|
|
|   |
Column 'Groeten uit Berbroek' - Columns 20 t.e.m. 29
20. PEILING (dinsdag 25 september)
Bij een kleine peiling naar de bekendheid van Berbroek deed ik een beroep op 4 Limburgse burgemeesters. Allen kregen 4 vragen voorgeschoteld waarvan de laatste een gokvraagje: Vanwaar kent u Berbroek? Ooit iets beleefd in Berbroek? Kent u iemand of iets uit Berbroek? En in welke afdeling voetbalt BS Sport (fusie Berbroek en Schulen). Burgemeester Ludwig Vandenhove uit Sint-Truiden kent als parlementariër Berbroek maar al te goed. Hij deed er ooit huisbezoeken en passeert er vaak als hij van Hasselt naar Diest rijdt. Hij kent er 'iemand' maar weet niet zeker of die nu in Berbroek of Schulen woont. Voetbal is echter zijn stokpaardje. Zowel in de competitie- als liefhebbersliga speelde hij verschillende keren op het veld in Schulen. "BS Sport is een topper in 3de provinciale," weet hij dan ook correct te vertellen. Burgemeester Jules D'Oultremont van Houthalen-Helchteren twijfelt of Berbroek nu bij Herk-de-Stad of Zolder hoort. "Tja, een gat in mijn cultuur," geeft hij grif toe. Ruim 20 jaar geleden had de burgemeester in Berbroek echter een collega wonen toen hij nog werkte bij de elektriciteitsfirma E.N.I. in Aartselaar. "Een zeer goeie collega overigens," lacht hij, "want hij dronk graag een pint." En BS Sport? "Zet die maar in 4de provinciale," gokt hij verkeerd. Van kwaad naar erger. Burgemeester Annette Stulens van Hoeselt heeft nog nooit gehoord van Berbroek. "Waar ligt dat?" probeert ze al lachend. Als ze de naam Herk-de-Stad hoort, verontschuldigt ze zich dat ze nooit in de buurt van Sint-Truiden komt. Of ze wil raden in welke reeks BS Sport voetbalt... "Ik gok op 4de provinciale," klinkt het twijfelend. Tot slot belde ik burgemeester Jan Verheyden van Tessenderlo. "Natuurlijk ken ik Berbroek," klinkt hij vol overgave. Ik fiets veel en wie veel fietst, komt overal. Dus ook in Berbroek. Een klein dorpje waar heel vroeger nog een depot van Romboutskoffie was. Maar verder ken ik er niemand of niets." BS Sport dan! "Die spelen in 3de provinciale," besluit hij mijn kleine peiling en hij wenst de Berbroekenaren het allerbeste op hun zoektocht naar bekendheid.
21. OKTOBER (dinsdag 2 oktober)
'Dag koele kikker oktober/met je beginnende winterhanden/en een krimpend perzikhuidje/op een bedje van scharlaken eikenloof'... Met dit vers uit zijn gedicht 'Oktober' geeft de nog onbekende Berbroekse dichter Leopold Laarmans de toon aan voor de maand oktober, poëzie- en literatuurmaand. Voor de rest gebeurt er in Berbroek niets, maar er brandt wel licht bij de grote broer Herk-de-Stad. In een kort gesprek met cultuurfunctionaris Wilfried Ramaekers kom ik snel te weten dat er ook in Herk-de-Stad een heel klein beetje gedacht is aan de poëzie- en literatuurmaand. Op 11 oktober houdt de schrijver Leo Pleysier een literaire lezing in De Markthallen. De Antwerpse schrijver was dit jaar nog een van de genomineerden voor de Gouden Uil (25.000 euro), maar zijn boek 'Volgend jaar in Berchem' moest uiteindelijk de duimen leggen voor de bellettrie van spekslager Jeroen Brouwers. Volgens cultuurfunctionaris Ramaekers kan Pleysier dus nog een steuntje in de rug gebruiken en dat krijgt hij deze keer van de brave Herkenaren. Een honderdtal als de opkomst net zo goed is als vorig jaar toen Walter Vandenbroeck op het Herkse podium stond. Niet slecht voor een gemeente die in 2000 nog 85.931 bibliotheekboeken uitleende. Maar voor oktober, de poëzie- en literatuurmaand, is het na Leo Pleysier afgelopen. En volgens Ramaekers zijn er in de toekomst geen verdere ambities. Een en ander heeft volgens hem te maken met de nieuwe wetgeving rond culturele centra van 'bleiterke' Bert Anciaux. Zijn nieuwe wetten maken dat Herk-de-Stad nog enkel lokale culturele opdrachten mag en kan vervullen. Voor de grote gebeurtenissen moeten de Herkenaren dus maar uitwijken met de gratis bussen van Steve Stevaert. Hebben die beleidsmannen dan geen cultureel respect voor de Herkenaren? Ach, ik lees maar verder in een verzameling gedichten van de Berbroekse dichter Leopold Laarmans: 'Zoveel eenvoudige mensen/zouden doodgewoon gelukkig zijn/zo ze simpelweg/het respect zouden krijgen/hetgeen ze werkelijk verdienen.'
22. TROMPET (dinsdag 9 oktober)
Neen, Berbroek heeft geen wapenschild noch herautsstaf noch rechte trompet met afhangend wapenkleed waarop heraldieke kleuren als sinopelgroen, azuurblauw of sabelzwart schitteren in de zon. Berbroek heeft dat nooit gehad alhoewel de oude, landelijke parochie al bestaat sinds 1308 als Berbruc en sindsdien stilaan metamorfoseerde via Berrebrouck, Berbrouk, Berrebroek, Beerebrouk naar het huidige Berbroek. Berbroek is dus een parochie met duistere wortels in de late Middeleeuwen waar wapenschilden nog schering en inslag waren. De middeleeuwse parochie Berbruc groeide gestadig en had wellicht een belangrijke hoofdplaats van 'iets' in Limburg kunnen worden, mocht de Franse omwenteling met de daarop volgende inrichting der kerken, Berrebrouck niet van haar voorrechten hebben beroofd. Want Berbrouk, toen een parochie van Het Land van Loon, werd plots weer gedegradeerd tot de rang die zij in de Middeleeuwen bekleedde. Berrebroek werd zo weer een bijkerk van eerst Herk-de-Stad en daarna (1805) van Schulen, alhoewel Beerebrouk toen al driemaal zo groot was dan 5 eeuwen geleden. Maar vergis u niet! Berbroek, tussen Demer en Herk, bestond en bestaat nog steeds uit drie buurschappen (Dorp, Reisbeek en Heide). En grote buurschappen vormden destijds een heerwagen. En aan elke heerwagen stond een burgemeester aan het hoofd. Zo kwam het dat er in Berbroek ooit twee burgemeesters regeerden. Eén voor het Dorp en één voor de overige twee buurschappen. Kun je je dat voorstellen? En ze zullen toen ook wel nodig geweest zijn. Je moet niet vragen hoeveel werk onze huidige burgemeester nu wel heeft. Burgemeester Paul Buekers moet anno 2001 in zijn eentje alle heerwagens van Berbroek, Donk, Schakkebroek, Schulen en Herk-centrum bestieren. Dat verdient een trompet! Een rechte trompet met afhangend tafelkleed waarop de officiële gemeentelijke kleuren rood én geel schitteren in de oktoberzon.
23. 16/10/1901 (dinsdag 16 oktober)
Vandaag, precies 100 jaar geleden, lazen uiteraard tal van gezinnen in Berbroek Het Algemeen Belang der provincie Limburg, de enige echte voorloper van Het Belang van Limburg. Van een gratis GoedNieuwskrant, waarin je nu leest, was toen nog lang geen sprake. Neen, die luxe kenden de mensen toen niet. De provinciale krant van donderdag 17 oktober 1901 (met het nieuws van 16 oktober, dus), die 2,5 frank kostte, telde twee grote bladzijden met groot en klein nieuws. Maar 100 jaar geleden stond er, net zoals vandaag, geen letter nieuws in over Berbroek. In dat opzicht is er gedurende al die jaren dus niet veel veranderd. Wel nieuws van dichtbij. Klein nieuws: 'In Zelck-Halen heeft men bij August Jacobs, bij middel van braak, eene som van ongeveer 3,000 frank gestolen.' En uit Lummen kwam hard nieuws: 'Zondagnacht heeft hier een gevecht plaatsgehad tusschen twee geburen. Een hunner, de landbouwer Swennen, bekwame eene afgrijselijke wonde in den buik en is Maandag overleden. De ongelukkige was gehuwd en vader van 6 kinderen. Zijn tegenstrever, die vader is van 5 kinderen, is door de gendarmerie aangehouden.' Ja, dat soort nieuws komt al een heel klein beetje in de buurt van de WTC-torens. Honderd jaar geleden, hé. Er was wel vreedzaam nieuws uit de brave gemeente Wellen: 'Uit ter hand te koop! Een huis, met schuur, stallen, bakoven, put, hof en nog te beplanten boomgaard... gelegen aan de Langenaekerstraat.' En olala, de varkens kostten per kilo, op voet, tussen de 0,96 tot 1,96 frank. Ik ben zeker dat daar toen nog geen gram MKZ aan vastzat. En de heren van Berbroek, die toen naar de markt in 'Thienen' fietsten, kochten er 26 eieren voor 2,28 frank, 100 kg aardappelen voor 12 frank en een kilo boter voor 3,20 frank. Hoeveel een pint bier kostte, staat niet in de oude vergeelde krant vermeld. Ach, het is allemaal lang geleden. Honderd jaar. Maar uit de krant van donderdag 17 oktober 1901 blijkt wel duidelijk dat Limburg een rustige gouw was, bijna net zo rustig als Berbroek... honderd jaar later.
24. WANDELING (dinsdag 23 oktober)
GROTESTRAAT. Een frisse wandeling in Berbroek op zondagochtend zal me goed doen. Een gezonde geest in een gezond lichaam, weet u wel. Na enkele stappen zit dat Afghaans gezin in mijn hoofd. Dat is zopas in Limburg een sociale woning komen huren en kreeg er op 16 september een zoontje bij. Hoe die nieuwe boreling heet?... Osama! Welkom in Limburg, Osama. Smaakt wrang, niet? Ach, kinderen. Wij noemen die van ons toch ook Merel en Arend, ook al kunnen ze niet vliegen. "Fwiet fwiet, lach eens naar lelijke oma." HEIDESTRAAT. Maar de angst zit er goed in bij de mensen. Zo ook het zwijgen. Lippen op elkaar. Niks riskeren door uw 'bek' open te trekken in deze duistere periode. Niet op het werk, want oproerkraaiers vliegen er in tijden van recessie het eerst uit. Niet op de weg, want dan slaan ze op uw smoel. Niet waar u woont, want dan stoppen ze een antrax-enveloppe in uw bus. Soms zelfs niet tegen uw vrouw, want dan hebt u wel beeld, maar geen klank. Altijd maar zwijgen. Een voedingsbodem voor frustratie. GROTSTRAAT. Oei, wat een lawaai in dat huis daar. Of is het een deuntje van Jimmy Frey... 'Duw een beetje, er kan nog eentje bij'. In Herk-de-Stad waren er vorig jaar immers maar 18 echtscheidingen. Dus, klop er maar op in de Grotstraat. NACHTEGAALSTRAAT. Is er dan geen goed nieuws? Jazeker, dankzij de Hollanders. Hoe drijft een Hollandse agent een betoging uiteen? Hij rammelt met de collectebus. Een Hollander tegen zijn vrouw: "Marij, giet eens een liter water bij de soep. We krijgen gasten." In een Hollands kookboek begint het recept voor een omelet met: "Men lene twee eieren..." Hoe vangt een Hollander een vlieg? Hij vangt er twee en laat er dan weer eentje vliegen. En waaraan herken je een Hollands schip? Er vliegen geen meeuwen achteraan. GROTESTRAAT. Ik zie mijn huis weer staan. Mijn twee kinderen spelen in de ochtendzon en lachen honderd meter ver. Engelenmuziek. Gadverdamme, mensen toch. We leven in de hemel, maar doen alsof we dagelijks moeten baden in het vagevuur.
25. MOELANG (dinsdag 30 oktober)
Ik wil er nooit bewust aan denken, maar op Allerheiligen kan ik er niet onderuit. Ik word dan versmacht door doden en chrysanten. Ik zie mijn lieve grootmoeder 'Moelang, Maria Verwimp' (13/12/1900-30/9/1990) dan weer lachen terwijl ze mijn elfendertigste pannenkoek bakt. Met de actualiteit van oorlogen en terreur zou ze korte metten maken want met twee wereldoorlogen in haar knoken kende ze als geen ander het klappen van de zweep. Zij wist dat één enkele kogel het verschil is tussen een tomeloze bundeling van gerichte energie en een slap en geknakt karkas. "Maar wat is dood?" filosofeerde ze graag. "Daarover ontbreken kennis en ervaring," zeggen wetenschappers. "Daar weten wij meer van," zeggen gelovigen. Mijn grootmoeder was daar nuchter in. Voor haar was de dood een van de weinige zekerheden waarmee wij leven. De dood is de onlosmakelijke tegenhanger van het leven. Ja, zo heeft ze dat gezegd. Mijn grootmoeder wou niet per se 100 jaar worden. Haar sympathie ging eerder uit naar die oude Inuit-indiaan, die weet dat hij niet meer aan de hoge waarden van het leven kan voldoen en daarom de dood verkiest. Mijn grootmoeder wou ook niet dat de laatste gang en het definitieve afscheid bij de kist in een bevroren en beklemmende stilte zou gebeuren. Helemaal niet! Wie haar liefhad, moest haar maar bezoeken en verwennen terwijl ze nog leefde. Want voor haar was er alleen maar de pijnlijke waarheid: dood is dood. Tranen voor een dode? "Wat zijn dat voor tranen?" vroeg ze me eens. "Wat is hun soortelijk gewicht?" Toch bad mijn grootmoeder tot haar God. Dagelijks en elke zondag vierde ze de mis met Radio 1. Maar na elk 'gesprek' zocht ze wel de confrontatie: "Hé daarboven, God, kijk eens naar beneden. En doe vlug iets. Niet voor mij. Ik ben al te oud...". Ach, ik woon nu in Berbroek. Mijn lieve lieve Moelang woonde in Langven (Oostham). Zij komt nog regelmatig langs met goede raad en een kwak pannenkoekendeeg. En overmorgen, 1 november, is het feest thuis, want dan staat mijn grootmoeder de hele dag lang aan het fornuis pannenkoeken te bakken.
| |
(Noot Laarmans: alternatieve tekst:
Ik wil er nooit bewust aan denken, maar op Allerheiligen kan ik er niet onderuit. Ik word dan versmacht door doden en chrysanten. Ik zie mijn lieve grootmoeder 'Moelang Maria Verwimp' (13/12/1900-30/9/1990) dan weer lachen terwijl ze mijn elfendertigste pannenkoek bakt. Ik zie ze de actualiteit van de dag bekritiseren. Met kennis van zaken, want haar radio was haar metgezel. Radio 1, nog altijd in de ether, maar zij is uitgezongen. Met de actualiteit van vandaag zou ze korte metten maken. Keihard objectief, wars van de huidige sensatiejournalistiek. Ik twijfel er niet aan dat ze de oorlog in Afghanistan zou veroordelen. Zij maakte er immers twee mee en kende dus het klappen van de zweep. Geweld heeft ze trouwens nooit goedgepraat, maar haar woorden waren wel veel scherper dan bajonetten en vooral veel juister dan de precisiewapens van Bush. Niet in een kerk, maar als Maria aan een bewasemde venster zou ze rechtstreeks spreken tot God. Na een 'Onzevader' zou ze Hem uitdagen: "Hey daar, gaat Ge nog iets doen of hoe zit dat met U?" En die luierikken van het onderwijs die nog kunnen, maar niet meer willen op hun vijfenvijftigste zou ze een trap onder hun broek geven. Zij heeft moeten werken tot ze er bij neerviel en toen de grote solidariteit moest werken, kreeg ze verdorie een armenpensioen. Geen kat die het toen voor haar opnam en minister Steve Stevaert was er nog niet om gratis elektriciteit te geven! Maar mijn grootmoeder had stijl. Veel meer dan die Mona Lisa in het Louvre. Mijn grootmoeder moest geen glimlach verbergen. Zij moest niet opgesloten worden in een betonnen doos met kogelvrij glas. Mijn moelang, dat was pas een vrouw van het volk en nog meer van haar kleinkinderen. Die droegen haar op handen en hebben ervoor gezorgd dat ze minstens tien jaar ouder is geworden dan God het had voorzien. Ik woon nu in Berbroek. Mijn 'moelang' woonde in Langven (Oostham). Zij komt nog regelmatig langs, met goede raad en een kwak pannenkoekendeeg. En overmorgen, 1 november, is het feest thuis, want dan staat mijn grootmoeder de hele dag aan het fornuis.)
|
26. ZEVERAAR (dinsdag 6 november)
"Zeveraar," riep de man op de Havermarkt in Hasselt naar mij toen ik naar de tweedehandsboekenzaak De Slegte stapte. "Dikke zeveraar," zette hij zijn betoog kracht bij. Ik stopte en zei: "Pas maar op met wat u zegt, want ik kan u aanklagen voor laster. Maar zeg eens, wat ligt er op uw lever?" De man aarzelde geen moment en kotste het er subito uit: "Jij bent een zeveraar die alleen maar over Berbroek schrijft in dat GoedNieuwskrantje van 't Belang!" Hmmm, daar zat het schoentje gekneld. Ik moest niet nadenken en antwoordde: "Dat is niet helemaal waar. Berbroek is in mijn column maar een pseudoniem voor een stukje hedendaagse samenleving waarover ik een mening heb die mogelijk ook elders in Limburg mag gehoord worden." "Zever," hield de man vol. En hij liep rood aan. "En als je nog één keer over die filosoof Flam schrijft, lees ik je stukken nooit meer. Ik versta daar geen kloten van." Jazeker, de man-in-vuur was een beetje grof in 't mondje en deze keer wees hij ook met zijn vinger dreigend naar mijn neus. Die zat goed vol en ik had veel zin om het opgespaarde snot over hem uit te storten. Maar de deontologie van een mens verbiedt zulke zaken. Ik hield het hoofd koel en vroeg de man waarover ik volgens hem dan wél moest schrijven. En alsof hij het had ingestudeerd, vielen de woorden als kwijl uit zijn mond: "Over mijn buren godverdomme, die hebben mijn appelen van de bomen gepikt. Over die bruin mannen in de straat en overal. Over die mislukte Afrikaanse ontdekkingsreiziger Johan Van Hecke... rotzakken zijn het. En ik maar betalen..." "Rustig, rustig," probeerde ik de man, die nu op een pleitende advocaat leek, te bedaren. "Voor die appelen lijkt een goed gesprek met de buren zinvoller," suggereerde ik, maar het vuurrood individu verwijderde zich nu snel als een komeet met de kreten "Zeveraar, dikke zeveraar". Met gebalde vuisten in mijn broekzakken ging ik De Slegte binnen. Goed nieuws voor de winkel. Ik kocht er voor 1.782 frank boeken. Zo kwaad was ik!
27. G-KWATSCHTOP (dinsdag 13 november)
Woensdag 7 november was het zover in Berbroek. In mijne residentie aan de Grotestraat hield ik nog snel voor de precaire WTO-top in Quatar een G-KwatschTop. De Italiaanse premier Silvio Berlusconi, zijn Britse ambtsgenoot Tony Blair en de Duitse en Franse leiders Gerhard Schröder, Jacques Chirac en Lionel Jospin waren niet uitgenodigd. Ook onze paarse trots Guy Verhofstadt mocht thuisblijven om uit te rusten van duizend-en-één-nachtreizen in het wankele kader van België als Europees voorzitter. Op mijn G-KwatschTop stond maar één agendapunt: evaluatie van de bloederige crash op de kapitalistische symbolen in Amerika op 11 september én de recessie die daaruit voortvloeide. Opmerkelijk tijdens deze Top was dat er geen antiglobalisten in de bolle straten van Berbroek betoogden. De Herkse politie bleef dan ook afwezig! Ook gek was het gegeven dat niemand van de G-KwatschTop het nog zó erg vond dat er ruim 5.000 onschuldigen waren gestorven toen Boeings de WTC-torens omvlogen. Iemand sprak zelfs van 'martelaren'. Kort daarop werd er fel gedebatteerd over de waarachtigheid van het oorlogsnieuws uit Afghanistan, de antrax-komedie en de rol van Arafat in de eeuwenoude Israëlische tragedie. Maar net zoals bij elke G8-Top werden ook bij deze G-KwatschTop geen duidelijke standpunten ingenomen. Nochtans twijfelde ik even over de goodwill van de schijnheilige rijke landen, die onder het mom van 'liberalisering van de wereldhandel' een en ander wilden rechttrekken! Eén belangrijke conclusie was tijdens de uiterst vreedzame Top in Berbroek wel gevallen: zowat alle wereldwijde kapitalisten, van heel klein tot very big, leven verder alsof er niks aan de hand is. Miljoenen mensen blijven sterven van de honger en aan simpele ziekten. Criminelen worden op tv opgevoerd als helden. Een doorgewinterde Franse prostituee schrijft haar smerige memoires en krijgt op de Boekenbeurs in Antwerpen een exorbitant forum! Uiteindelijk werd de G-KwatschTop nog zeer mysterieus afgesloten toen een lid van een vervlogen indianenland een geweldige catastrofe voorspelde waarbij 11 september maar een lachertje zou zijn... Van uw verslaggever ter plaatse,
28. GRATIS TAART (dinsdag 20 november)
Nu de sombere decemberdagen in aantocht zijn en lange donkere winteravonden voor de deur staan, is het tijd dat kinderen hun ouders meer dan ooit gaan bezoeken. Twintigers zullen met deze boodschap lachen. Dertigers al wat minder. Veertigers en vijftigers zullen de suggestie ernstig nemen. Ouders zijn immers de roots van elk kind. Ouders zijn de oorsprong van hun bestaan en nergens is het zo warm als thuis. Niks voor niks luidt het spreekwoord 'Oost West, Thuis Best'. En dat moet zo blijven. Ouders zijn de onmisbare schakel in het leven van ieder. Wie zijn ouders loochent, loochent zichzelf. Van schoolvrienden die vroeger over hun ouders praatten in de zin van 'onze ouwe' en 'ons zeur', nam ik spontaan afstand. Tussen ons kwam het nooit meer goed. Ik koester mijn ouders. Ik hou ervan en ik weet nu al dat ik ze nooit zal kunnen missen. Mijn vader (en schoonvader ook uiteraard) die mijn huis in Berbroek hielp bouwen, van diep in de kelder tot aan de hoogste nok. Mijn moeder, die me levenslang zo verwend heeft, dat ik nog eeuwenlang liefde kan doorgeven aan mijn eigen kinderen Sander en Sofie. Maar nu het december wordt en de avonden onmetelijk lang worden, moeten kinderen een tandje bijsteken. Ouders van een hogere leeftijd krijgen die avonden niet meer zo gemakkelijk omgeploegd. Om 16 uur kruipt de zon al onder de dekens en de televisie biedt minder en minder soelaas om een avondje tevreden mee te vullen. En vergeet niet! Er zijn er zeven in elke week. Kinderen die hun ouders gaan bezoeken, nemen best iets lekkers mee. Dat praat gemakkelijker. Ik wil in elk geval de eerste tien initiatiefnemers van een 'extra bezoekje ouders' een handje toesteken. Wie een mooi briefje of een gele briefkaart stuurt naar 'GOEDNIEUWSKRANT-GRATIS TAART' maakt alvast kans op een lekkere dikke taart van patisserie 'Nolens' uit Sint-Truiden. Geen gewone vlaai dus, maar een taart waar ouders zullen van opkijken. Wie een hart heeft voor zijn ouders, en een briefje schrijft, maakt dus spoedig kans op een telefoontje van de GoedNieuwsredactie. Succes!
29. KAMEREN (dinsdag 27 november)
In tegenstelling tot het politiek commercialiseren van de hoerenproblematiek aan de Chaussée d'Amour in Sint-Truiden, zijn de belastingen op prostituees in Herk-de-Stad tout court afgeschaft. De ene hoer is de andere niet! Er zijn wel degelijk statusverschillen tussen vrouwen in het milieu. Maar in Berbroek zal je geen vogelvrije vrouwen vinden. Je kan ze wel zelf meebrengen om van te genieten, want sinds geruime tijd kan je er aan de Steenweg, naast het wereldbekende Bowlingcenter, gaan 'kameren'. Zeven dagen op zeven, 24 uur op 24. Zes propere kamers, zonder weliswaar één Michelinster, wachten er op de Romeo's en Julia's van de 21ste eeuw. Slechts voor 1.000 frank per vier uur, huur je er een kamer. Overnachten kost dubbel. Wie zijn 'ster' eerst wil overgieten met champagne vooraleer ze af te likken, betaalt 1.800 frank per fles. Dat is dus goedkoop wippen in tegenstelling tot de hartverscheurend mooie vrouwen aan de Chaussée d'Amour die zich pas vanaf 2.000 frank laten pakken. En wie er champagne laat aanrukken, tast diep in zijn zakken: tussen de 7.000 en 10.000 frank. Dus, voor wulpse geesten is een levenslustige vriend(in) die wil gaan kameren in Berbroek de goedkoopste oplossing. De beste tips om avontuurlijk te wippen, verschijnen overigens met een tekeningetje in het exuberante en tweewekelijkse Maomagazine (ook op het internet: www.maomagazine.be). Maar vergis u niet. Niet de prostituees in bars of op straat tussen station en frietkot vormen een echte bedreiging voor een intact gezin (man, vrouw en mogelijk kinderen), maar wel dat 'goedkoop' kameren her en der! In een interview dat ik begin jaren 90 maakte met een veertigjarige straatmadelief in de rosse buurt van Antwerpen vertelde zij de volgende waarheid: "Niet de prostituees zijn de concurrenten van een echtgenote, maar wel die hete vriendinnen op het werk. Bij ons betaal je voor elke genegenheid en daarna is het afgelopen. Dan volgt een volgende klant. Maar wie met een collega gaat kameren, start automatisch een relatie die wel een begin, maar nooit een goed einde kent." Slimme hoer!
Top
|
|