duidelijkheid willen over de dopingzondaars. Maar eigenlijk zijn ze gefrustreerd omdat hun Tourwinnaar van 1997, Janneke Ullrich niet mag meefietsen en dat na de achtste rit van deze editie ook Patrik Sinkewitz (T-Mobile) wegens te hoge testosteron eruit gekieperd werd. Ach ja, het zijn geen gemakkelijke dagen voor de Tour-wielrenners. Na zo'n fraude zit hun carrière erop. Wat moeten ze dan gaan doen? Veearts worden? Dan mogen ze hormonen spuiten. Maar daar zijn studies voor nodig eh! Soit!

Het worden ook geen gemakkelijke dagen voor mij. Een jonge man en vriend tot stof en as zien weerkeren naar Moeder Aarde is geen opgave om zonder witte handschoenen aan te pakken. Bovendien wordt het mooie beeld dat je van die vriend hebt altijd overwoekerd door een leger rotzakken die wel gewoon kunnen verder leven, die voorbijtrekken en lachen en van de ene naar de andere smeerlapperij zwalpen. Broek en buidel ver opengesperd. Ogenschijnlijk zijn ze zo gezond als een vis nog kan zijn in troebel water. Maar zij leven alleszins verder. Ze worden vlot zeventig, tachtig, negentig jaar! Sterven is voor hen niet direct weggelegd. Maar brave zielen? Die worden ziek. Gaan plots dood. Mijn vriend, geboren in 1965, is niet meer. Hij was een trotse man die ik graag vergelijk met de pianomuziek van Francis Poulenc. De muziek van Poulenc is het kwadraat van de wonderlijke pianomuziek van Frederico Mompou. Weliswaar ook vlotter, driftiger en veel, o zo veel meer impulsiever, zo oerdegelijk als de triomf die zich als een wervelwind door de straten van Wenen gooit. De muziek van Poulenc is een over-laden notenboom van lyrische, soms cynische en vaak humoristische muziek die zich altijd een weg baant in de donkerste hoeken van je geest en zich daar als een karakterherinnering nestelt. Het zijn guitige pianogeluiden die een ongekende levensblijheid vertonen en even later als een waterval naar de diepe ellende van de aarde storten om daar weer op te spatten als een trampolinedanser in optima forma. Hm, wie kan niet genieten van de Trois mouvements perpétuels van de meester Francis Poulenc? Wel, die permanente 'mouvements' was Tom. Tom had iets betoverends, iets adembenemends, maar tegelijk ook een dwalende geest, vooral bij bronnen en sprengen. Hij leefde vaak zoals een droom in het hoofd van een of andere ziel en hij kon nooit de begrensdheid verdragen noch bevatten van de daadkracht en de onderzoekingsgeest waarbinnen de mens gevangen is. En Tom droeg altijd het gevoel met zich mee dat het leven van een mens maar een droom is. Het leven? Sprookjes zijn het! Märchendichtungen van Johan Wolfgang von Goethe.

Kortom, mijn vriend... euh, ik bedoel, in Poulenc had Leterme zich nooit verslikt. En indien in de bus van al die arme Polen de muziek van Poulenc had geklonken, dan was de bedevaartstocht wellicht niet in een ravijn geëindigd. Maar ja, als, als, als... ach, als ik God was, dan moesten die Poolse sukkelaars niet op pelgrimstocht gaan, dan moest Leterme niet weten voor wat 21 juli precies staat, dan had mijn vriend niet moeten sterven, want dan zou ik van iedereen een mede-God maken. En dan kon het spel pas beginnen! Dan zou er werk aan de winkel zijn. Iedereen moest de ruimte in om in al die miljarden sterrenstelsels evenveel onbewoonde planeten vruchtbaar te maken om ze nadien te kunnen bevolken. Daarna zes miljard aardlingen op pad in de wijde kosmos om zich over een veelvoud van sterren en planeten te gaan verspreiden. Dan wordt 'Ga en vermenigvuldig u' pas een statement. Haha! Maar zover zijn we dus niet. Toch nog één verzoek voor als het ooit zover komt. Eén zonnestelsel zou ik graag noemen naar mijn vriend Tom. Niet te ver weg van de aarde. Want ik blijf hier, dat moet duidelijk zijn!


323. Geestelijke wellness (dinsdag 17 juli)

Betreft
Muziekcd CLOSE TO PARADISE van PATRICK WATSON (Canada)

Voorsmaakje
Surf naar www.madeinmtl.com en klik het filmpje The Port aan. Luister naar de begeleidende pianomuziek van Patrick Watson!

Voorwoord
Even gezweefd nabij een prachtige aura nabij Utopia X13. De vrolijkheid gooide permanent slierten glorie rondom mij, zoals in sprookjes een octopus zijn tentakels rond een piratenschip klemt. Het hemelse gevoel gelauwerd te worden in een paradijselijke ruimte, bracht me in een roes van overmoedigheid. Ook de onbevangenheid om echt gelukkig te kunnen zijn, gaf me vleugels. Lange tijd deinde ik op het ritme van de kosmische golven, maar toen de schaduwrand van de nacht me raakte, ontwaakte ik als uit een droom, verward en geketend aan verschijningen en fantasieën. Als een cocon zag ik het lauwe schijnsel van de ster die me eens zoveel warmte gaf en vooral de moed schonk te blijven geloven in de hoop en het vertrouwen dat een mensenleven kan versieren. Bruusk trok ik me los uit het kluwen van trouw en bewoog me snel naar mijn ruimtetuig. Ik startte de raketmotoren om te vliegen naar een volgende ster, nog in hetzelfde melkwegstelsel maar schijnbaar in de spiraal die de nevelen verplicht om steeds sneller en sneller de fotonen los te laten en zo... de tijd!

Beleving
Deze prachtige cd (2006) met dertien - hét geluksgetal - nummers waarvan Mr Tom de hoogste toppen scheert, is pure wellness voor de geest. De muziek van Patrick Watson laat je de pijn, de diepe pijn, de smartelijke pijn, de vier jaargetijdenpijn, de uitgestelde pijn, de verbijsterende pijn, de plotse pijn, de afvallige pijn, de banale pijn, de weemoed-pijn, de naïeve pijn, de woestijnpijn, de zinloze pijn... kortom de totale ontbinding van de pijn, horen! Onmetelijk en dierbaar onomkeerbaar en zinderend verdwijnen de muzieknoten in de talrijke valleien van de hersenkwabben om zich spoorslags via de elegantste weg naar de neocortex (het deel dat instaat voor de taal, het geheugen, het rationeel denken en het lerend vermogen) te zoeken, wars van de geest als federatie van onze hersenen. Herinner je je de beelden van de Niagara-watervallen? Wel, net zoals dit geschenk van de natuur en één der wereldwonderen stroomt de muziek van Watson onophoudelijk doorheen je brein. En als na 49 minuten en 45 seconden het spel van de muziekdrager is afgelopen, lijkt het alsof je hoofd zo leeg is als de baarmoeder van de Heilige Maagd Maria, de laatste druppel bloed uit je hersenen is weggevloeid, je ogen nog alleen zwart kunnen zien en je mond zo kurkdroog lijkt dat je haast denkt inderdaad een ordinaire kurk op een anonieme fles te zijn. En dan word je verdrietig. Zo verdrietig dat de wereld niet morgen maar nooit meer zal zijn, dat gehoorzaamheid en ongehoorzaamheid synoniemen zijn van elkaar, dat de onrust van het willen als etters openspatten op je huid, dat gelatenheid je onderdompelt tot op de diepste zeebodem, Socrates nooit heeft bestaan. Je wordt zo oneindig verdrietig dat zelfs de komst van Jezus, Jezus van Nazareth je nog niet zou kunnen troosten. Je krijgt het ijskoud en heet tegelijk en alle organen die je beseft te hebben, geven onhebbelijke steken en provoceren onophoudelijk de frêle huid. En als uiteindelijk de onuitspreekbare tevergeefsheid van je bestaan de bovenhand neemt, moet je willens nillens diep ademhalen en vult je hele lichaam zich ineens, zoals het omgekeerde van een ballon die wordt doorprikt, het omgekeerde van een waterdruppel die uit elkaar spat, het omgekeerde - in één nanoseconde - van een honderdjarige die sterft. Om kort te gaan: je beleeft je eigen hergeboorte. Geestelijke wellness pur sang

Nagenieten
I.
De zon graait door de ruimte
Scheert met haar stralen langs de aarde
Over zee, in diepe krochten, plots
De aarde gaat er met een vaart vandoor
Razend snel alsof ze de stralen wil ontwijken
Zoals woorden draaien rond de waarheid
II.
Ik gooi mijn ogen op de grond
La Terre
Ik zie de hele geschiedenis die ik ken
Gelezen, gehoord, gestudeerd
Ik zie de mensen lopen, vechten, bidden
Langs stromen en modderpoelen
Ik roep Jezus
Ook al ken ik Hem niet
Ik kijk omhoog
En zie in de schaduw van de zonnestralen
Een meteoor
Zeven kilometer bij zeven
De aarde gaat er met een vaart vandoor
De stralen volgen haar
Het kruispunt is nabij
De botsing onvermijdelijk
III.
Ik zie de doden die ik goed heb gekend
En waarvan krassen mijn ziel beroeren
Dagelijks als de duisternis valt
Ik zie de lievelingen die ik eens kon kussen
En in hun aanschijns miljarden anderen
Verrijzen uit de aarde
Als oneindig veel luchtbellen stijgen ze op
Met een plof uit de kluiten van La Terre
Ze verlaten The Port
Zweven rond om daarna
Voor eeuwig te sublimeren
In de lucht
De hemel
De aura van de aarde
IV.
Hoe groot mijn vreugde ook mag zijn
Als eens de noten van Patrick Watson
The Port verlaten
Verschrompelt mijn hart tot een kersenpit
Droefheid, mooie droefenis bekruipt me overal
Zoals kippenvel
Zoals haartjes op mijn lijf
Stokstijf bij nul graden
Het moment dat water ijs wordt
IJs begint te smelten
Precies dat overgangsmoment
Slaat de maat
En ik voel me zoals een zeilbootje
Die The Port uit-vaart
V.
Altijd en ik wik mijn tijd
Slaat mijn hart alarm
Als ik plots de muziek hoor van The Port
Patrick Watson op www.madeinmtl.com
In welke stemming ook
Ik sublimeer al bij de eerste noten
Van een mens naar boterkoek
Van een lijf naar honderdduizend atomen
Genen borrelen op
Aminozuren drijven weg
Ik grijp naar mijn dna-stick
En lach al zwevend in de ruimte
Het paradijselijke gevoel tegemoet
Dit moet de hemel zijn
Dit zijn de engelen
De boodschappers uit de kosmos
Die zeggen
Zo simpel is het leven
Zie dat als een toemaatje
Zo veel je kan
Zo veel je wilt
Zo lang je leeft
Duurzaam lang
VI.
Het nummertje The Port van Patrick Watson - op de website www.madeinmtl.com - is ongrijpbaar in woorden. Ook al gebruik je alle talen van de wereld, het muziekstukje van 1'52" kan je alleen maar horen. In het filmpje op de website is echter de volgende tekst van de hand van Ralph Dfourni bijgevoegd.
"Le Port de Montréal
est le plus vieux
d'Amérique du Nord
C'est le point maritime
le plus au centre
du continent
On y transporte
annuellement, plus de
20 millions de tonnes
de fret
Le Port de Montréal
et parmi les plus
achalandés et modernes
au monde."
VII.
De pijn
de niet pijnigende pijn
De droefenis
de niet ontstemmende droefenis
Het einde
het niet absolute einde
Als leven NIET berusten is,
dan heeft Albert Camus
The Port nooit, echt nooit gehoord!

Info+
www.PatrickWatson.net en www.Secretcityrecords.com

Met dank aan
Mijn schone broer David, die begin juli 2007 het muziekceedeetje Close To Paradise van Patrick Watson met het vliegmachine uit Toronto voor me meebracht.


322. Festina lente (dinsdag 10 juni)

Zo de wereld, de rijke aarde, naar mensennormen oneindig rijk aan van alles en nog wat en voorlopig de enige planeet om als mens op te leven. Kan ik echt niet vluchten, zo dat zou moéten? Met het verstand dat ik heb, kan ik toch alleen maar zijn wie ik ben. Vana spes vitae, 's levens hoop is vergeefs.

FAUSTISCH
Honderd mooie vrouwen
Kruisen mijn pad
Honderd mooie vrouwen
Kom ik tegen
     Ik zie ze graag
     Al weet ik niet of ze lekker smaken
     Ik wil ze hebben
     Maar ben bijna zeker dat het niet kan
Honderd mooie vrouwen
Op één rij
Een hoop vlees
De ene borst al wat dikker dan de andere

Moet ik echter alert zijn! Permanent? In principe is het gevaar, overvallen te worden door een leeuw of sabeltijger, voorbij. Maar het gevaar is 'vergeestelijkt' Het huidige gevaar moet bestreden worden met de hersenen. Even constant als ten tijde van de heilige mammoeten. Op elk moment ligt er een gevaar op de loer. En hoe ouder je wordt, hoe complexer het gevaar dreigt. Dies irae, dies illa, de dag van toorn, die vreselijke dag.

ESSENTIALIA
Een vrouw van wie je de stem
Niet kan horen noch zien
Noch ruiken en niet kan proeven
Is niets voor jou
     Met de stem begint alles
     Het is de deur tot de ziel
     Tot de liefde, tot de eros
     Met die ene vrouw
Je moet verliefd kunnen worden
Op die stem, die stem alleen
Zonder de vrouw te zien
Anders is elk contact hopeloos

Vijftig is de onherroepelijke scharnierleeftijd waarop opnieuw een evenwicht moet gezocht worden tussen het 'gevaar' en de 'veiligheid'. Maar evengoed blijft het fatum: dansen op de koord van Ariadne. Minder kloek dan als je veertig was. Minder stoer dan als je dertig was. Minder elegant dan als je twintig was. Op tien was er nog geen koord gespannen. Ex-tempore, vanuit het moment.

CONTENT ZIJN
Wellness, frisse salades, Thailand
Kus toch eens ferm mijn testikels
Kuren ver weg of dichtbij
Pover budget of luxueus
     Dé bakermat van het goed gevoel
     Ligt tussen jouw twee oren
     En niet in een massagesessie
     In een of ander boeddhahol
Met olie die je venustempel in druipt
Zalf die je stijve borsten ontspannen
Een tai-chisessie, naakt aan de oever
Voor vrouwen met aambeien tot aan hun knieën

Het leven leven, beleven en ervaren is nog nooit zó moeilijk geweest. Daar ben ik helemaal zeker van. Tegelijk is het ook héél mooi. Maar domweg gelukkig zijn, zit er niet meer in. Dus, festina lente, haast je langzaam.


321. Wa-aaa-ah-haaa-aah (dinsdag 3 juli)

So please, laat de dag beginnen als hij echt is. Dag worden, zijn. Licht worden, zijn. De miserabele dag. De prachtige dag. De opeenvolgende weerspiegeling van stupiditeiten. Herman de Coninck: "De wereld kan de pot op." De Coninck is dood. En vroeg of laat iedereen. Zijn leven bracht hem in zijn graf. Zijn liefde voor de poëzie ten spijt, hij is niet meer. Zoals alle doelmannen ter wereld die geboren zijn voor 1900. Goed, knap, sportief, glorierijk, onsterfelijk op het veld. Ze zijn dood. Sommigen sterven jong, anderen worden stokoud. Maar al bij al is het voor iedereen na een tijdje - we zijn eendagsvliegen - sowieso gedaan. Een ongelukje volstaat om elke groei te fnuiken. Je kan zingen om te imponeren en je kan dat doen tot je zestig bent, zeventig of zelfs tachtig jaar. Wie echter 'nu' zingt, zal dat in 2100 zeker niet meer doen. Dat geldt ook voor alle zangvogelsoorten die vandaag rond fladderen. Potentiële partners inbegrepen. Geen vogel wordt stokoud. Planten? Er zijn bomen en struiken die 1.000 jaar worden. Zij hebben wortels die teruggaan tot in de late middeleeuwen. Hun wortels zitten verwrongen in de gebroken lijnen van de aarde. Intussen gaat de grote wereldtrek almaar door. Wereldwijd ging het volgens de OESO-cijfers in 2005 over zo'n 3,4 miljoen migranten. Zij wensen niet te sterven waar ze geboren zijn. Volledig ontheemd houden ze op te leven op een goede dag, ergens op ongewijde grond. Op hun zoektocht naar een ander en beter leven. Binnen pakweg 100 jaar heeft elk leven van wie dan ook echter geen belang meer, goed of slecht. De tijd heeft het dan zonder meer gewist. Postuum leven? De postume dode heeft er geen sikkepit aan. Zelfs in het besef het te weten, blijft het einde van zijn of haar leven een onomkeerbare roeping. En wie zegt klaar te zijn om dood te gaan, heeft nooit bewust geleefd. De paradox van het leven is dat niemand wil dood gaan. Alleen het besef dat ooit ons zonnestelsel en zelfs ons melkwegstelsel zal dood spatten, geeft troost dat de menselijke dood kan aanvaard worden. Maar ondanks deze natuurlijke 'kosmatigheid', hopen wetenschappers en andere fantasten dat ze tegen 'die tijd' in staat zullen zijn om andere melkwegstelsels te bereiken, een andere planeet Earth te ontdekken. Om er wat te gaan doen? Er is geen sprookje dat eeuwig leven zalig maakt. Sneeuwwitje werd gered door een kus van de prins. Maar vandaag is ze evengoed dood. Ze is zo oud geworden dat ze één rimpel was. De rimpels aan haar ogen reikten tot aan haar dikke teen. Ze liep zo kromgebogen dat zelfs een muis over haar heen kon kijken. Geen prins die nog een kus begeerde van wat eens de schoonheid en de pracht was. Toen ze dat besefte, viel ze als een steen... morsdood. Maar vooral had ze spijt dat de dappere prins haar ooit gekust had. De tijd tussen dé kus en haar laatste ademgeruis was slechts het uitstel waar elke mens permanent op hoopt in de illustere gedachte dat hij dat sleutelmoment altijd weer kan uitstellen. Het is fantastisch om dat te denken. Toen de enige echte Tarzan of Johnny Weissmuller (1904-1984) stierf, huilde hij nog steeds als Tarzan die van boom tot boom slingerde. "Wa-aaa-ah-haaa-aah," of zoiets. De zwemkampioen van de jaren 20 van de 20ste eeuw was tijdens zijn laatste film toch beter uit een boom gevallen. Dan had hij zich de moeite bespaard voortdurend zijn icoon na te streven. Mag een mens dan niet oud worden? Tachtig? Negentig? Honderd? Of moeten we leven door de dood te verzwijgen? Het leven een droom? Eros en Thanatos? De nachtelijke sterrenhemel, de apocalyps, het jaar 1.000, 2.000 en 3.000. Het vergeten en de ontbinding. Mag een mens niet oud worden? Ik twijfel eraan. Ik weet het niet. Zolang ieder van ons denkt dat hij nog de eeuwigheid voor zich heeft, kunnen we verder bouwen aan ons leven. Wie zich ''onsterfelijk' voelt, moet verder leven. De Franse filosoof Jean-Paul Sartre vertelde in 1975 (Situations X) dat hij zich op 35 jaar onsterfelijk 'voelde'. Op 15 april 1980 gaf hij er de geest aan. Net geen 75 jaar oud geworden. Geleefd als de beesten. Geschreven als een waanzinnige. Tête-à-tête geleefd met zijn Simone de Beauvoir (1908-1986), ook al dood. Lang hebben zij beiden de dood ontweken en daarmee ook de vrijheid. De 'homo liber' van Spinoza, die ook de dood uit de weg ging. Maar wie de dood uit de weg gaat, leeft als een lijk. Ik denk spontaan aan al die honderdjarigen die van tijd tot tijd het televisiebeeld laten verrimpelen. Het zijn geen opgevoerde rariteiten, maar levende lijken. Met alle respect voor elke rimpel, maar wat heeft zo'n leven nog met hét leven te maken? "Reiziger," vertelt ons een Romeins grafschrift, "gij die onverschillig langs mij voorbij gaat, vergeet niet dat gij ook, hoewel gij flink doorstapt, hier zult belanden." Het is misschien een voorrecht van de hedendaagse mens om regelmatig honderdjarigen te kunnen aanschouwen om zo de eerste zachte uitdrukkingen van de ijlende tijd te zien, de ijlende tijd van de dood die fluistert dat alles voorbij gaat. Ook de herinnering want ook zij vervaagt en verdwijnt uiteindelijk.


320. Koffieroute (dinsdag 26 juni)

Regen in België. Stralingsgevaar in Griekenland. Al ruim twintig zonnedoden in de Balkanlanden. Het weer in Europa is unieker dan gedacht. Als ik moet kiezen, weet ik het wel. Ik ga op vakantie in Limburg. In i-City Hasselt bijvoorbeeld. Ik kan er draadloos surfen en met mijn 3G-gsm kan ik snel weten waar ik een hete suikerwafel kan krijgen, superbe koffie kan drinken en als toetje: overal prima onthaald worden. Lekker! In het Radisson-SAS-hotel - in de hoogste van de twee torens - kan ik rustig lezen hoe de mensheid in haar eentje veertig procent van de netto primaire voedselvoorzieningen en energievoorraden consumeert. Ik betaal er graag 2,5 euro voor een buitensporige koffie, geserveerd op een vliegdekschoteltje dat meer dan zestig procent snoepgadgets bevat. Allemaal in de prijs inbegrepen. Op mijn iPod luister ik naar uitgelezen vakantiemuziek van Roy Hargrove, Till Brönner en Elvis Costello & Allen Toussaint. Nu en dan draai ik vluchtig over het stuur van het hebbeding om foto's te bekijken van mijn schatten van kinderen die genieten van het leven met acribie. Ik drink nog een koffie en duik voor een korte literatuurafwisseling in Knack. Zeer kritische journalistiek die vaak de woordenkunstenaar Hugo Camps (van onder meer De Morgen) overstijgt. Het verschil? Hugo Camps doet zijn ding op een zakdoek groot, maar Knack-journalisten spinnen hun artikels bladzijdenlang uit en breien er dan nog een persoonlijke noot aan vast. Een voorbeeld? In deze SAS-Knack (nummer 25/2007) analyseren ze de 'Ontreddering bij de sp.a' aan de hand van getuigenissen van de Gentse burgemeester Daniël Termont door hem zelf de vinger 'in' de wonde te laten steken. Dus 'niet de vinger op de wonde', maar de vinger 'erin'. En daarna walsen ze een sp.a-kopstuk zo plat als een vijg. In dit geval: Patrick Janssens uit Antwerpen. Alsof het uitgesponnen artikel nog een tweede gezicht nodig heeft. Na zo'n artikel bestel je natuurlijk een mokka. Je stelt de waarachtigheid van de journalistiek weer in vraag en fronst de wenkbrauwen. "Te heet," vraagt een alerte ober. Hmm, gastvrij Limburg, het is grenzeloos. En na een tweede mokka word je al wat domweg dapperder in de veranderende wereld. De mensen rondom je worden vrolijker, regenvlagen worden buien en in dat microklimaat wordt het tijd om Hesse te lezen. Demian of Gertrud. Of waarom niet? Een gedicht van J.C. Bloem. Of de recent verschenen biografie over Jacques Bloem 'Van alle dingen los' (door Bart Slijper). De titel dekt meteen de lading van een Limburgse vakantie: een belevenis. Na het 'SAS' spring ik op mijn fiets en rij naar Electro Service in de knusse Maastrichterstraat. Ik maak er een vakkundig babbeltje over de schitterende hd-dvd techniek die er met alle service aan de man wordt gebracht, drink er een sympathiek espressootje en plof me even later neer in de bar van het Holiday Inn aan de Molenpoort nabij de blauwe boulevard. Drink er een blonde 'koffie verkeerd' en denk willekeurig aan Paris Hilton. Volgens De Standard het prototype van een dom blondje. Een meid zonder verstand, zelfs zonder slip, zonder inhoud en zonder wat dan ook, behalve geld. Mijn Lait Russe krijgt alzo een wrang nasmaakje. Ik vertrek. Richting Chocolaterie Boon aan de Paardsdemerstraat alwaar je de 'Chocolate Experience' kan beleven, maar evengoed de zogenaamde keutelkoffie kan drinken. Je weet wel. Uit Indonesië. Daar eet de civetkat rijpe koffiebessen, maar ze kan de koffiebonen niet verteren. Die worden dan uit de uitwerpselen gehaald, gewassen en geroosterd. De koffie wordt ristretto gezet en het geeft naar verluidt een kort maar indrukwekkend genoegen. Ik heb deze exclusieve ervaring nog niet meegemaakt want zo'n opperste koffiegenot kost twintig euro en dat is ongeveer mijn budget voor mijn 'short' koffiereisroute doorheen Hasselt. Bij Boon, waar ik steevast meer bladzijden schrijf dan lees, kom ik pas echt tot rust. Bij elke koffie serveert de baas er standaard twee pralientjes, een chocomousse en een glaasje water. Zit je er in het salonnetje, dan kan je als een slapende profeet in de toekomst kijken. In 2020 aanschouw je dan het einde van de oliereserves. Op verre bestemmingen zie je de toeristen braden door een plotse vulkaanuitbarsting of een té felle zonnestraling. Ozongaten maken trouwens dat je van tijd tot tijd moet schuilen net zoals je in sommige landen niet meer moet zijn vanwege terroristen- of burgergeweld. Ik slurp nog even van mijn dampende koffie... Meer en meer mensen zijn single en een gezin wordt meer uitzondering dan regel. De maatschappij stort in en gaat zoals Atlantis ten onder ergens in de Atlantische Oceaan. Een tsunami spoelt hier en daar een vuil land van de kaart en Paris Hilton is ondanks alles stokoud geworden. Huilend en met zeven lagen make-up treedt ze nu en dan op in Beautyfarm, de nieuwste attractie in Ooit Tongeren. Voor de rest kiezen de eenzame toeristen mondiaal ofwel voor het vakantieland bij uitstek China ofwel dwalen ze af naar Hotel Mama in Belgisch Limburg. Daar worden de ontheemde zielen permanent geknuffeld, gepamperd en krijgen ze te maken met een eeuwenoude gastvrijheid die intussen wereldwijd is bekend geraakt. Hotel Mama, gekoppeld aan de Wellness & Health Kliniek Virga Jesse Herk-de-Stad, ligt kortbij een holle weg die door de UNESCO is beschermd en waar je op natuurlijke wijze kunt gaan schuilen voor de ozon-zon. Ik lepel mijn chocomousse leeg en draai nog eens aan mijn iPod. Toots Thielemans Feat, Oleta Adams met Stormy Weather. Ik kijk buiten en zie dat ik geen hond door dit weer kan jagen. Ik bestel nog een koffietje met lekkere accessoires en schrijf in een roes van rust en complete onbekommerdheid mijn laatste woorden van deze dag, deze héérlijke dag:
"Moet een man
tjokvol koffie van de civetkat
geurend naar chocoladejenever
met een gespleten tong dichten
of schrijven
zoals gesmolten chocolade
vloeit?"


Top